Zoeken ? ( Cntrl + F )
Natuur en milieu
27 oktober 2006
Stropers hebben nog vrij spel in Nickerie
Paramaribo - Uit controlewerk is vaak gebleken dat jagers zich vaak niet houden aan de Jachtwet van 1954 en het Jachtbesluit van 2002.
Dit zegt Ch. Dwarka die coördinator is van jachtopzieners in Nickerie. Dwarka doet een dringend beroep op jagers om de vereiste jachtakte en hun bijzondere vuurwapenmachtiging, die strikt persoonlijk is, altijd bij zich te hebben.
Controle is geen daad van vijandschap, vervolgt Dwarka. Een verstandige jager houdt zich zo aan de Jachtwet. De Jachtwet is bedoeld om enerzijds de wildstand op peil te houden en anderzijds jagers en andere gebruikers van het wild in staat te stellen duurzaam te kunnen jagen.
‘De Jachtwet is niet bedoeld om de jager en andere gebruikers van wild te duperen,’ zei Dwarka aan DBS. Zo is het ten strengste verboden om met kunstlicht te jagen en seti gons te plaatsen. Het plaatsen van seti gons is ernstig af te raden omdat dit volgens Dwarka bijzonder gevaarlijk is.
De jachtopziener heeft ook aangehaald dat er behoorlijk wordt gestroopt, maar dat zij verreweg niet in staat zijn om steeds uit te rukken vanwege de schaarse middelen die zij ter beschikking hebben. De stropers zijn hiervan op de hoogte en slaan munt uit deze situatie.
Volgens Dwarka worden bepaalde diersoorten met uitsterven bedreigd in het Bigipan Beheersgebied. De jachtopziener zei dat de lepelbek en de Blasman aan het verdwijnen zijn in het kustgebied.
Ook verschillende eendensoorten, snipjes en Rode Ibis worden niet met rust gelaten. Frequente controle kan niet uitgevoerd worden. Zo gaan zij een tot tweemaal per week naar het Bigipangebied wat haast niet voldoende is om de controle optimaal te houden.
Anderzijds zei Dwarka dat zij ook onderbemand zijn. Met vier jachtopzieners en twee vrijwilligers moeten zij een heel groot gebied bestrijken. Op een vraag of deze baan niet aantrekkelijk is, zei Dwarka dat het werk wel aantrekkelijk en boeiend is, maar dat het verschrikkelijk gesteld is met de salariëring van deze job, waar je echt op onbepaalde tijden moet werken en vaak ook onder barre weersomstandigheden, ver weg van huis. Dwarka sprak de hoop uit dat de autoriteiten de jachtopzieners eens beter zullen faciliteren. (DBS)
Wereldbank dringt aan op bescherming regenwoud
Paramaribo - Suriname staat op de tiende plaats van landen met het meeste tropische regenwoud. Dat meldt de Wereldbank.
Brazilië is lijstaanvoerder en Nicaragua sluit het rijtje af van de twintig landen die zijn opgenomen in een onderzoeksrapport. Guyana staat op de elfde plek en Frans-Guyana op de dertiende.
Om de oerwouden te behouden, dringt de Wereldbank er bij de betrokken landen op aan, haast te maken met de verhandeling van zogenoemde carbon-emissies, of de uitstoot van koolstof: hierbij betalen ‘vervuilers’ voor de uitstoot van broeikasgassen aan landen of organisaties zorgen voor behoud en beheer van oerwoud.
De aanmaak van extra zuurstof helpt de negatieve gevolgen van broeikasgassen te beperken. “Wereldwijde financiering van de carbon-emissies is een krachtige prikkel om ontbossing te stoppen”, zegt Francoise Bourguignon, senior vice-president van de Wereldbank.
Compensatie om ontbossing te voorkomen helpt ontwikkelingslanden bij het beter beheer van hun bossen en vergroting van nationale inkomsten. Op deze manier helpen de landen ook aan de beperking van klimaatveranderingen en wordt tegelijk aan armoedebestrijding gedaan.
Door ontbossing komt er veel meer koolzuurgas in de atmosfeer waardoor de temperatuur op aarde sneller stijgt. Wereldwijd wordt nog te veel aan kaalkap gedaan. Vooral in arme landen moet het oerwoud plaatsmaken voor landbouwgronden.
