Zoeken ? ( Cntrl + F )
Natuur en milieu
30 mei 2007
Bewoners worden door eigen mentaliteit en houding gestraft
LAAT JONGEREN TRENZEN SCHOONMAKEN
Sinds 25 april wordt Suriname getroffen door extreem zware regenval. Vooral Paramaribo werd de laatste dagen van april getroffen door onophoudelijke regenbuien. Straten kwamen blank te zijn, winkeliers hielden hun zaken dicht en vele scholen zagen zich genoodzaakt de deuren te sluiten. In vele buurten was het verschil tussen wegen en trenzen en kanalen niet meer te zien. In mei werden meerdere districten getroffen door ernstige wateroverlast.
Volgens meteorologen van de Surinaamse Meteorologische Dienst, maar ook volgens diverse regeringsvertegenwoordigers, is de extreme regenval niet uitzonderlijk. Het is immers de grote regentijd. Een dooddoener voor de mensen die dagen achtereen tot hun knieën in het water zitten. Zelfs de klimaatverandering en dus de opwarming van de aarde worden als schuldigen aangewezen.
Politici in de Nationale Assemblee rollen over elkaar heen in de media om ook hun oppervlakkige kennis inzake waterbeheersing over tafel te gooien. President Venetiaan trekt de stoute laarzen aan en rept zich naar Plantage Vier Kinderen, zijn geboortegrond. Hij wil met eigen ogen zien wat wateroverlast veroorzaakt voor de bewoners. Het leed, de onhygiënische toestanden, het waterpeil in de huizen.
Venetiaan wil het leed voelen en loopt stoer als een heuse leider des volks door het smerige water om de lokalen een hart onder de riem te steken. En ja hoor, prompt verschijnen er veel Assembleeleden ten tonele die het maar niets vinden dat hun president alleen naar Para gaat. Waarom niet naar Commewijne? Waarom niet naar Coronie? Waarom niet naar Nickerie?
Ondertussen blijft het hemelwater in grote hoeveelheden de aarde bewateren. Ondertussen moeten vrouwen, kinderen, ouderen, iedereen, zich een weg banen door twintig, dertig, veertig centimeter hoog water in hun huisjes en op hun percelen en erven.
Natuurlijk is het zo, dat de regering in gebreke is gebleken: pompgemalen en sluizen zijn zeer slecht structureel onderhouden en kanalen en grote trenzen zijn de afgelopen jaren niet tot nauwelijks opgeschoond. Feiten. Vele trenzen en kanalen zijn overwoekerd. Duizenden kikkers en padden vinden er een goed leven in en dat laten zich ’s avonds en ’s nachts luid horen.
Bewoners zijn er vaak zelf de oorzaak van dat trenzen verstopt zijn geraakt. Het zijn immers de meest favoriete en voor de hand liggende locaties om hun eigen troep in te dumpen. De mensen vergeten dat veel afval niet vergaat, zoals de duizenden gedumpte petflessen. Op den duur kan het niet anders dan tot verstoppingen leiden.
Het zijn vooral die smerige, overwoekerde trenzen en duikers die er de oorzaak van zijn dat het regenwater alles doet overlopen. Het water in de trenzen kan geen andere kant meer op, dan naar de erven, over de percelen en de huisjes in. Het stroomt onder de deuren door en via afvoerputjes in badkamers de kamers in. Door het hoge water in de trenzen duiken er ook meer en meer aboma’s en labaria’s en zelfs kaaimannen op. Deze situatie is levensgevaarlijk.
Zijn de mensen zich ervan bewust dat veel van het leed door de wateroverlast wordt veroorzaakt door hun eigen handelen? Natuurlijk heeft de overheid een verantwoordelijkheid en had het ministerie van Openbare Werken op reguliere basis kanalen en trenzen moeten opschonen. Maar, hebben de mensen geen eigen verantwoordelijkheid om de trenzen rond de eigen percelen schoon te houden?
Wanneer gaan vele Surinamers inzien dat zij hun lege petflessen en ander huishoudelijk afval gewoon in vuilniszakken moeten doen en aan de straat plaatsen op de dagen dat de vuilnisophaal langs komt? Nu worden zij door hun eigen mentaliteit en houding gestraft: vies, smerig donker water op de erven en in de woningen.
Waarom kunnen bijvoorbeeld jongeren in buurten en wijken niet eens de handen uit de mouwen steken? Vaak zie je jongeren ’s middags en ’s avonds rondhangen voor de vele supermarkten en internetcafé’s. Ze maken plezier en dat is ze gegund. Maar, ondertussen lopen hun moeders wanhopig rond in hun door water ondergelopen huizen en dweilen zij met de kraan open.
Is het niet mogelijk dat hun kinderen eens de trenzen rond de percelen van hun ouders gaan schoonmaken? Maar, natuurlijk niet alleen de kinderen. Laat de mannen in de buurten en wijken eens hun hoofden bij elkaar steken om gezamenlijk de volle trenzen te ontdoen van het afval en dichte begroeiing. Het is een open deur……, maar als die deur wordt gesloten dan zal de wateroverlast beperkt kunnen worden. (http://sranan-news.blogspot.com)
29 mei 2007
Buurtbewoners debet aan vervuilen Tout Lui Fautkanaal Paramaribo - Bewoners in de buurt van de Martin Luther Kingweg en het Tout Lui Fautkanaal zijn debet aan de vele verstoppingen van dit kanaal. Dit wordt bevestigd door enkelen, die anoniem wilden blijven.
Volgens hen wordt er de laatste tijd veel geklaagd dat er sprake is van wateroverlast door de vele regens.
Door dit a-sociaal gedrag van de burgers is het kanaal nu bezaaid met petflessen, plastic waren en zelfs grofvuil. (DBS)
28 mei 2007
Expo Mulo-scholieren over schoon milieu
NIEUW NICKERIE - Leerlingen van het eerste en twee leerjaar van de Muloschool in Nickerie hebben vanaf januari tot nu tijdens de tekenlessen aandacht besteed aan het milieu.
