Archief


Zoeken ? ( Cntrl + F )

Natuur en milieu


20 juli 2007

   Eerste publieke discussie over milieubeleid Suriname

Ingezonden door: Paul Kraaijer

Zwolle, Nederland - De eerste publieke discussie over het milieubeleid in Suriname heeft op 30 juni plaatsgevonden in Amsterdam Zuid-Oost. De VHP-Sympathisanten Nederland had besloten tot een dergelijke publieke bijeenkomst.

Centraal tijdens de bijeenkomst stond het algemene Surinaamse milieubeleid en de stand van zaken rond het vermeende plan van een Surinaamse ondernemer voor de bouw van een klein type kerncentrale. Ook ik mocht achter de forum-tafel plaats nemen. Gelet op - helaas - de inhoudelijke actualiteit van de door mij gesproken speech plaats ik deze hier volledig:

"Beste mensen,

Laat ik vooraf stellen, dat ik zeer blij ben dat er eindelijk op deze wijze gesproken wordt over het Surinaamse milieu en ook over de constant in Suriname opduikende plannen van een heer Chanderbosh Bisram voor de bouw van een klein type kerncentrale in het district Commewijne.

Ik ben uitgenodigd als zijnde een milieudeskundige. Laat ik u geruststellen; ik ben net zo min – denk ik – een milieudeskundige als u allen hier aanwezig. Wat ben ik dan? Ik zie mij meer als een betrokkene en als iemand die zich zorgen maakt over de wijze waarop in Suriname in algemene zin wordt omgegaan met het milieu. Ik heb geen zogenaamde milieu-achtergrond, maar meer een journalistieke en een maatschappelijk betrokken achtergrond.

Het was in juni 2003 dat ik mij voor het eerst stortte op het milieubeleid. In die maand deed de directeur van de Centrale Organisatie Voor Opslag van Radioactief Afval, de COVRA in Vlissingen, in de Tweede Kamer het voorstel om onder andere Suriname te willen helpen met de opslag van radioactief afval. Dit voorstel trok mijn aandacht. Radioactief afval in Suriname? Waar zou dat vandaan moeten komen? Hoe zou het nu worden opgeslagen? Om welke hoeveelheden zou het gaan? Allemaal vragen die ik mij stelde.

Academisch Ziekenhuis Paramaribo

Ik ging als een soort ‘onderzoeker in de dop’ zelf op onderzoek uit. We zijn nu vier jaar verder en nog steeds weet ik de antwoorden niet. Vele malen heb ik de directeur van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo benaderd. Dit ziekenhuis immers moet radioactief afval hebben.

Maar de heer Joemmankhan heeft nooit iets van zich laten horen. Tijdens mijn bezoek aan Suriname eind 2005 heb ik over deze materie gesproken met de directeur van het Bureau Openbare Gezondheidszorg, BOG, de heer Resida.

Ook hij kon geen duidelijkheid verschaffen. ‘Radioactief afval is geen prioriteit hier’, was zijn reactie en terloops zei hij nog dat in zijn kantoor in een afgesloten kamer oude röntgenapparatuur staat. Op mijn vraag wat daarmee gebeurd zei Resida ‘niets, het staat er veilig. Wij hebben niet de expertise om het apparaat te dismantelen’.

AZP-directeur Joemmankhan zwijgt over radioactief afval

Kortom, nog steeds vraag ik mij af wat er met radioactief afval in Suriname gebeurd.

De terughoudendheid waarmee in Suriname wordt gesproken over radioactief afval is veelzeggend. Misschien wordt er goed mee omgegaan, maar waarom komt er dan geen enkele reactie vanuit onder andere het Academisch Ziekenhuis Paramaribo? Is er iets te verbergen? Wordt dit afval met het reguliere afval gedumpt of verbrand langs de Weg naar Zee?

Tijdens mijn onderzoek de afgelopen jaren ben ik mij meer en meer gaan verbazen over de wijze waarop in Suriname wordt omgegaan met het milieu. Ik zal in het kort enkele zaken voor u aanstippen:

GOUDWINNING

Goudzoekers in Saramaccarivier

In het binnenland zijn duizenden – voornamelijk illegale – Brazilianen goud aan het zoeken in kreken en rivieren.