Tot ruim tien jaar geleden was het bosgebied van de Guyana’s nog relatief onbedreigd. De druk op de bossen neemt echter snel toe, onder andere door de slechte economische situatie in Guyana en Suriname. De grootste bedreigingen zijn de niet-duurzame bosbouw en mijnbouw.
Het Wereld Natuurfonds (WWF) wil dat het tropische bos in de Guyana’s gezond en veerkrachtig blijft door het bos op een duurzame manier te gebruiken voor sociaal-economische ontwikkeling. Daarom is enkele jaren geleden het initiatief genomen om de bossen te certificeren.
In Guyana is dit al aardig op gang. In Suriname is het proces in maart van dit jaar gestart. Het gaat niet alleen om bescherming van het bos, maar ook om het duurzaam beheer van concessies. Onder meer de planning, kap- en uitsleepmethoden worden aangepast aan standaarden van de Forest Stewardship Council (FSC) of Raad voor Goed Bosbeheer. Daardoor wordt het oerwoud zo min mogelijk schade toegebracht.
Houtproducten uit dergelijke bossen krijgen het FSC-keurmerk, waardoor consumenten ervan verzekerd zijn dat deze afkomstig zijn uit duurzaam beheerde bossen. (dWT/Vernon Texel)
26 oktober 2006
Ruim 20.000 zeeschildpadeieren in beslag genomen
Alvorens de schildpadeieren worden uitgebroed, worden ze door onverlaten meegenomen. Dit schildpadje is de dans ontsprongen.
Paramaribo - Natuurbeheer heeft dit jaar meer dan twintigduizend zeeschildpadeieren in beslag genomen.
Dat is tweederde meer dan in 2005, toen 12.000 eieren bij stropers zijn onderschept. De meeste eieren, 15.000, zijn in april 2006 in beslag genomen.
Een schrikbarende toename, omdat alle vier zeeschildpadden – de krape, warana, aitkanti en de karet– met uitsterven worden bedreigd en bij wet en internationaal beschermde diersoorten zijn. Vijf personen zijn aangehouden, vier minder dan vorig jaar.
Vanaf 2003 wordt de Wet Economische Delicten toegepast die de mogelijkheid biedt om stropers in verzekering te stellen en hen ook zwaardere boetes op te leggen.
“In de Overlegcommissie Galibi Natuurreservaat zijn afspraken altijd goed nagekomen. Stidunal – een lokale niet-gouvernementele organisatie – en de dorpsleiding hebben aangegeven dat ze voldoende voorlichting geven aan de dorpsgemeenschappen via hun eigen kanalen en dat de stropers justitieel vervolgd kunnen worden”, zegt Claudine Sakimin van Natuurbeheer dat valt onder de Dienst Landsbosbeheer. Ze sprak gisteren bij de opening van het achtste Regionale Zeeschildpaddensymposium.
WWF houdt een meerdaagse workshop over schildpaddenbescherming, waarvoor diverse organisaties uit de drie Guyana's zijn uitgenodigd.
Vertegenwoordigers van Suriname, Guyana en Frans-Guyana discussiëren er tot morgen over de effecten van onder meer de visserij op het voortbestaan van de zeeschildpadden. Ook natuurbeschermers uit Brazilië en Trinidad wonen de bijeenkomst bij.
In samenwerking met WWF-Guianas zijn er sinds 2000 projecten ontwikkeld om de dieren te beschermen. Hoewel de bescherming van schildpadden hoge prioriteit geniet, “moeten de menselijke ontwikkeling en de voordelen van de aanwezigheid van de zeeschildpadden op lokale gemeenschappen, niet uit het oog worden verloren”, benadrukt minister Michael Jong Tjien Fa van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer.