De werkstukken die zijn vervaardigd, zijn te zien op de expositie die gistermiddag is geopend in Court Exelcior. Jeugdparlementariër Kajol Tahdil riep het publiek bij de opening op de expo te helpen promoten in alle buurten en scholen, zodat de mensen de werkstukken van de jonge talenten kunnen bewonderen.
"Alleen op deze manier kunnen wij onze jongeren stimuleren om verder te gaan", zei Tahdil. Zij ziet de expo als de eerste stap in die richting. Vikaas Girdharie, vertegenwoordiger van de Federatie van Beeldende Kunstenaars in Suriname (FVAS) zegt dat het onderwerp milieu door videofilmpjes bij de leerlingen is geïntroduceerd en zij hebben met veel enthousiasme twee- en driedimensionale werken gemaakt.
"De exposities en de posters moeten ertoe bijdragen dat een ieder in Suriname bewust wordt van de noodzaak van een schoon en zuiver milieu." Volgens Girdharie is dit programma onderdeel van het educatief project voor kunst en milieu van de FVAS. Het project is landelijk georganiseerd en heeft zo een tienduizend leerlingen van de Muloscholen bereikt.
In de paasvakantie was er al een expositie in Paramaribo met een selectie van werken van de schoolkinderen. Ze hadden door een eenvoudige druktechniek hun eigen voorlichtingsposters gemaakt over het milieu.
Girdharie zegt dat het FVAS heel tevreden is met zowel de werkstukken als de resultaten van de workshops in Paramaribo. De leerlingen hebben getoond dat zij niet oppervlakkig denken over de verschillende aspecten van de milieu problematiek.
Enkele treffende voorbeelden zijn de posters over afval in de afwateringskanalen, de bescherming van de ozonlaag, geluidsoverlast, luchtvervuiling en ontbossing. De expo duurt tot vrijdag. (dWT/Beta Debidien)
26 mei 2007
Petflessen verzamelen voor schoolreis naar Brownsberg
Global Beverages van het merk Para Springs bronwater is onlangs van start gegaan met een pilotproject onder 25 basisscholen, waarbij leerlingen een schoolreis naar Brownsberg kunnen winnen voor de meest verzamelde petflessen.
De inzamelingsactie, die alleen op scholen in Paramaribo wordt gehouden, ging van start, doordat de directie van Global Beverages bemerkte, dat er geen gezamenlijk initiatief kwam onder de aanbieders van petflessen in Suriname om deze in te zamelen voor hergebruik.
Behalve Fernandes is er geen ander bedrijf in Suriname, dat petflessen inzamelt en aan het buitenland aanbiedt voor hergebruik. Daarom is aan het project een uniek karakter gegeven door individuele leerlingen van 25 basisscholen te laten meedingen voor de hoofdprijs, een geheel verzorgde trip naar Brownsberg dus.
Van elke school zullen dat de drie beste leerlingen zijn met de meest verzamelde petflessen. Naast de 75 leerlingen zullen dus ook 25 begeleiders van de scholen meegaan. De keuze is gevallen op Brownsberg, omdat ongeveer 60% van de kinderen in Suriname nooit is geweest naar dit vakantieoord.
De inzamelingsactie zal duren tot 27 juli en zal na de evaluatie volgend jaar op een grotere schaal met andere bedrijven voortgezet worden. (de West)
25 mei 2007
Voorzieningen OW moeten Nickerie drooghouden
NIEUW-NICKERIE - Het ministerie van Openbare Werken (OW) is thans bezig maatregelen te treffen om het district Nickerie droog te houden tijdens de verwachte zware regenval van de komende dagen.
De loos- en aanvoerleidingen in de verschillende rijstpolders worden opgeschoond, zodat het overtollig water makkelijk en optimaal kan wegstromen.
Maheshwarpersad Badal, is sectiehoofd van OW in Nickerie. Hij legt uit dat zijn ministerie ook de verstoppingen in de diverse loosleidingen en trenzen binnen Nieuw-Nickerie en omliggende gebieden heeft te verwijderen en waar nodig uit te diepen.
De reguliere werkzaamheden zijn ook uitgevoerd voor het onderhoud van de infrastructuur. Het probleem van de verstopte duikers binnen Nieuw Nickerie zal ook worden aangepakt. De instructies zijn reeds gegeven hoe de werken uit te voeren.
Met het onderhoud van de infrastructuur van Nickerie zijn belast de ministeries van OW, Regionale Ontwikkeling en een belangrijk deel door het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij. Tijdens zijn recente werkbezoek aan het district zei OW-minister Ganeshkoemar Kandhai, zijn ministerie een aantal werken in voorbereiding heeft, waaronder het opschonen van de ongeveer 35 kilometer lange Surinamekanaal, dat dwars achter Wageningen loopt.
Dit kanaal is ongeveer 10 meter breed en vervult een belangrijke functie bij de irrigatie van het zoetwater van de Marratakkarivier naar de Inlaat Kunstwerken Uitbreiding Groot Henarpolder (IKUG) en de Hoofdaanvoerkanaal. “Dat wil zeggen dat de overheid ernaar werkt om de rijstarealen in het oostelijk deel van Nickerie beter te voorzien van zoetwater”, aldus Kandhai. (dWT/Beta Debidien)
Directeur Paramaribo Zoo: ‘Dood geen aboma’s’
Paramaribo - Met veel regenval is de aboma, een wurgslang, steeds vaker zichtbaar.
De directeur raadt aan dat wanneer er een aboma gevonden wordt, contact op te nemen met de dierentuin of om zelf de slang buiten Paramaribo uit te zetten. “Vooral in de grote exemplaren zijn we geïnteresseerd. De dierentuin telt op dit moment tien aboma’s. Het gaat om grotere en kleinere exemplaren.