Veelal wordt hierbij gebruik gemaakt van kwik en andere chemische middelen. Die troep verdwijnt in het water van de kreken en rivieren.

Uit diezelfde rivieren en kreken betrekken lokale bewoners onder andere hun drinkwater, ze wassen zich in het water, doen de afwas in het water en wassen hun kleding in dat water.

Er is sprake van gezondheidsproblemen in het binnenland.


De grote Rosebel Gold Mines in binnenland vernietigt natuur

Voorzover ik weet is er nooit een onderzoek geweest in het binnenland naar het effect van door kwik verontreinigd water op de gezondheid van de bewoners. Zelfs tijdens de watersnood in mei 2006 werd hierbij niet stilgestaan.

AFVALVERBRANDING

Een ander aspect dat mijn aandacht heeft is het feit dat velen in Paramaribo hun afval als de gewoonste zaak van de wereld voor hun perceel op straat in brand steken.

Tijdens mijn laatste bezoek aan Suriname in januari van dit jaar zag ik met eigen ogen dat iedere avond de eigenaar van een supermarkt in Wintiwai zijn afval verbrandde aan de overzijde van zijn winkel voor het perceel waar ik verbleef. Iedere avond en iedere avond ook petflessen en plastic verpakkingsmateriaal.

Op deze wijze wordt dagelijks op vele locaties in Paramaribo afval verbrand

Alles in rook op en die smerige ongezonde rook en vonken waaien weg over de bebouwing en over de hoofdjes van slapende kinderen. Dit lijkt mij niet echt een gezonde situatie en het gebeurd werkelijk dagelijks.

Waarom al dat afval niet in vuilniszakken doen en aan de straat, tien meter verder, plaatsen zodat de vuilnisophaal het op woensdagen en zaterdagen kan ophalen? De man is erop aangesproken, maar hij gaat gewoon door….makkelijk toch en enige controle – zoals een buurtmanager – is er niet.


DUMPEN AFVAL

Veel afval, vooral pet-flessen, in Surinamerivier bij de Waterkant, Paramaribo

De wateroverlast die Suriname sinds 25 april tot de eerste week van juni heeft beheerst, heeft de aandacht gevestigd op het ‘afvaldump-gedrag’ van de bevolking.

Veel wateroverlast was namelijk het directe gevolg van het feit dat veel mensen afval, waaronder duizenden petflessen, in trenzen (greppels) en goten dumpen.

De trenzen, goten en duikers raken daardoor verstopt. Het vele regenwater dat is gevallen kon geen andere kant meer op dan over de rand. Huizen en percelen kwamen onder water en hier en daar was het verschil tussen een trens en een weg niet meer te zien.

Een onder water gelopen straat in Paramaribo in mei dit jaar

Natuurlijk kan ook met een vinger in de richting van de regering gewezen worden, terecht. Ook daar rust een verantwoordelijkheid voor het onderhoud en dus opschonen van trenzen en kanalen.

En wat te denken van nauwelijks tot niet functionerende pompgemalen? Kandhai (minister van Openbare Werken) zegt steeds op een kredietlijn uit India te wachten om nieuwe pompgemalen aan te kunnen schaffen.

Maar, ik ben van oordeel dat wanneer mensen nu eens eindelijk stoppen met het dumpen van afval in trenzen en goten, de wateroverlast in de toekomst minder is en dat de omgeving ook schoner en hygiënischer wordt.

Onlangs heb ik middels een opiniestuk geopperd om jongeren trenzen te laten opschonen. Laat ze een hark pakken en hun ouders helpen. Iemand reageerde hierop met de mededeling ‘wij hebben niet de tools’. Kom nou, iedereen heeft wel iets in huis dat lijkt op een hark en een kind dat voor een supermarkt of een internetcafé rondhangt….

Een van de vele buiten Paramaribo gedumpte autowrakken

Los van dit kleine afval, dumpen ook nog steeds veel mensen oude vrieskisten, koelkasten en zelfs auto’s in het milieu.

Zelfs langs de lange bauxiet-rode weg naar Afobakka tref je dit afval aan. ‘Gewoon’ vanuit de stad hier naar toe getransporteerd en gedumpt.
 