Hij verrichtte de opening van het symposium. De bewindsman deelt overigens wel het algemeen standpunt dat er meer moet worden gedaan om de dieren te behouden. “De regering kijkt daarom uit naar creatieve aanbevelingen die een win-winsituatie kunnen creëren.” (dWT/Vernon Texel/foto: Hijn Bijnen)
18 oktober 2006
‘Welvaart en ontginning natuurlijke hulpbronnen moeten in balans’
Paramaribo - Het creëren van welvaart, via de ontginning van natuurlijke hulpbronnen, en duurzaam behoud van het milieu moeten met elkaar in evenwicht zijn. "In deze overweging moet de sociaal-economische ontwikkeling van de bevolking niet verwaarloosd worden", zegt Dominiek Plouvier, de nieuwe WWF-Guianas regionaal vertegenwoordiger.
Afgelopen week bracht hij een beleefdheidsbezoek aan minister Lygia Kraag-Keteldijk van Buitenlandse Zaken (Buza). Plouvier vervangt de in januari vertrokken Michelet Fontaine, die vanaf 1998 tot dit jaar de functie bekleedde. Op 27 juni 2006 ondertekende Daniel McCall, WWF Guianas conservation director, de derde memorandum of understanding met Buza.
De vorige twee zijn met het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen getekend. Dit memorandum stelt WWF Guianas in de gelegenheid om te blijven bijdragen aan de doelstellingen van de Surinaamse overheid om de biodiversiteit van Suriname te behouden én ontwikkeling, welvaart en welzijn te brengen voor de mensen in dit land.
Plouvier is geen onbekende in Suriname. Hij begon zijn carrière in 1984 in Suriname bij de dienst Lands Bosbeheer, na afronding van zijn studie, Agricultural Sciences, met als specialisatie Tropical forest management, Timber use and nature conservation. In die periode werkte hij mee aan het gestalte geven aan duurzaam bosbeheer in Suriname.
Na drie jaren vertrok hij en werkte onder meer bij de FAO, de Europese Unie en verschillende ontwikkelingsorganisaties van Frankrijk, Nederland en België. De afgelopen jaren heeft hij voor WWF- België gewerkt als hoofd van het Bossenprogramma.
In die positie had hij het beheer over enkele grote projecten van het WWF Centraal-Afrikaprogramma in het Congo Basin. De activiteiten in dat programma waren onder meer het trainen van bosexploitanten in het verbeteren van de beheertechnieken.
"Het is belangrijk dat we samenwerken aan de ontwikkeling van de Guiana’s door het beschermen en behouden van de unieke biodiversiteit van deze landen, en zodoende helpen om de armoede te bestrijden", aldus Plouvier. (dWT)
14 oktober 2006
Nannigebied binnenkort natuurreservaat
NIEUW-NICKERIE - Alle betrokkenen bij beschermde gebieden in Nickerie mochten gisteren hun mening geven over voorstellen om drie gebieden een bijzondere status te geven.
Het gaat om de instelling van het Nannigebied als natuurreservaat, Mac Clemen en Snake Creek als bosreserves en het tussenliggend gebied als het ‘beheersgebied Noord-West Suriname’.
Het totale gebied beslaat zestienduizend vierkante kilometer en is rijk aan beschermde diersoorten als poema’s, herten, tamanua (reuzenmiereneters), verschillende soorten reigers en blauw-gele ara’s.
De Afdeling Natuurbeheer van het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB) hield gisteren een hearing voor stakeholders. Er was een inleiding over beschermde gebieden in het algemeen en de voorgestelde beschermde gebieden van noord-west-Suriname in het bijzonder.
Deze werd verzorgd door Ferdinand Baal, adviseur van het hoofd van de Dienst Lands Bosbeheer en coördinator van 'Creation of the North-Western Suriname Reserves’, een gezamenlijk project van Natuurbeheer en het World Wildlife Fund. De instelling van beschermde gebieden heeft tot doel om van alle bestaande ecosystemen een representatief deel te bewaren voor het nageslacht, vertelde Baal.
Hij belichtte ook de mogelijkheid om alle beschermde gebieden van noord-west-Suriname met elkaar te verbinden via een beheersgebied als Bigi-Pan. “Men kan in een beheersgebied wel activiteiten uitvoeren als landbouw, veeteelt en visserij, maar het moet zodanig geregeld zijn dat de ene activiteit de andere niet schaadt.”