“Mochten mensen van de slang af willen dan kunnen wij tegen een vergoeding de slang vangen. Als het een mooi exemplaar is dan houden wij het, anders wordt de slang buiten Paramaribo uitgezet.”
“De langste aboma die ooit in Suriname is gezien, had een lengte van 7,5 meter. De meesten bereiken een lengte van vier tot vijf meter. Hoe lang ze kunnen worden weet ik niet, het is een groeiproces en ze blijven hun hele leven lang doorgroeien,” vertelt Altenberg.
Naast de aboma wil de tapijtslang nog wel eens rondom huizen voorkomen. Deze slang kan ook rond de drie tot vier meter lang worden. Uit informatie blijkt dat de kans op een beet door de tapijtslang of een gifslang klein is. Een slang valt pas aan als hij in het nauw gedreven wordt en zich wil verdedigen.
Dokter Chan van de spoedeisende hulp (EHBO) van het Academisch Ziekenhuis geeft aan dat patiënten vooral conservatief behandeld worden. “Bij de Spoedeisende Hulp hebben we gemiddeld met negen slangenbeten per maand te maken. Er wordt bij een beet niet meteen een anti-serum toegepast, omdat een antigif eveneens nadelige effecten kan hebben.
De patiënt wordt wel direct aan het infuus gelegd en krijgt eventueel een pijnstiller. Vervolgens worden een bloedonderzoek en een uitwendig onderzoek gedaan en wordt een gesprek met de patiënt gevoerd. Naar aanleiding daarvan wordt een chirurg ingeschakeld en op dat moment wordt bepaald wat er precies moet gebeuren,” aldus Chan. (dWT/Maaike de Boer)
Parlementariër Ravales vraagt aandacht voor klimaatsverandering
Paramaribo - Het VVV-assembleelid Yvonne Ravales vroeg gisteren in het parlement aandacht voor de klimaatsverandering. Zij voegde er eveneens aan toe dat naast de minister van Openbare Werken, de minister van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu erbij wordt betrokken.
De bedreigingen die voortvloeien uit de klimaatsverandering dienen goed onder de aandacht gebracht te worden van beleidsmakers en zij dienen er ook daarom zorg voor te dragen dat er maatregelen hiertegen getroffen worden.
Zij pleitte eveneens voor het vergroten van het bewustzijnsniveau van de gemeenschap over deze kwestie. Het is beslist noodzakelijk dat er adequate stappen worden ondernomen tegen de dreigingen van klimaatsverandering. De planmatige aanpak van dit onderwerp is de issue die Ravales graag breedvoerig uitgelegd wil zien.
Ook werd door haar aan de orde gesteld, de pas geasfalteerde wegen die aangetast worden als gevolg van het feit dat na een hevige regenval het water blijft zitten. Van de vele zandwegen komen als gevolg van de regenval, zand in de lozingen en rioleringen terecht. Dit heeft tot gevolg dat de diverse lozingen en rioleringen verstopt raken, met alle nadelige gevolgen van dien.
Volgens Ravales is het van bijzonder groot belang dat de afvoerputten, rioleringen en lozingen op regelmatige basis onderworpen worden aan een onderhoudsbeurt. Echter, indien de dienstdoende instanties in gebreke blijven dergelijke werkzaamheden uit te voeren, leidt dit tot wateroverlast.
De afgelopen periode is het voorgekomen dat na een hevige regenval bijkans heel Paramaribo blank is komen te liggen. In bepaalde buurten was het zo ernstig dat het water tot in de huizen van de bewoners is binnengedrongen met alle negatieve consequenties, waarvoor de betreffende burgers zelf hebben moeten opdraaien. (DBS/Asha Bhagwat)
Strengere maatregelen tegen wildwestverkavelaars
Paramaribo - Projectontwikkelaars die zonder toestemming van het ministerie van Openbare Werken (OW) gebieden verkavelen kijken tegen strengere straffen aan.
Een scala aan maatregelen die OW-minister Ganeshkoemar Kandhai gisteren presenteerde in het parlement als onderdeel van het terugdringen van de wateroverlast in onder meer Groot-Paramaribo en Wanica. Uit het master ontwateringsplan blijkt namelijk dat dertien procent van het verstedelijkt gebied -ruim 30.000 mensen- geregeld kampt met wateroverlast.
Deze mensen wonen in 39 geïdentificeerde, vooral slecht gestructureerde en dichtbevolkte wijken, zegt de bewindsman. “Met de maatregelen willen wij de negatieve gevolgen van wateroverlast aanpakken waardoor irritaties kunnen wegblijven. Het probleem moet op z’n minst met 25 procent worden teruggedrongen”, legde Kandhai gisteren uit in De Nationale Assemblée. OW zal successievelijk voortgaan met de voorgenomen en uit te voeren projecten om de geïdentificeerde probleemgebieden te helpen.
Het bestaande afvoersysteem stamt af uit de koloniale periode en was bedoeld om 50 millimeter (regen)water in twaalf uren af te voeren. Dit bestaande stelsel is dan ook niet berekend op de nieuwe afvoersystemen die in de loop der jaren erop zijn aangesloten. Hoewel in grote delen van het stadscentrum rioleringen zijn ingezakt kan het probleem niet integraal worden aangepakt. De hele stad hiervoor afsluiten is namelijk geen optie.
Wel zullen uit een Indiase creditline nog eens negen pompgemalen worden gebouwd. “De wateroverlast is ook te wijten aan onverantwoordelijk gedrag van delen uit de samenleving. Afval wordt gedumpt in trenzen en rioleringen wat belemmering vormt in de afwatering met alle mogelijke gevolgen van dien”, benadrukt de OW-minister.
Over de in de volksmond bekende petflessen werkt het ministerie van Arbeid Tecnologische ontwikkeling en Milieu aan een oplossing om ze op een verantwoordelijke manier uit de roulatie te halen. Paramaribo heeft zich afgelopen decennia in hoog tempo uitgebreid naar het noorden en westen.