Zichtbaar vanaf de weg heb ik in januari van dit jaar op het kleine stukje weg van Zanderij richting de afslag naar Berlijn vier autowrakken gezien en dan heb ik het niet eens over alle andere gedumpte rommel….

ASBEST

Ook asbest duikt met regelmaat op. Van diverse scholen zijn in 2006 daken vervangen. De oude daken bestonden voor het merendeel uit asbestplaten. Asbest is, zoals iedereen weet, een kankerverwekkende stof. Maar, zolang een asbestdakplaat niet uit elkaar wordt getrokken kan asbest niet veel kwaad. Zodra het uit elkaar wordt getrokken komen asbeststofdeeltjes vrij. Bij de verwijdering van de oude dakplaten moeten arbeiders beschermende kleding dragen. Veelal is die niet aanwezig.

Kapotte asbestdakplaten school Johanna en Margaretha - Asbestdeeltjes komen terecht in regentonnen....

Voor een artikel heb ik een aantal aannemers en bouwbedrijven in Paramaribo benaderd. Zij erkennen de risico’s en vinden dat vanuit de overheid meer voorlichting moet komen over asbest. Opmerkelijk was het dat de bedrijven niet met naam in het artikel vermeld wilden worden. Bewoners maken zich zorgen.

Op een opslaglocatie van oude dakplaten in Paramaribo hebben kinderen met die asbesthoudende platen gespeeld. Er was geen beveiliging en de platen waren niet goed opgeslagen. Voor mijn artikel heb ik het Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling (NIMOS) om een reactie benaderd.

Het NIMOS beschikt immers over de nodige kennis inzake asbest. Het instituut, in de persoon van Cedric Nelom, wilde niet inhoudelijk reageren. Hij liet mij weten zich af te vragen wat de meerwaarde van mijn artikel zou zijn…. Overigens wordt het asbestafval een paar meter diep in de grond gestopt bij de bekende vuilstort Ornamibo….is dat het het probleem naar de toekomst verschuiven?

BAUXIET-INDUSTRIE

Gevolgen bauxietwinning omgeving Moengo

Tja….wat valt hier over te zeggen. Ik denk dat iedereen wel kan inzien dat deze grootschalige industrie zorgt voor grote kaalslag in het schitterende Surinaamse landschap.

Wie met Google Earth eens Suriname gaat bekijken vanaf grote hoogte ziet duidelijk de grote rood gekleurde open vlakten in het Surinaamse land: rond Paranam, Lelydorp en Moengo bijvoorbeeld.

Natuurlijk levert de industrie geld op, maar het meeste geld verdwijnt in de zakken van companies als Suralco en Alcoa.

De haven van Suralco, Paranam, aan Surinamerivier
 

Als een soort genoegdoening doneren de bedrijven af en toe wat US dollars aan goede doelen en werd onlangs samen met de natuurbeschermings-organisatie Stinasu een wandelpad bij de Suralco in Paranam geopend en nog wel door mevrouw Venetiaan.

En wat is het doel: de Surinamers kennis laten maken met de schoonheid van het land….met tegen de achtergrond de contouren van het gigantisch grote industriecomplex van Suralco.

Nu wordt onderzocht of het Bakhuysgebergte in West-Suriname ten prooi kan vallen aan de bauxietindustrie. Gaat dat door, dan is zelfs de grootste haven van Suriname gepland aan de Corantijnrivier om de bauxiet af te kunnen voeren.

Ook zijn er plannen voor het Nassau- en Lelygebergte in Oost-Suriname. En juist in dit gebied hebben onderzoekers in 2005 bijzondere diersoorten ontdekt. Dat werd wereldnieuws.

Tot slot nog even het volgende. De jaguar.

Een bedreigde diersoort. Helaas duikt dit mooie dier de laatste maanden meer en meer op in de omgeving van dorpen, zoals rond Zanderij. Op zoek naar eten en mogelijk door menselijke activiteiten van elders verdreven. Een aantal keren is een jaguar doodgeschoten. Aan de ene kant begrijpelijk, wanneer zo’n dier je hond, schaap of geit heeft gedood.

Maar, niet begrijpelijk wetende dat het dier beschermd is en dat het afschieten van een jaguar een laatste middel moet zijn en dan nog na overleg met ’s Lands Bosbeheer. Internationale natuurorganisaties die zich op het Zuid-Amerikaanse continent specifiek richten op de jaguar en die ik hierover had benaderd, zijn verbaasd over het doodschieten van jaguars in Suriname.