Hendrie Karijoikromo, medewerker van het Multipurpose Corantijn Project (MCP), belichtte het belang van het MCP voor de totale ontwikkeling van noord-west-Suriname. Aan de orde kwamen ook de belangen van de waterschappen en van het Nannistroomgebied voor de waterhuishouding. Hierna was er een discussieronde.
De stakeholders zijn ingenomen met het nieuwe ontwikkelingsplan in het noord-west-Suriname gebied en hebben alle ondersteuning toegezegd om dit project te helpen realiseren.Beta Debidien
13 oktober 2006
'Groentjes voor een schoon milieu'
NIEUW-NICKERIE - ‘Groentjes voor een schoon milieu’ is het thema voor de ontgroeningsperiode dat gisteren is gestart voor de eerstejaars van de Scholengemeenschap Nickerie.
“Dit is de tweede achtereenvolgende keer dat voor dit thema is gekozen, omdat het een heel hot item is, vooral in ons district Nickerie”, verduidelijkt van Mike Dankerlui, leerkracht en coördinator van de ontgroeningsactiviteiten.
"Je moet jouw eigen omgeving schoon houden, doe je dat niet, dan veroorzaak je heel veel ziektes en wij als een derdewereldland hebben dat niet nodig." Hij vindt dat kleine epidemieën in Suriname, voor heel veel ongerief kunnen zorgen. Hij roept daarom de jongeren op het land schoon te houden.
Er is een lichte toename in het aantal leerlingen die voor het eerst de middelbare school bezoeken, de ‘groentjes’. De ontgroeningsactiviteiten zijn gestart met enkele bezigheden, onder andere schoonmaak van het schoolerf en vervolgens een lezing in de gymzaal. De Tan Faya Basi campagne en instructies over hoe je te gedragen in het steeds drukker wordende verkeer, waren ook onderdeel van dag één. De ontgroeningsactiviteiten worden morgen afgesloten. (dWT/Beta Debidien)
12 oktober 2006
Buurtbewoners verlost van stank
Personeel van Milieubeheer ruimen het vuil onder toezicht van de buurtmanager op.
Paramaribo - Recentelijk is vuil dat achter Princess Casino langs en in de Viottekreek door zwervers was gedumpt, met medewerking van buurtmanager Keshopersad Gangaram Panday en de directie van het casino opgeruimd. Om te voorkomen dat er weer vuil gedumpt zou worden, is er een zinken barricade daar gemaakt.
Nu de zwervers hun vuil niet meer op de oude plaats kunnen dumpen, wordt het vuil aan de overkant van de barricade naast pand nummer 6 gedumpt. Het vuil veroorzaakte een enorme stank, waardoor de bewoners genoodzaakt waren om hun deuren en ramen gesloten te houden. Na een telefoontje van een buurtbewoner en zich georiënteerd te hebben, werd dit vuil maandag verwijderd.
Het gedumpte vuil dat een enorme stank veroorzaakte
Deze opschoningwerkzaamheden zijn in samenwerking met Milieubeheer in de persoon van Leter, hoofd Onderhoud en Straatdienst, gedaan. De buurtbewoners zeggen te vermoeden dat het de winkeliers zijn die de zwervers tegen een karige betaling of eten hun vuil laten dumpen.
De bewoners zeggen zeer blij te zijn nu ze bevrijd zijn van de hevige stank en zeggen in het vervolg een wakend oog te houden. Adolf Chin A Kiem, één der buurtbewoners, zegt Milieubeheer en vooral de buurtmanager zeer dankbaar te zijn, die gelijk na geïnformeerd te zijn actie heeft ondernomen. (DBS/Santi Sieuw.)
9 oktober 2006
Asbest moet weg uit Nickerie en overige districten
Paramaribo - Onlangs vertoefde John Courtar van het ministerie van ATM met een NIMOS/ATM - delegatie in Nickerie om een start te maken met de inventarisatie van asbest in Nickerie. Voor zij Nickerie aandeden brachten zij ook een bezoek aan Saramacca en Coronie om de situatie aldaar in kaart te brengen.
De ATM - expert heeft aangegeven dat er een nationaal plan van aanpak op korte te termijn zal komen om dit probleem professioneel aan te pakken. De verwijdering en het transporteren van asbest moet volgens Courtar strikt volgens de richtlijnen van ATM/NIMOS geschieden, zodat er zich geen problemen voordoen.
