Natuur en milieu                                                            Zoeken ? ( Cntrl + F )


29 juli 2005

Onderzoek en bescherming van zeeschildpadden

Paramaribo - Stinasu werkt samen met partners, waaronder WWF (World Wildlife Fund), NC – IUCN en de inheemse dorpen Langamankondre en Christiaankondre, om het onderzoek naar zeeschildpadden te bevorderen. Vier soorten zeeschildpadden nesten op de stranden van het Galibi Natuurreservaat.

Een zeeschildpad op het Galibistrand

Het zijn de Aitkanti, Krape, Warana en de Karet. Het bezichtigen van zeeschildpadden is één van de vele bezienswaardigheden die het Galibi Natuurreservaat de natuurliefhebber te bieden heeft.

Dit moet een duurzaam toerisme product blijven, zodat de staat Suriname inkomsten uit deze bijzondere toerismesector kan genereren en tegelijkertijd duurzame sociaal - economische ontwikkeling voor de lokale bevolking wordt bewerkstelligd. Dus moeten wij met zijn allen ervoor zorgen dat onze zeeschildpadden zullen overleven.

Het coördineren van wetenschappelijk onderzoek bestaat uit het opstellen van een biologische onderzoeksprogramma voor de zeeschildpadden, welke door de Onderzoekafdeling van Stinasu wordt opgesteld.

De activiteiten die worden uitgevoerd zijn: nagaan van de plaats waar zeeschildpadden hun eieren leggen, de soorten die komen leggen, het aantal geroofde nesten, het aantal aangespoelde dode zeeschildpadden en het verplaatsen van nesten die te dicht bij het water liggen. Een andere belangrijke wetenschappelijke activiteit is het aanbrengen van PIT-tags (kentekens).

Door het aanbrengen van een tag in de rand van één van de voorflippers kan:


26 juli 2005

Zeeschildpadden niet alleen populair bij toeristen

Paramaribo - Zeeschildpadden vinden nog steeds hun weg naar de stranden nabij Galibi. Het is jammer te moeten constateren dat deze eeuwenoude diersoort met uitsterven bedreigd wordt.

Zeeschildpad bezig eieren te leggen

De dieren, die niet alleen in trek zijn bij toeristen, schijnen ook veel aandacht te hebben van stropers die het gemunt hebben op de eieren. Afgelopen weekend spoelden weer een aantal schildpadden aan om hun eieren te leggen op het strand, soms honderden eieren tegelijk.

Dit is ook wel nodig aangezien de kleine schilpadden die net uit het ei komen, zeer kwetsbaar zijn. Zij lopen op hun weg naar de zee al het gevaar ten prooi te vallen aan vele dieren. Op de gebeurtenis van het eierenleggen komen veel mensen af.

Veel toeristen hebben er elk jaar weer veel geld voor over om de schildpadden van dichtbij mee te kunnen maken. Tijdens het seizoen waarin de zeeschildpadden eieren leggen, staan er vrijwel elke nacht groepjes toeristen de schildpadden van dichtbij te bekijken. Met hun camera in de aanslag wordt elke beweging van ze vastgelegd.

Maar niet alleen toeristen bezoeken het strand, de eieren van de zeedieren worden als lekkernij gezien. Ondanks dat het bij de wet verboden is, worden er elk jaar toch weer vele nesten leeggeroofd. Het is van belang dat men inziet dat het rapen van de eieren een bedreiging vormt voor het voortbestaan van de zeeschildpadden. (DS)


19 juli 2005

Vuilstorting onder Wijdenboschbrug

Paramaribo - Erger kan het niet. De vuilnishopen zijn op verschillende gedeelten onder de Jules Albert Wijdenboschbrug al duidelijk zichtbaar bij betreden van deze plaats. Kwaadwilligen hebben onlangs tegen beter weten in, huis- en trensvuil gedumpt onder de brug, waar mensen vaak gaan om te relaxen.

Districtsraadsleden Tjanderdat Chotkan en Chirmoti Mohan bekijken de hoop vuil onlangs door kwaadwilligen gedumpt onder de J.A. Wijdenboschbrug

Het vermoeden bestaat sterk dat het vuil uit Paramaribo afkomstig is. Bewoners hebben al vaker in de avond wagens gezien, die vuil vervoeren over de brug, richting Commewijne.

‘Terwijl we kinderen proberen op te voeden om ze te leren houden en schoonhouden van hun milieu, zijn er volwassen Surinamers die steeds weer geen goed voorbeeld weten te geven.’ De districtsraadsleden Tjanderdat Chotkan en Chirmoti Mohan van het Nieuw Front hebben zich gisteren ter plekke georiënteerd.