Ongestraft doodschieten beschermde jaguar kan nog steeds in Suriname...

Onlangs heeft het Wereld Natuur Fonds Guianas zich uitgesproken tegen het doden van de jaguar, eindelijk.

Ik heb een aantal organisaties met elkaar in contact gebracht om te zien of zij gezamenlijk wellicht een onderzoek kunnen starten naar de jaguarpopulatie in Suriname.

Ook Stinasu had ik benaderd, maar die deelde met zoveel woorden mede niet blij te zijn met de bemoeienis van een bakra…..alsof in Nederland alles zo goed is geregeld was feitelijk de reactie.

En dat, terwijl ik de organisatie alleen had benaderd met een paar vragen over de jaguarpopulatie in Suriname voor een te schrijven artikel, niets meer en niets minder.

Ik zou nog uren voor u vol kunnen praten. Essentie van mijn betoog is, dat veel van wat in Suriname nog niet goed geregeld is voor wat betreft milieu- en afvalbeleid te maken heeft met mentaliteit en voorlichting.

Mentaliteit is niet een, twee, drie te veranderen en voorlichting kost geld. Maar, alle beetjes helpen. Mijn verhaal is wellicht wat te zwart neergezet, maar de inhoud ervan is serieus en ernstig genoeg om het op welke agenda dan ook geplaatst te krijgen.

Er zijn echter ook positieve ontwikkelingen waarneembaar.

Er is al sprake van meer voorlichting, er zijn in Paramaribo meer afvalbakken gekomen, meer en meer reageren mensen kritisch via de media op milieu gerelateerde onderwerpen, er wordt gewerkt aan beter toezicht op de Ornamibo vuilstort, er zijn wijken waar de bewoners regelmatig zelf het vuil verwijderen en er wordt volgens mij ook gewerkt aan een betere vuilnisophaaldienst.

Het wordt meer en meer bespreekbaar en dat is een goede ontwikkeling. Nu moet de regering alleen nog meer en meer oog voor het schitterende Surinaamse milieu krijgen en haar prioriteiten gaan herzien en zich niet in hoofdzaak laten leiden door geld.

Ik blijf gewoon op mijn eigenwijze manier doorgaan met het kritisch volgen van het milieu- en afvalbeleid in Suriname en het schrijven van allerlei artikelen hierover.

Hopelijk kan ik door mijn werkzaamheden bijdragen aan het tot stand komen van een schoon Suriname. Soms voel ik mij genoodzaakt om mij in door mij geschreven artikelen scherp te uiten, maar dat doe ik slechts om discussies uit te lokken zodat bepaalde milieu-onderwerpen onder de aandacht komen en er ook meer en meer over gesproken wordt." (Bron foto's: archief Kraaijer)
 

19 juli 2007

   Spaarlampen verlagen stroomverbruik Moengo

MOENGO - De Energiebedrijven Suriname (EBS) zijn tevreden over het effect van de spaarlamp op het stroomverbruik in Moengo. EBS-medewerker Hanief Boedhai meldt dat het massaal gebruik van spaarlampen een forse daling van het stroomverbruik in Moengo tot gevolg heeft.

“Gemiddeld gebruiken de mensen vijf gloeilampen, soms wel van 100 Watt en die zijn vervangen voor zeer zuinige lampen.” Normaal was de avondpiek in verbruik 1400 KW in het Powerhouse van EBS in Moengo, maar afgelopen week was het verbruik gedaald naar 1210 KW, een afname van 14 procent.

In Moengo werden tijdens de spaarlampenactie 10.000 gloeilampen vervangen voor duurzame Philips spaarlampen. Op de lampen zit een garantie van 6000 branduren, oftewel 1500 dagen bij normaal gebruik. Er zijn ongeveer 2000 aansluitingen in Moengo.