In de planning ligt om het asbest van Nickerie te vervoeren naar Paramaribo. De delegatie bracht ook een bezoek aan de Openbare School III waar overgrote deel van de dakbedekking nog bestaat uit asbestplaten.
Asbest is een natuurlijk product. Het is een delfstof die wordt gewonnen in onder meer Zuid-Amerika, Rusland en Canada. Het bestaat veelal uit naaldvormige vezels die bij inademing ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid.
Behalve schadelijke effecten, heeft asbest ook enkele nuttige eigenschappen: het is makkelijk te verwerken met andere stoffen, het is goedkoop en hittebestendig. In de buitenlucht zweven ook asbestvezels. Die zijn er zo weinig, dat inademen geen gevaar oplevert. Risico's treden wel op als dergelijk materiaal in slechte staat verkeert of als de vezels niet goed gebonden zijn aan materialen.
Ook als asbesthoudend materiaal op een ondeskundige manier wordt gesloopt of bewerkt, kunnen miljoenen asbestvezels in de lucht komen. Het risico dat iemand ze inademt, is dan erg groot. Er zijn strenge regels opgesteld om dat te voorkomen.
Het inademen van asbest kan op termijn stoflongen (asbestose) of longvlies- en buikvlieskanker (mesothelioom) veroorzaken. In Nickerie slingeren er nog tal van asbestplaten rond die opgeruimd moeten worden. Wanneer de echte opruiming zal starten is nog niet bekendgemaakt. (DBS)
7 oktober 2006
Ondernemer deponeert asbestplaten in Paramaribo
Op deze foto is duidelijk te zien dat het om een grote partij asbestplaten gaat. Ook kunt u op de achtergrond de brokstukken zien
Paramaribo - Op de hoek van de Drambrandersgracht en de Zwartenhovenburgstraat heeft een ondernemer in een open opslagruimte asbestplaten gedeponeerd. De ondernemer heeft de nodige veiligheidsmaatregelen niet in acht genomen. Zo zijn de platen niet bedekt met goed sluitend materiaal.
Een deel van de platen ligt er verwilderd bij en kinderen gebruiken die platen als speelgoed. Het betreft meer dan honderd hele en kapotte platen. Deze platen zijn volgens buurtbewoners op zeer onverantwoorde wijze op de plek gedeponeerd. De arbeiders die met de werkzaamheden bezig waren, hadden geen neuskapjes op. De platen werden op de grond gesmeten waardoor een aantal kapot is gegaan. De resten zijn duidelijk zichtbaar.
De Drambrandersgracht is een kinderrijke buurt. Buurtbewoners die in eerste instantie niet wisten dat het asbestplaten betrof, lieten hun kinderen tussen en op de platen vrij rondspelen. Nu zijn zij als de dood zo bang om hun kroost op straat te laten spelen.
‘Ik laat mijn zoontje niet meer spelen. Ik ben bang dat hij straks ziek wordt,’ zegt Paulette Delph. Zij woont op het terrein waarop de platen zijn gedeponeerd. ‘De eigenaar heeft aan mij gezegd dat hij deze platen gaat door verkopen. Dus hij laat ze even hier.’ Intussen liggen de platen al langer dan drie weken op dezelfde plek.
De belanghebbende G., met deze kwestie geconfronteerd, wilde geen commentaar geven. ‘De buurtbewoners hebben absoluut geen moeite mee, want het staat niet bij de buurtbewoners,’ zegt ze. Ook wilde zij niet kwijt waarom de platen daar zijn gedeponeerd. Volgens de belanghebbende heeft geen enkele buurtbewoner zijn misnoegen geuit. (DBS/Gregory Rijssen )
Eigenares mini-mall des duivels
Chinezen dumpen vuil naast Mall
Oetra Sewgobind, eigenares van de in aanbouw zijnde Mini-Mall, met op de achtergrond duidelijk de gedumpte rommel
Paramaribo - ‘Die Chinezen aan de overkant laten gewoon hun vuil door iemand dumpen naast mijn perceel, waarop ik bezig ben een Mini-Mall op te zetten. Toen ik ze hierop attendeerde, zeiden ze doodleuk tegen mij dat het vuil niet van hen is, maar van de buren, terwijl dat helemaal niet waar is.’