Door het dempen van oude grachten waar onder de Steenbakkers-, Drambranders-, Knuffels- en Limesgracht is de berging van water ook afgenomen. In het master ontwateringsplan is daarom opgenomen om het Saramaccakanaal als primaire watergang voor de ontwatering te hanteren. (dWT/Vernon Texel)
Simons wil CLAD- onderzoek bij O.W
Paramaribo - NDP- parlementariër Jenny Simons gaf gisteren tijdens haar redevoering in het parlement aan dat zij het voor het eerst heeft meegemaakt dat huizen en erven in en buiten Paramaribo twee tot drie weken lang onder water zijn. Volgens haar negeert de regering dit probleem compleet. “De regering heeft niets van zich laten horen.”
Dit is de reden geweest waarom zij behoefte had om deze kwestie in het parlement te brengen. De minister van Openbare Werken (O.W.) heeft ettelijke keren via de media aangegeven dat alle kanalen, goten en sloten zijn opgehaald, echter is dit volgens haar geenszins het geval, omdat bij de meeste gevallen gemerkt is dat er maar voor de helft is opgehaald.
Zij vraagt zich daarom af of de minister de mensen die dit werk moesten klaren wel of niet heeft betaald. Zij zegt zo haar meningen te hebben, omdat wij in het verleden ook zijn geconfronteerd met frauduleuze zaken met betrekking tot dit gebeuren. Volgens haar moet aan CLAD de opdracht gegeven worden om hiernaar een onderzoek in te stellen. Simons zegt langs een paar kreken gereden te hebben en geen vuil van dien aard gezien te hebben dat mogelijk kan leiden tot een verstopping van de kanalen en goten.
Ze geeft aan niet tegen te spreken dat de burgers ook debet zijn aan milieuvervuiling, maar ook hier is de taak van de regering weggelegd om er iets aan te doen. Naast het niet goed ophalen van de kreken en kanalen, speelt nog een ander vraagstuk een rol m.b.t. de ontwatering.
Er is namelijk voor de kleinere afwatering een deels open en deels gesloten riolering. “ En dat is het natuurlijke recept voor een ramp.” Zij is van mening dat het ministerie van O.W. en in de kwestie van Commewijne het ministerie van LVV ernstig heeft gefaald in hun taak wat betreft de ontwateringproblematiek. (DBS/Santi Sieuw)
17 mei 2007
(Ingezonden door P. Kraaijer)
Geachte President, Vice-President en ministers,
Sinds juni 2003 tracht ik te achterhalen hoe in uw land wordt omgegaan met (de opslag van) laag-radioactief afval. Daartoe heb ik onder andere diverse malen de directeur van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo benaderd, maar ook het Ministerie van Volksgezondheid. Nimmer echter heb ik enige inhoudelijke reactie mogen ontvangen.
Mogelijk weet niemand exact wat er met dat gevaarlijke afval gebeurd. Of verantwoordelijken weten het wel, maar realiseren zich dat niet op een juiste wijze met dat afval wordt omgegaan. Natuurlijk moet bij een aantal ministeries bekend zijn hoe wordt omgegaan met (de opslag van) laag-radioactief afval.
Gelet op het vermeende plan van de heer Chanderbosh Bisram om in het district Commewijne een klein type kerncentrale te willen bouwen (welk type overigens nog in een experimentele fase is), wil ik graag van de Surinaamse regering weten hoe op dit moment met radioactief afval wordt omgegaan. Het is natuurlijk van essentieel belang om, alvorens de heer Bisram ooit mocht starten met het uitvoeren van zijn plan, te weten of u beschikt over een strikte wet- en regelgeving inzake alle aspecten die te maken hebben met kernenergie.
Uit contact dat ik deze week heb gehad met het Internationaal Atoom Agentschap, IAEA, in Wenen blijkt dat u (lees: de Surinaamse regering) nog geen contact met dit agentschap heeft gehad in verband met het eventueel aanvragen van lidmaatschap. Een vertegenwoordiger van dit belangrijke atoomagentschap heeft mij verder laten weten dat er zeer veel komt kijken alvorens uberhaupt een kerncentrale gebouwd kan gaan worden. De heer Bisram heeft via de Ware Tijd onlangs laten weten dat de bouw van 'zijn' centrale in de tweede helft van dit jaar start. Dat is zeer ongeloofwaardig.
Laat onverlet dat de regering in dit stadium zich al verdiept zou moeten hebben in de pro's en contra's en het wezenlijke nut van de aanwezigheid van een kerncentrale in het land, afgezet tegen de vraag of uw bevolking gebaat is bij de komst van een kerncentrale. De centrale wordt immers slechts aangewend als energieleverancier voor een nog te bouwen aluminiumindustrie/hoogovens. Daarenboven is er het niet onbelangrijke vraagstuk van veiligheid, maar ook de vraag hoe om te gaan met het afval uit de centrale.
Overigens had de heer Bisram in april 2006 dezelfde plannen. Destijds had ik intensief contact met het NIMOS. Op verzoek van Nancy del Prado van dit milieu instituut heb ik toen een stuk opgesteld waaruit blijkt dat Bisram het niet zo nauw neemt met de waarheid. Mevrouw Del Prado zou dat document doorzenden aan alle ministeries. Uit vele publicaties en door journalistiek onderzoek blijkt dat Bisram in 2006 heeft gelogen over zijn vermeende contacten met onder andere het Energy Research Centre (ECN) in Petten (Nederland), Siemens in Duitsland en staalconcern Mittal.