Boedhai ziet mogelijkheid om het energieverbruik nog verder te laten afnemen. Momenteel worden de wijken Bernharddorp, Peto Ondro en Bernati Mofo gratis van stroom voorzien. "Indien deze mensen zelf voor hun stroom gaan betalen, zal het relatief hoge verbruik in deze wijken sterk afnemen." (dWT)
 

18 juli 2007

   De vervuiler moet gaan betalen

Paramaribo - De minister van ATM wil terecht aandacht voor heffingen voor de vervuilers van water in ons land. Immers, wie vervuilt moet betalen voor de vervuiling. Dit gaat gepaard met instrumenten als wetgeving, handhaving, voorlichting, opleiding, training en onderzoek. Rivieren, kreken en andere zoete wateren in Suriname worden vervuild door menselijke activiteiten.

Soms is de vervuiling afkomstig uit andere landen, soms is ze het resultaat van binnenlandse activiteiten. De sectoren landbouw, industrie en huishoudens zijn allemaal verantwoordelijk voor de vervuiling van het water. Een blijvend zorgenkindje vormt het rioleringsstelsel in Suriname. De komende decennia zijn miljardeninvesteringen nodig om het rioolwater grondig te blijven zuiveren en regenwater te scheiden van gewoon afval.


Veel ecosystemen zijn afhankelijk van zoet water. De vervuiling heeft tot gevolg dat de planten en dieren waaruit deze ecosystemen bestaan aangetast worden. Ook zorgt vervuiling ervoor dat het steeds moeilijker en duurder wordt om schoon drinkwater te verkrijgen. Overigens zijn er ook delen van Suriname waar er door menselijk ingrijpen een tekort aan water bestaat. De handhaving van de waterkwaliteit in Suriname berust bij verschillende instanties en het ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu en dat van Natuurlijke Hulpbronnen voor het landelijk beheer van watermanagement.

Het ministerie van ATM zal in samenwerking met OW en NH in de toekomst bedrijven tot vergunningen (Wet verontreiniging oppervlaktewater) indien deze willen lozen in het oppervlaktewater (kreken, goten, en rivieren) verplichten. Bij de verstrekking van de vergunning wordt bekeken of het lozen onnodig of bijzonder schadelijk is en of een goede filtering plaatsvindt.

Het is lastig om doeltreffend op te treden tegen watervervuiling. Water wordt vervuild door de uitstoot van erg veel verschillende stoffen, die bovendien vaak een buitenlandse oorsprong hebben. Zo worden onze rivieren ook vervuild met stoffen die afkomstig zijn van Franse en Guyanese industriegebieden. Bovendien is het meestal erg moeilijk om duidelijk aan te wijzen van welke bronnen de vervuiling afkomstig is (wat de zogeheten 'puntbronnen' zijn), omdat de oorzaak van vervuiling vaak ligt bij vele bronnen.

Verder blijkt het moeilijk om landen te verplichten zich aan internationale afspraken te houden. Het huidige milieubeleid is steeds meer gericht op het bestrijden van risico's en het minimaliseren van de effecten van grote rampen en onverwachte grote lozingen. Hierover moeten internationale afspraken worden gemaakt, bijvoorbeeld tussen de landen die aan de Atlantische en Caribische Zee of het Amazonegebied liggen.

In CARICOM- verband moet voorts het gebruik en de lozing van bepaalde stoffen zoals gewasbeschermingsmiddelen aan strenge banden worden gelegd. Het beleid van de CARICOM-landen loopt hierop niet vooruit; in 2010 zullen naar verwachting de schadelijke milieueffecten van bestrijdingsmiddelen met 95 procent moeten zijn verminderd.

De afgelopen 30 jaar is veel oppervlaktewater vuiler geworden in ons land, tevens is gedurende de laatste 10 jaar weinig vooruitgang geboekt in het verhogen van de waterkwaliteit. Dit komt deels omdat de grootste vervuilers onvoldoende worden aangesproken dan wel aangepakt, waardoor spectaculaire verbeteringen van de waterkwaliteit moeilijker te realiseren zijn.

De vervuiling wordt nu voornamelijk veroorzaakt door een veelheid van bronnen die elk maar een klein gedeelte van de totale vervuiling verzorgen. Het bestrijden van vervuiling wordt hierdoor moeilijker. Verder worden veel stoffen in het water geloosd waarvan de milieueffecten nog onduidelijk en onbekend zijn. De overheid moet de komende drie jaren een onderzoeksprogramma instellen om meer te weten over watervervuiling in eigen land.