Woorden van Oetra Sewgobind, eigenares van de in aanbouw zijnde Mini-Mall aan de Anamoestraat no. 19, die het niet leuk en netjes zal vinden wanneer haar zaakje de deuren heeft geopend voor het publiek. Het probleem is volgens haar in het jaar 2000 begonnen.
Zij benadrukte ook dat niet zij alleen, maar de hele buurt last ondervindt van de stank, die van de ‘stortplaats’ afkomstig is. Het perceel waarop er vuil wordt gedumpt, behoort aan de familie Soeng Ngie. Ze heeft de familie hierover gesproken, die haar had gezegd dat het perceel omrasterd zou worden, wat nog niet is gebeurd. Ze heeft meerdere keren haar beklag gedaan bij zowel de DC als het BOG, die wel zijn komen kijken, maar verder niets meer van zich hebben laten horen.
Volgens Sewgobind wordt het vuil in de avonduren verbrand, wat niet goed is voor de gezondheid en ook niet voor het milieu. De Chinees Li A Ming, die tegenover het pand van Sewgobind staat, heeft bevestigd dat er vuil wordt gedumpt op het terrein, maar dat er ook vuil van de buren daar tussen zit.
Tegenover de krant heeft hij ook aangegeven dat de politie al op de hoogte is gebracht van dit probleem. Die heeft hen geadviseerd de nummerplaten van de auto’s die daar vuil dumpen te noteren en door te geven aan de politie. Ook zei hij dat er 3 maal per week een pick-up langskomt om zijn vuil, die daar wordt gedumpt, op te halen. ‘Hij heeft niet de intentie om wie dan ook schade toe te brengen.’ (DBS/Zahier Azizahamad)
6 oktober 2006
Betere keuring vergroot voedselveiligheid
Voedselveiligheid wordt geinstitutionaliseerd
Paramaribo - Om de voedselveiligheid te vergroten wordt het toezicht daarop verbeterd. Suriname krijgt een Viskeuringsinstituut, Veterinair Laboratorium en Voedselautoriteit, zei president Ronald Venetiaan maandag in het parlement.
Aan de Ware Tijd verduidelijkt landbouwminister Kermechend Raghoebarsing, dat het Viskeuringsinstituut een zeer belangrijke instelling wordt. Dit instituut is in feite geen nieuwe instelling, omdat nu al viskeuringen gedaan worden die voldoen aan internationaal gestelde eisen.
Met de instelling van het Viskeuringsinstituut komt er een wettelijke basis voor activiteiten, als de heffing van keuringsgelden en andere vergoedingen. De Visserijdienst van LVV mocht eigenlijk geen gelden innen, maar heeft dat wel gedaan, erkent Raghoebarsing. “Dat heeft mede bijgedragen tot het probleem dat bij de Visserijdienst ontstaan”, verklaart Raghoebarsing de problemen waarin het ministerie in 2005 verzeild raakte.
Tegen enkele functionarissen zijn door justitie fraudezaken aangespannen omdat ze ontoelaatbare handelingen zouden hebben gepleegd. In 2001 is de Viskeuringswet afgekondigd die regelt dat in Suriname geproduceerde vis volgens bepaalde voorschriften gevangen, getransporteerd en verwerkt moet zijn, voordat geëxporteerd mag worden.
Op basis van deze wet worden door LVV certificaten voor kwaliteit en duurzaam milieubeheer verstrekt voor vis die voldoet aan de voorwaarden. Deze procedure maakt export van Surinaamse visproducten mogelijk, zonder de administratieve problemen die optreden bij de export van andere agrarische producten, weet de bewindsman. De moeilijkheden komen vooral voor bij de export van producten uit de veeteelt- en de land- en tuinbouw. Ook voor deze subsectoren komen er keuringsprocedures.
Het keuringsinstituut krijgt de vorm van een overheidsstichting. Het besluit daartoe plus de statuten worden binnenkort ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Ministers. (dWT/Ivan Cairo)