Dit jaar verklaart de heer Bisram wederom allerlei contacten te hebben. Maar met wie hij nu feitelijk contracten heeft gesloten wordt niet bekend gemaakt. Wie gaat de kerncentrale bouwen? Wie en waar zijn zijn vermeende investeerders? Wie gaat de brandstof voor de centrale leveren? Is er al een veiligheidsplan opgesteld? Wat gaat er gebeuren met het kernafval? (uw wet verbiedt de import en export van radioactief afval)
Redenen genoeg om de heer Bisram op geen enkele wijze tegemoet te komen, daarvoor zijn er nu te veel open vragen en onzekerheden. De bouw van een kerncentrale vereist zorgvuldigheid, maar het traject vóór de bouw verdient meer zorgvuldigheid. Een kerncentrale bouwen is iets anders dan het bouwen van een woning op een perceel.
Op mijn internetsite treft u veel informatie aan over Bisram en zijn plannen, waaronder een reactie van hem vorig jaar op door mij aan hem gestelde vragen. Ook nu had ik de heer Bisram een aantal vragen ter beantwoording voorgelegd, maar hij hult zich deze keer in stilzwijgen.
Overigens zag hij onlangs kans om via - wederom - de Ware Tijd zijn blijdschap te uiten over het klimaatrapport van de Verenigde Naties. Hij ziet in dat rapport een bevestiging voor het nut en de totstandkoming van zijn plannen. Maar, in het rapport wordt kernenergie omschreven als een van de oplossingen voor het broeikaseffect op aarde en niet als DE oplossing. Het rapport vermeldt expliciet dat voor kernenergie eerst goed onderzocht moet worden hoe het afval op een veilige wijze kan worden opgeslagen.
Ik hoop dat de voltallige Ministerraad en de President en Vice-President deze brief willen bespreken en de plannen van de heer Bisram kritisch tegen het licht willen houden. Contact met het IAEA is zeer wenselijk.
Overigens kan ik mij niet voorstellen dat een ondernemer als Chanderbosh Bisram door de Surinaamse regering in de gelegenheid kan worden gesteld om een heuse kerncentrale te bouwen, met alle gevolgen en risico's voor uw bevolking vandien. Vele Surinamers nemen de plannen niet serieus, ook ik niet. Maar, toch vind ik het zinvol om alert te zijn en ik schroom ook niet om mij tot u allen te wenden.
U heeft de gelegenheid om de vermeende plannen van de heer Bisram te stoppen en ik hoop en verwacht dat u allen de wijsheid heeft om dat daadwerkelijk te doen en het onderwerp kernenergie als niet geschikt te beschouwen voor een land als Suriname. Een land waar zo veel mogelijkheden zijn voor andere vormen van schone en milieuvriendelijke vormen van energie verdient absoluut geen kerncentrale.
Ik zie uit naar uw reactie.
Paul Kraaijer
Bewoners Kuldipsinghproject ontevreden
Paramaribo - Buurtbewoners van het Kuldipsinghproject voelen zich gediscrimineerd door het ministerie van Openbare Werken (OW) als het gaat om de aanpak van de wateroverlast.
Wij wonen aan de Kwattaweg dus wij tellen niet. Zijn wij geen mensen, hebben wij geen recht om te leven in een buurt die niet onder water loopt?”, vraagt een boze buurtbewoner zich af. Volgens de omwonenden zijn de trenzen in de buurt lange tijd niet opgehaald, waardoor het water niet wegstroomt. De zogeheten ‘Kuldipsinghpomp’, die het water naar een hoofdtrens aan de Weg naar Zee moet pompen, functioneert niet optimaal.
Volgens Harvey Armand , die verantwoordelijk is voor de pompen, is een van de twee defect doordat een slang erin vastzat. De andere pomp is niet in staat het vele water te verwerken. “Eén pomp moet water uit het hele gebied pompen. De trenzen zijn helemaal dicht begroeid. OW heeft vaker toezeggingen gedaan om de trenzen op te halen, maar dat is in een jaar tijd niet gebeurd”, zegt hij.
Bewoner Albertine Bonapart: “Er zijn slangen en krokodillen hier in die trenzen. Als het geregend heeft loop ik onder water. Het kan soms dagen duren voordat het water wegtrekt. Het is hier een zwamp." Armand stelt de buurtbewoners deels ook verantwoordelijk voor het probleem, omdat ze flessen en een heleboel rommel in de aanvoertrens gooien. Deze vervuiling bemoeilijkt het onderhoud van de trenzen.
“Als de trens opgehaald moet worden, moeten de graafmachines op de erven van de mensen. Zij verlenen hun medewerking niet”, noemt Armand een ander probleem op. Echter weerspreken de bewoners deze aantijging. “Wij verlenen wel onze medewerking, maar wanneer men klaar is met werken laten zij een troep achter. Ook worden schuttingen vernield en dan moeten wij zelf voor de kosten opdraaien”, zegt Ingrid Banovo. (dWT/Ebu Jones)
8 mei 2007
Surinaamse regering heeft nog geen contact met IAEA
Zwolle - Het Internationaal Atoom Agentschap (IAEA) in het Oostenrijkse Wenen is nog niet door de Surinaamse overheid benaderd voor een aanvraag voor lidmaatschap van deze internationale organisatie. Dat heeft het agentschap laten weten aan de Zwolse volger van het Surinaamse milieu- en afvalbeleid Paul Kraaijer.
De Surinaamse ondernemer Chanderbosh Bisram liet op 16 maart via het Surinaamse dagblad de Ware Tijd weten dat hij nog steeds rondloopt met serieuze plannen voor de bouw van een klein type kerncentrale om daarmee een nog te bouwen aluminiumfabriek van energie te kunnen voorzien. Bisram ging zelfs zo ver door te melden dat de bouw in de tweede helft van dit jaar start en dat de financiering voor het project in Groot-Chatillon (district Commewijne) rond is.
Minister Lygia Kraag-Keteldijk van Buitenlandse Zaken kondigde direct aan dat zij op nationaal niveau een consultatieronde zou beginnen om over de plannen van Bisram te praten. Daarbij zou ook een eventueel lidmaatschap van het Internationaal Atoom Agentschap ter sprake komen. De bewindsvrouwe verklaarde dat onderzocht zou worden aan welke voorwaarden Suriname moet voldoen om zich aan te sluiten bij het IAEA.