Het gebruik van bestrijdingsmiddelen is eerder toegenomen dan gehalveerd doordat de overheid wel strenge normen voorschrijft met betrekking tot gebruik en lozing, maar deze niet kan controleren. Hierdoor zijn water en bodem nog niet gezonder geworden, maar er blijft nog veel schoon te maken.

Metingen tonen aan dat vaak meer bestrijdingsmiddelen in het water achter blijven dan is toegestaan. Toch zullen scherpe normen met betrekking tot bestrijdingsmiddelen naar verwachting de komende jaren hun vruchten afwerpen. Met name de uitstoot door klein - en grootschalige industrieën van zware metalen als koper, zink, kwik en cadmium blijven echter voor veel watervervuiling zorgen. (DBS)
 

17 juli 2007

   Ministerie ATM voornemens milieuheffingen te introduceren

Minister JoyceAmarello- Williams

Paramaribo -  Het milieubeleid van het ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu (ATM) is gericht op het tegengaan van milieuvervuiling m.a.w het tegengaan van water -, bodem - en luchtvervuiling.

Het ministerie heeft in samenwerking met de relevante stakeholders initiatieven ondernomen die zich voornamelijk richten op capaciteitsopbouw en institutionele versterking. Ter realisering van dit doel was er een toelichting van minister Joyce Amarello- Williams gisteren tijdens de aftrap van de training afvalwaterbeheer.

Enkele voorbeelden hiervan zijn de instelling van een interdepartementale commissie voor chemicaliënbeheer in mei van dit jaar in het kader van de implementatie van het Persistent Organic Pollutants (POPS) project.

Dit project zal in augustus van dit jaar van start gaan en zal het gebruik, het transport en de opslag van chemicaliën en chemisch afval in Suriname structureren met het oog om zowel de mens als het milieu te beschermen.

Naast het ontwikkelen van een implementatieplan zal er specifiek gewerkt worden aan een nationaal actieplan voor kwikcontaminatie. Momenteel participeert Suriname in het regionaal acto waterproject voor het duurzaam gebruik van water in het Amazonebekken. De bewindsvrouwe gaf aan dat in dit verband samen met de nationale stakeholders reeds een visie is ontwikkeld over hoe Suriname zal bijdragen aan duurzaam beheer van dit bekken.

Een ander regionaal project waar Suriname in participeert, is het Caribbean Large Marine Ecosystem tegen vervuiling als gevolg van activiteiten op land. Met de andere Caribische landen is recentelijk een volledig projectdocument voorbereid dat in oktober aan de Global Environment Facility (GEF) zal worden aangeboden voor financiering.

En een ander regionaal project is het afvalonderzoek te Galibi welke door de Universiteit van Suriname ( ADEK) wordt uitgevoerd met het doel te komen tot voostellen voor een adequaat afvalbeheer in dit gebied. Naast deze activiteiten die zich voornamelijk richten op het vergroten van het bewustzijn, capaciteitsopbouw en het versterken van instituten, is het volgens minister Amarello- Williams noodzakelijk dat er wettelijke bepalingen komen ter volledige uitvoering van het milieubeleid.

Zij geeft te kennen dat in dit kader het ministerie van ATM voornemens is om milieuheffingen te introduceren, waarbij het principe van “de vervuiler betaalt” centraal zal staan. Zodoende wil zij eigen middelen beschikbaar stellen om milieuvervuiling tegen te gaan. (DBS/Santi Sieuw)
 

   ‘Schone’ markten openen weer hun deuren

Enkele dames van schoonmaakbedrijf ‘Marso’ druk bezig de markt schoon te krijgen

Paramaribo -  De Centrale Markt en de Vreedzaammarkt hebben in het weekend een grondige schoonmaakbeurt gekregen. De marktleiding had de standhouders op de hoogte gesteld van de reguliere schoonmaakbeurt. Deze wordt per kwartaal uitgevoerd.

Volgens Armand Barron, coördinator van de Centrale Markt en de Vreedzaammarkt is deze schoonmaakbeurt de laatste volgens het contract. Tegen juni vorig jaar was er een contract getekend met een aannemer om de 2 markten schoon te maken. Nu een jaar verder is het contract afgelopen en de bedoeling is om weer aan tafel te gaan zitten om deze te verlengen. Naar zeggen van Barron zijn zij helemaal op schema om de markten vandaag open te krijgen.