Aan de Bestuursdienst van Meerzorg is er gerapporteerd. Ook ten aanzien van het vuil op de steiger te Meerzorg is het een en ander met de Bestuursdienst besproken om een oplossing van het illegale vuil dumpen, te vinden. Volgens de DR-leden is de boosdoener op de steiger een winkelier die weldra in kaart zal worden gebracht. Er zullen sancties moeten komen bij wet tegen dit onmaatschappelijk gedrag.

Op de bewoners van Commewijne wordt er een beroep gedaan om kentekennummer van wagens, van zij die illegaal vuil dumpen, op te nemen en door te spelen aan de Bestuursdienst. (DS/Lloyd Djendji)


13 juli 2005

DC Landburg vraagt sluiting vuilstortplaats Zoelen

NIEUW AMSTERDAM - De vuilstortplaats te Zoelen in het district Commewijne is volgens waarnemend districtscommissaris Raymond Landburg een rampplek en moet daarom onverwijld worden afgebouwd en gesloten.

"Het is een verzamelplaats van ziektenoverbrengers geworden. Er huizen daar ratten, die zo groot zijn als awari’s en konijnen", zegt Landburg.

Afgelopen maandag heeft hij tijdens de beëdigingsplechtigheid van de ressortraads- en districtsraadsleden aan Chan Tilakdharie, lid van De Nationale Assemblee voor de VHP, gevraagd om zijn invloed aan te wenden dat de vuilstortplaats wordt gesloten. De reden waarom DC Landburg dit verzoek aan Tilakdharie deed, is omdat ook de overheid vuil en afval te Zoelen dumpt.

Het onoordeelkundig en lukraak storten van huisvuil, grofvuil en allerlei soorten van afval komt ook in sloten, trenzen en sluiswerken en tenslotte in de rivieren terecht. Vooral de ontwikkeling van welke vorm van toerisme dan ook zal in Commewijne hierdoor ernstig in de wielen worden gereden. Deze ontwikkelingen te Zoelen vormen een groot gevaar voor het milieu, voor de directe omgeving en voor de omwonenden in de respectieve ressorten aldaar.

In eerdere berichten over deze vuilstort is reeds melding gemaakt van het feit dat de vuilnisbelt gestadig de belendende asfaltweg van Nieuw Amsterdam naar Mariënburg, Ellen en Alkmaar opkruipt. De districtscommissaris heeft reeds een verzoek aan ondernemers in Commewijne gericht om met zwaar materieel ordening in de situatie te Zoelen te brengen en voorbereidingen te treffen om de zaak definitief dicht te gooien. De ondernemers die namens de staat vuilnis in Commewijne ophalen, zullen voortaan naar de vuilstortplaats te Ornamibo worden gedirigeerd.

Tilakdharie wees de districtscommissaris erop dat de vuilophalers hogere kosten in rekening zullen brengen voor de grotere afstand naar Ornamibo. In Commewijne is de vuilophaal door particuliere ondernemers een zeer onzekere factor. Dit heeft volgens ingewijden te maken met het slechte betalingsregime van de overheid. Ondernemers wachten vaak maandenlang op verzilvering van hun declaraties. Sommigen kunnen het niet uitzingen en rijden niet meer uit voor de vuilophaal.

Tilakdharie aan wie dWT het milieuvraagstuk te Zoelen voorlegt, temeer daar hij beleidsadviseur voor milieu-aangelegenheden is op het Ministerie van Volksgezondheid en tevens werkzaam is op het directoraat Milieubeheer, zegt hierover het volgende: "Wij moeten het er over eens zijn dat deze situatie te Zoelen zowel voor de woongemeenschap aldaar als voor het totale district Commewijne en voor het gehele land onaanvaardbaar is. Het onderhoud van de stortplaats is ongeregeld en er is helemaal geen controle of toezicht."

Het stuk land te Zoelen waar vuil wordt gestort, is slechts een smalle strook circa 250 meter breed tussen de asfaltweg en de Commewijnerivier. Tilakdharie gaf ook aan dat "haast elke dag 3 tot 4 wagens in de weer zijn in Meerzorg, Nieuw Amsterdam, Ellen, Mariënburg, Tamansarie en Alkmaar om langs de doorgaande wegen vuil op te halen". De binnenwegen kunnen door diverse oorzaken niet worden bediend.