Het bouwen van een kerncentrale vereist echter niet de toestemming van het IAEA, aldus een verklaring welke Kraaijer van de organisatie op 8 mei heeft ontvangen. ‘Het is een nationale beslissing om te starten met een nuclear programma’, aldus Ayan Evrensel van het IAEA. Evrensel benadrukt dat het haar leden, en dat zijn er inmiddels 143, vele voordelen oplevert. Zo biedt het IAEA aanzienlijke technische hulp biedt.
Verder beoordeelt het agentschap voor haar leden de economische levensvatbaarheid van een te bouwen kerncentrale en wordt kritisch gekeken naar de complete infrastructuur die nodig is om een centrale optimaal te laten functioneren. Evrensel deelt Kraaijer verder mede dat in samenwerking met het IAEA ook veiligheidsnormen en veiligheidsprogramma’s kunnen worden vastgesteld en dat wordt onderzocht of de fysieke omgeving waar de centrale gebouwd gaat worden passend is voor het gehele nucleaire complex.
Uit de reactie van het IAEA blijkt duidelijk dat er bij de bouw van een kerncentrale veel komt kijken. Het is dan ook, aldus Kraaijer, onwaarschijnlijk dat nog dit jaar gestart kan worden met de bouw van een kerncentrale in Suriname. Hij twijfelt zelfs aan de algehele haalbaarheid van de plannen en of de komst van een kerncentrale door de Surinaamse bevolking omarmd wordt. De plannen van Bisram voorzien niet in energievoorziening aan de bevolking, maar slechts voor een eigen – nog te bouwen - industrieel complex.
Begin deze maand liet Bisram nog weten dat zijn plannen in volle gang zijn en dat hij in zijn nopjes is met het nieuwe klimaatrapport van de Verenigde Naties. In dit rapport wordt kernenergie vermeld als een optie om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. De ondernemer ziet dit als een extra stimulans voor zijn plannen. Kraaijer vindt de reactie van Bisram voorspelbaar.
‘Hij vermeldt echter niet dat het VN-Klimaatrapport kernenergie niet ziet als dè oplossing voor het klimaatprobleem en dat nog vele zaken eerst goed onderzocht moeten worden, zoals het vraagstuk rond de opslag van radioactief afval.’, aldus Kraaijer. (http://sranan-news.blogspot.com)
4 mei 2007
Milieubeheer staakt om solobeleid Hassankhan
Paramaribo - Ongeveer tachtig veldarbeiders van Milieubeheer uit Commewijne en Saramacca die in Paramaribo zijn overgeplaatst, hebben gistermorgen het werk neergelegd.
Volgens bondsvoorzitter Henny Truideman wordt onvoldoende rekening gehouden met de afstand die de werkers uit de districten moeten afleggen. Hij stoort zich eraan dat de bewindsman veelvuldig ingrijpende beslissingen neemt zonder de bond hierbij te betrekken. Ook de staf zou nauwelijks worden geconsulteerd en worden haar adviezen genegeerd.
In het rondschrijven van 26 april van Stanley Mahadewsing, directeur van Milieubeheer, wordt de controle op de werktijden aangescherpt als voorloper op de instelling van de prikklok. Volgens Truideman staan collega's in Paramaribo gereed om zich solidair te verklaren met de stakers.
De situatie duurt voort totdat bond en minister tot een vergelijk komen. Hij geeft aan dat werknemers per beschikking zijn aangesteld in hun districten, maar zonder inspraak van de vakbond werden ingezet in de stad. De vakbond wil nu dat het afreizen naar en van Paramaribo binnen diensttijd geschiedt.
Ook de vele circulaires waarin steeds nieuw beleid van Hassankhan, zoals overplaatsingen en nieuwe taken, worden bekendgemaakt, stoort de werknemersorganisatie enorm. “Ik weet niet waar hij naartoe koerst”, ergert de vakbondsman zich. Het schept niet alleen verwarring, maar maakt dat Milieubeheer zich niet kan concentreren op haar kerntaken. Het gevolg was dan ook de overstroming die Paramaribo en Wanica vorige week trof.
Onderdirecteur Mansing Sewdajalsingh zegt dat hij geen officiële melding van de bond heeft gehad over de staking. Hij gelooft dat het knelpunt ligt bij de intekenlijst. Werkers uit de districten moeten nu met lede ogen toezien hoe hun collega's die lokaal werken, eerder thuis aankomen. Halen van veldwerkers uit Commewijne en Saramacca was noodzakelijk nadat Hassankhan besloot ook de stadsverfraaiing toe te schuiven aan Milieubeheer.
De zorg voor het verwijderen van zwerfvuil en onderhoud van bermen en secundaire trenzen, blijft bestaan. Sewdajalsingh zegt dat hij zelf na ziekteverlof is geconfronteerd met de nieuwe regeling waarin hij als algehele coördinator van de presentielijst is aangesteld. (dWT / Fenny Zandgrond / foto: Anthony Jankie)
Nog veel gebrek aan milieudeskundigheid
Paramaribo - In Suriname is er nog een braakliggend terrein aan kennis over invulling van milieuverdragen.
Mondiale problemen zoals biodiversiteit, klimaatverandering en landdegradatie kunnen dan op gecoördineerde wijze worden aangepakt. Dit moet via het zogenoemde National Capacity Needs Self Assessment (NCSA), gestalte krijgen.
Het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties, UNDP, ondersteunt het ministerie hierin en gaf uit het Global Environment Facility fonds ruim 200.000 US dollar hiervoor. Via het Capaciteit Ontwikkelingsinitiatief, een internationaal programma voor ontwikkelingslanden, zullen projecten worden uitgevoerd om Suriname te assisteren. Het land heeft namelijk het Klimaat-, biodiversiteit en landdegradatieverdrag geratificeerd.