De standhouders hebben gisteren de gelegenheid gekregen om hun stands weer in te richten en te bevoorraden. Schoonmaakbedrijf Marso heeft een heel goede job gedaan om de markt een schone blik te geven. De brandweer is om assistentie gevraagd bij de bespuiting van de markt met water met behulp van een hoge druk spuit.

Verder heeft Barron verklapt dat vandaag een aannemer zal komen, die een begroting zal opmaken voor zaken die dringend aangepakt moeten worden z.a. verlichting en dakbedekking. Enkele standhouders hebben, ondanks dat zij op tijd op de hoogte waren gesteld van de bespuitingen, toch nog hun deuren gesloten gehouden. Dit wekte alleen maar irritatie op bij de spuitgasten. Al bij al kan deze schoonmaakbeurt volgens Barron een succes genoemd worden. (DBS/Zahier Azizahamad)
 

10 juli 2007

   Kwatta rijk aan Labarias

Paramaribo -  ‘Ik vang ze levend. Eerder had ik er drie gevangen, maar ik wist niet wat ik ermee moest doen. Ik heb ze toen gedood en op de foto gezet. Mijn laatste vangst heb ik niet gedood. Ik zal het aan de Paramaribo Zoo schenken’, zegt Soeklal.

Afgelopen weekend heeft Soeklal aan de kant van de weg, dicht bij de schutting van zijn huis aan de Kwattaweg km 7½, een bijkans 1 meter lange labariaslang weten te vangen. Deze vangst vond in de avonduren plaats. Naar woorden van de slangenvanger is dit niet de eerste keer. ‘Ik ben nu bezig met de bouw en kom deze giftige slangen vaker tegen.’

Op de vraag hoe het komt dat dicht bij huis deze slangen komen, zegt Soeklal dat de percelen ongeveer een kilometer lang zijn; de terreinen lopen van de Kwattawag tot naar Okrodam en ze worden niet onderhouden. ‘De percelen hier achterin zijn helemaal bebost.

Er leeft heel wat ongedierte in het bos en dat komt dan naar de bewoonde wereld waar zij een prooi kunnen vinden.’ Soeklal’s vangst zat al enkele dagen in een gesloten emmer. Naar het schijnt was deze hongerig, want nadat het door enkele mannen uit de emmer werd gehaald, was het erg woelig en agressief. De dierentuin is dus binnenkort nog een giftig reptiel rijker. (DBS/Marijan Setrodikoro)
 

9 juli 2007

Afgebroken boomtak zorgt voor ravage

   ‘We komen later’

Paramaribo - Een jaar geleden had Fred Tjon, een ‘ston futu’ van de Wagenwegstraat, een werkploeg van Milieubeheer al gewezen op de conditie van de oude Mahoniebomen in deze straat. Ambtenaren van deze dienst waren toen aan de Nassylaan bezig andere bomen te snoeien.

“W’e kon later”, luidde hun antwoord. Een jaar later kijkt Tjon bedroefd naar een loodzware tak van een boom die afgelopen zaterdag, op de hoek van de Malebatrum- en Wagenwegstraat, volbeladen met waterhoudende boomorchideeën naar beneden donderde. Het gevaarte trok omliggende elektriciteitsdraden met zich mee, knakte een stroompaal in tweeën en liet twee scheef hangen.

Boomdelen, geknapte stroomdraden en beschadigde stroompalen hingen dwars en midden over de straat. “We hebben geluk dat er geen auto’s aankwamen. Het regent, dus de bosananassen zijn vol water en hangen zwaar aan de tak”, legt de man uit. Tjon zegt eerst de knal te hebben gehoord en dan een zware slag.

Eerst dacht hij met bliksem en donder te maken te hebben, maar realiseerde zich dat het geluid van heel dichtbij klonk. Toen hij de deur opendeed zag hij de enorme ravage vlak voor zijn woning op het kruispunt. Ook werknemers van nabijgelegen winkelzaken kwamen op de knal af.