Voor wat betreft de achterstallige betalingen aan vuilophalers zegt Tilakdharie dat er rekeningen over 2003, 2004 en 2005 nog niet aan de ondernemers zijn betaald. Hij zegt dat "onbegrijpelijk" te vinden. (dWT/August van Dijk)


9 juli 2005

Waarnemend districtscommissaris woest op vervuilers

TAMANREDJO - Districtscommissaris (dc)Raymond Landbrug van Marowijne neemt vanaf 29 juni 2005 het ambt waar voor dc Humphrey Soekimo die met verlof is. De Ware Tijd spreekt dc Landbrug te Tamanredjo alwaar hij een haastige supermarktstop maakt onderweg naar zijn standplaats Albina. Op de vraag of er zich gedurende zijn waarneming opwindende sociaal economische ontwikkelingen hebben voorgedaan, noemt hij de vele grondaanvragen en winkelvergunningen die worden ingediend en in behandeling genomen.

Als het milieu ter sprake komt, zegt Landburg geschokt te zijn over de ernstige mate van vervuiling van het milieu welke hij hier in Commewijne heeft waargenomen. Op de vuilstortplaats te Zoelen heerst er wat het bezorgen van het vuil ter plaatse betreft volledige anarchie. De berg afval versmalt de straat. De hele omgeving is bezwangerd van de stank van afval en bederf.

Te Voorburg is het weggedeelte dat enige jaren geleden aan de rivier werd opgeofferd door Openbare Werken, in een berg van afval en vuilniszakken verzonken. De rotzooi en de rommel zakt de rivier in en wordt door de stroom meegenomen in een eindeloos heen en weer gaande vloed- en ebbeweging. De rivier en de zee raken erdoor besmet. "Ons oppervlakte water is ernstig vervuild," zegt Landbrug met een zekere gelatenheid in zijn stem.

Maar het instituut van de bestuursdienst heeft via de districtsverordening toch een bepaald gezag waar ze mee aan het werk kan? Kunnen de bestuursopzichters niet ingezet worden voor controlewerkzaamheden?

"Ze zien mij al aankomen met die boetes van een kwartje en een tientje. Ik word vierkant in mijn gezicht uitgelachen. Aan die aanpassingen in de wetgeving moet in de Nationale Assemblee gewerkt worden. Maar die wetgevingsproducten zijn er nog niet. Ik heb gezien dat mensen die het op Schiphol niet zouden wagen om een propje te laten vallen, hier wild om zich heen smijten met afval. Alsof ze zich op die manier willen uitleven. Ik zou hier in Commewijne een boete van 500 US dollar willen geven aan zo een overtreder, net zoals dat in andere landen reeds gebeurt."

Landbrug is kwaad als hij aangeeft dat hij niet het vermoeden had dat de vervuiling van het milieu in Commewijne zulke ernstige vormen had aangenomen. De bermen van de Oost-Westverbinding zijn in rap tempo tot een langgerekte illegale dumpplaats voor vuilniszakken en zelfs afgedankte vrachtwagenonderdelen aan het verworden. Hij geeft aan dat ernstige vervuilers die worden betrapt, onherroepelijk het gevang in moeten.

Landbrug zegt te willen pleiten voor een zeer brede betrokkenheid van de media door goede voorlichtingsprogramma’s over het vervuilingsprobleem dat ons snel boven het hoofd groeit. Op de scholen moet er ruimte voor directe milieu-educatie worden ingelast. Aan het milieubewustzijn van leerlingen en studenten moet hard worden gewerkt.

De waarneming van dc Raymond Landbrug in Commewijne duurt tot 14 juli als d.c. Soekimo van verlof terugkeert. (dWT/August van Dijk)
 

2 juli 2005

Rode ibis stropers aangehouden

Paramaribo - Op dinsdag 28 juni 2005 werden tijdens reguliere controlewerkzaamheden van de Jachtopzieners van de Afdeling Natuurbeheer/LBB, nabij de monding van de Coppenamerivier enkele personen aangehouden, die de Jachtwet en de Vuurwapenwet hadden overtreden.

Zij hadden 139 rode ibissen, (95 volwassen en 44 jonge) bij zich. Deze vogels zijn door de Jachtwet volledig beschermd en de jacht daarop is niet toegestaan. Er is hier dan ook sprake van overtreding van de Wet Economische Delicten waarvoor er strengere sancties gelden.

Bij nader onderzoek bleek ook dat een van de stropers niet gemachtigd was een vuurwapen in zijn bezit te hebben. Hij had het jachtgeweer geleend, wat een strafbaar feit oplevert. Verder bleek dat de stropers de nesten en broedplaatsen van de rode ibissen in het Noord-Saramacca Beheersgebied en de het Natuurreservaat Coppenamemonding hebben verstoord.

De jacht op deze vogels is een strafbare handeling die zwaar wordt gestraft. Op jagers wordt daarom een dringend beroep de jachtkalender in acht te nemen en niet te jagen op beschermde dieren. Dit meldt de Sectie Educatie Natuurbeheer van de Dienst Lands Bosbeheer (LBB) in een persbericht. (dWT)


 

TOP