Door tot deze internationale verdragen toe te treden zijn er verplichtingen voor Suriname op deze gebieden ontstaan. In het kader van de uitvoering van het NCSA-project houdt ATM een workshop om samen met belanghebbenden, waaronder het bedrijfsleven en niet-gouvernementele organisaties, te brainstormen om te bepalen op welke gebieden de capaciteit moet worden vergroot.
De stap van Suriname heeft ook te maken met punten opgenomen in het Agenda 21 document. Dit is een VN-programma over duurzame ontwikkeling. Het is een uitvoerig actieplan dat globaal, nationaal en plaatselijk door organisaties van de Verenigde Naties, de overheden en de belangrijkste organisaties op elk gebied waarbij de mensen het milieu beïnvloeden, moet worden nageleefd. Agenda 21 verwijst naar de 21ste eeuw.
Een ander belangrijk punt over het milieu is dat Suriname zo snel mogelijk het Kyoto Protocol wil ratificeren, omdat het wil behoren tot de landen die dit milieuverdrag al in werking hebben. Met de ratificering van het protocol schept Suriname voor zichzelf de mogelijkheid om zijn verdere ontwikkeling op een meer duurzame wijze aan te pakken.
Het Kyoto Protocol of Verdrag van Kyoto werd in 1997 opgesteld in de Japanse stad Kyoto en regelt de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Het is een vervolg op het Klimaatverdrag. Met het verdrag zijn industrielanden overeengekomen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen ten opzichte van het niveau in 1990. (dWT / Vernon Texel)
Tweede dag Global Watch Civil Society Forum
Inleiders vragen aandacht voor verantwoord waterverbruik
Paramaribo - Er kan veel misère voorkomen worden als meer mensen toegang hebben tot goede watervoorziening.
Deze mededeling deed Adrianus Vlugman van de Pan American Health Organization tijdens de tweede dag van het Global Civil Society Forum in de Congreshal. Nog altijd beschikt niet iedereen over de mogelijkheid tot goede watervoorziening, met name in Afrika zijn er nog grote problemen. In Suriname heeft bijna iedereen toegang tot veilig water.
Vlugman wijst erop dat de manier waarop er met water wordt omgegaan, velen malen beter kan. Over het gebruik moet goed nagedacht worden. De inleider wees onder meer op het doorspoelen van het toilet met goed water.
Een belangrijke boodschap die de sprekers op het forum deden uitgaan, is het effect van het individuele gedrag van de burger op de natuur. Ook hier is er nog een lange weg te gaan, maar de inleiders vinden dat elk individu haar deel moet doen om de doelen te bereiken.
Voor wat betreft de invloed van de natuur op het sociaal-economisch leven, gaan de deskundigen voor een preventieve aanpak, omdat daarmee veel geld bespaard kan worden.
Nancy del Prado, projectcoördinator ‘Klimaatverandering’ van het Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling in Suriname (Nimos), zegt dat de wateroverlast van afgelopen weekend weer eens heeft aangetoond hoeveel er nog gedaan moet worden.
Ze vraagt een duidelijke verbetering van de infrastructuur. “Het heeft niet alleen gevolgen voor de hygiëne maar ook voor de economie. De regen heeft ervoor gezorgd dat de ogen van de mensen weer geopend worden.”
Volgens Del Prado heeft de wateroverlast ook invloed op het behalen van de Millennium Development Goals. Als Suriname die doelen wil halen moet hij ook rekening houden met de situaties die zich nu voordoen, met name de gevolgen van de klimaatverandering,” aldus Del Prado. De workshop over de MDG’s wordt vandaag afgesloten. (dWT / Maaike de Boer / foto: Werner Simons)
3 mei 2007
‘s Werelds grootste regenwoud ...
krimpt 40% in vóór 2050
Paramaribo - Cubaanse experts hebben tijdens “The Amazon to the Caribbean by Canoe” expeditie voorspeld dat ‘s werelds grootste regenwoud, de Amazone, voor het jaar 2050 voor zeker 40% ingekrompen zal zijn alsgevolg van ontbossing en andere dreigende milieufactoren.
Deze ernstige bedreiging zal voor de mensheid een enorme ramp kunnen betekenen, zeggen de Cubaanse experts.
De problemen die zij 20 jaren geleden hadden geïdentificeerd, zijn nu meer dan ooit sterker merkbaar in het Amazonegebied.
De Braziliaanse wetenschapper Britaldo Silveira Soares-Filho meldt in het Britse tijdschrift “Nature”, dat als mensen niet van gedrag zullen veranderen en het regenwoud op een duurzame manier gebruiken, het Amazonewoud voor zeker 40% vóór het jaar 2050 verdwenen zal zijn.
Dit betekent dat de longen der aarde die nu een grootte meten van circa 5,3 miljoen vierkante kilometers, zullen afnemen naar 3,2 miljoen vierkante kilometers. Het Amazoneoerwoud dat ook omringd wordt door de Amazonerivier en haar basin, strekt zich dwars door acht Zuid-Amerikaanse naties w.o.: Bolivia, Brazilië, Colombia, Ecuador, Guyana, Peru, Suriname en Venezuela.
Het is dan ook het grootste tropische regenwoud in de wereld. Het wordt nog beschouwd als te zijn de rijkste plaats van de planeet met biologische reserves, bestaande uit miljoenen insecten, talloze amfibieën, reptielen, slangen zoals de krachtige anaconda wurgslang.
Ook huisvest het woud verder duizenden vogelsoorten met inbegrip van de kleurrijke macaw, de indrukwekkende toucan en de gonini. Grote zoogdieren zoals de jaguar en de puma vinden ook verblijf in het Amazoneoerwoud.
Verder bevat het Amazonewoud ook nog een verscheidenheid aan vissen w.o. de zo gevreesde piranha’s. Voorts zeggen de deskundigen dat er nog veel meer voorkomt in de mysterieuze Amazonejungle dat nog onderzocht en gecatalogiseerd moet worden. (DBS)
ATM legt milieuactieplan aan Ministeries voor
Paramaribo - Met de ratificatie van het Kyoto-verdrag in gedachten heeft het ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu (ATM) zeer recentelijk een milieuactieplan voorgelegd aan meerdere ministeries.
In dit plan is opgenomen dat de ministeries, elk binnen zijn eigen beleidsgebied, milieuaspecten veroorzaakt door klimatologische gevolgen, zullen aanpakken. Volgens ATM - minister Joyce Amarello-Williams zal haar ministerie een centrale rol hierin spelen.
Het betreft in deze de ministeries van LVV, HI, TCT, OW, VG, RO en RGB. Ook de particuliere sector is erbij betrokken. ‘Op dit moment, na alles wat wij recentelijk hebben gehad en na al het voorwerk dat we hebben verricht, hebben we een actieplan opgesteld. Vrijwel alles is met de desbetreffende personen en instanties besproken.
Alle actoren hebben hun commentaar geleverd en aan de hand hiervan moet ik het finale ontwerp heel spoedig binnenkrijgen’, aldus minister Amarello. Zij zegt ook dat door dit plan de ministers nu eindelijk zullen weten hoe er in voorkomende gevallen gehandeld moet worden binnen de eigen beleidsgebieden. (DBS/Gregory Rijssen)
2 mei 2007
Suriname toegetreden tot grote milieuverdragen
Paramaribo - Suriname is de afgelopen periode toegetreden tot de drie grote multilaterale milieuverdragen t.w. het klimaatverdrag, het biodiversiteitsverdrag en het verdrag voor landdegradatie. Deze toetredingen brengen met zich mee dat wij ons internationaal moeten houden aan verplichtingen.
Om invulling te geven aan deze verplichtingen is niet alleen de juiste deskundigheid vereist, maar zullen ook instituten die direct of indirect bij de implementatie van de verdragen betrokken zijn, institutioneel versterkt moeten worden.
Het ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu (ATM) is belast met de zorg voor het milieu en als medeverantwoordelijke van deze milieuverdragen heeft met de ondersteuning van de United Nations Development Programme (UNDP) en andere actoren, het projectdocument ‘National Capacity Needs Self-Assessment (NCSA) samengesteld.
Het NCSA- project wordt gefinancierd door de ‘Global Environment Facility’ (GEF), als onderdeel van de Capacity Development Initiative (CDI), waarbij er een schatting gemaakt is van de gebieden waarin capaciteitsvergroting vereist is.
Het doel van het NCSA– project is om op nationaal niveau de prioriteiten en behoeften voor capaciteitsvergroting te identificeren, zodat mondiale problemen in het bijzonder biodiversiteit, klimaatsverandering en landdegradatie op een gecoördineerde wijze kunnen worden aangepakt.
Ter uitvoering van het project is door het ministerie van ATM, Symbiont Consultancy als adviserend bedrijf aangetrokken. De projectleider hiervan is Janine den Hertog-Parisius. (DBS/Zahier Azizahamad)
GEEN GELD VOOR ONTWATERINGSPLAN PARAMARIBO
Ook de sport leidt onder wateroverlast
Een compleet ‘Beheer- en Monitoringplan’ voor een goede ontwatering van Groot Paramaribo ligt sinds 2002 te wachten op uitvoering. Het plan omvat alle beheersactiviteiten zoals inspecties, gegevensverwerking, onderhoud en management.
Hevige regenval zorgde ervoor dat de afgelopen dagen delen van Paramaribo blank stonden. Het openbare leven lag gedeeltelijk stil. Winkels en scholen waren gedwongen hun deuren te sluiten.
De wateroverlast werd vooral veroorzaakt door slecht onderhouden trenzen, duikers, riolen en pompgemalen. Voor de Surinaamse overheid heeft dat geen prioriteit. Ondertussen ondervindt de gewone Surinamer veel leed door de wateroverlast.
In opdracht van het Surinaamse ministerie van Openbare Werken hebben Broks-Messelaar Consultancy (Amersfoort), Sunecon (Paramaribo), Delft Hydraulics (Rotterdam) en DHV Water (Amersfoort) in het voorjaar van 2001 het Beheersplan opgesteld als onderdeel van het Masterplan Ontwatering Groot Paramaribo. Het gehele Masterplan is in 2002 voltooid.
‘Behalve een structureler beheer en onderhoud, omvat het Masterplan ook verbeteringsmaatregelen (oplossen hydraulische knelpunten) en adviezen over de organisatie van alles’, aldus Arjan Messelaar van het Nederlandse Broks-Messelaar Consultancy. Na voltooing van het Masterplan moest de uitvoering volgen.
Volgens Messelaar is de uitvoering de eerste jaren niet gelukt, omdat er onvoldoende financiering voor werd gevonden. Hij vervolgt: ‘En omdat ik nog steeds niets heb gehoord over de uitvoering, neem ik aan dat de uitvoering van het plan nog steeds op zich laat wachten.’ Voor het gehele plan was een raming opgesteld van de jaarlijkse beheerskosten.
Messelaar betreurt het dat er nu weer sprake is van ernstige wateroverlast. ‘Wat jammer, want van de ontwateringsinfrastuctuur in Paramaribo is zeker iets goeds te maken. Met een goed beheer en onderhoud kan al een aanzienlijk deel van de problemen worden verminderd.’, aldus Messelaar, als vakman reagerend.
Hij vervolgt: ‘Als mens denk ik: Zoals ik de Surinamers heb leren kennen, kunnen zij gelukkig, ondanks de wateroverlast, vast nog wel een brede lach op hun gezicht toveren. Toch is deze keer de kritiek vanuit de Surinaamse samenleving op de overheid hevig. In niet mis te verstane bewoordingen uiten vele Surinamers hun gevoelens over de wateroverlast en over de houding van de overheid onder andere op vele internetsites in Suriname en in Nederland. (http://sranan-news.blogspot.com)