Onderdirecteur Uitvoering van de Energie Bedrijven Suriname (EBS), Marcel Eindhoven zegt  desgevraagd dat deze incidenten vrij lastig zijn. Het energiebedrijf is niet bevoegd om zelf onderhoud aan de bomen te doen daar de meesten beschermd zijn.

Wel wordt aan Milieubeheer assistentie verleend bij snoeiwerkzaamheden. Eindhoven zegt zelf uit te kijken naar goed onderhoud van alle bomen in de binnenstad, daar beschadigingen aan het elektriciteitsnet kosten en overlast met zich meebrengen. (dWT/Fenny Zandgrond/foto: Werner Simons)
 

7 juli 2007

   Weer reuzen boa gevangen

Paramaribo -  Dat Suriname rijk is aan boa’s is nogmaals bewezen. Een reuzen boa van ongeveer vier en een halve meter is vrijdagmorgen door enkele heren gevangen.

Zij hebben het beest, dat vermoedelijk uit de goot in de Adhinstraat kwam, gevangen en gebracht naar een heer te Tammenga, die zulke beesten exporteert.

Daar aangekomen hebben zij te horen gekregen dat het beest veel te zwaar is om geëxporteerd te worden. Volgens die meneer kan het zijn dat het beest, gezien de omvang, vol is.

Ook heeft hij gezegd dat zo een exemplaar voor de Paramaribo Zoo geen nut zal hebben, omdat zulke beesten in een situatie van vol-zijn meestal niet eten in gevangenschap. Voor de heren zat er niets anders op dan het beest weer los te laten in het Saramaccakanaal. (DBS/Zahier Azizahamad)
 

6 juli 2007

   IICA gaat veilig gebruik insecticide intensiveren

Paramaribo -  ‘Ik geloof dat wij nog meer het veilig gebruik van insecticide moeten intensiveren. Nog agressiever de producent hierbij begeleiden en het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij, LVV, bijstaan om samen beleid te maken om er zorg voor te dragen dat met het veilig gebruik van insecticiden onze gezondheid en economie er vooruit mee gaan. Slordig omgaan met het insecticide heeft ook als gevolg dat de export eronder zal leiden.’ Dit bracht Hesdy Ormskerk, groente en fruit specialist bij het Inter-American Institute for Cooperation on Agriculture, IICA, gisteren naar voren tegenover DBS. Hij werd namelijk geconfronteerd met het feit dat landbouwers het veilige gebruik van insecticiden niet zo nauw nemen.

IICA heeft sinds jaren in haar programma om het veilige gebruik van insecticiden in de landbouw in goede banen te leiden. Ormskerk voegde er ook aan toe dat landbouwgewassen worden belaagd door allerlei insecten en dat er best insecticiden gebruikt mogen worden. ‘Het juiste gebruik, daar wordt een klein beetje de hand mee gelicht in Suriname. De landbouwers nemen het niet zo nauw met de gebruiksaanwijzingen die staan op het betreffende product. Hier wordt er niet voldoende acht op geslagen.’Het IICA heeft in deze als taak om het veilige gebruik van insecticide te promoten.

Zo zijn er programma’s op welke wijze de landbouwer veilige producten aan de man moet brengen en bovendien op welke wijze hij zichzelf kan beschermen. ‘We hebben hier volledige programma’s over waarmee wij op regelmatige basis indien de behoefte ernaar bestaat naar de producenten gaan.’ Op de vraag of het IICA kan optreden in gevallen waar landbouwers zich niet aan de juiste dosering van het betreffende insecticide houden, gaf hij het volgende mee: ‘Ik denk dat het IICA niet het juiste instituut is om maatregelen hiertegen te treffen. Deze moeten door het ministerie van LVV geschieden. In deze kan het IICA een behulpzame rol vervullen.

Waar nodig is, kan deze organisatie assistentie verlenen aan het ministerie om dit gevaar te helpen terugdringen. Het IICA viert dit jaar haar 25-jarig bestaan. In deze 25 jaren heeft zij een belangrijke positie verworven, in de wereld alsook in Suriname om in samenwerking met de overheid de agrarische sector een flinke duw in de rug te geven.

De Carambola fruitvlieg campagne en het verzorgen van diverse trainingen en cursussen zijn enkele van de verworvenheden van het IICA. Deze organisatie heeft ook in het vooruitzicht om Surinaamse producten op de markten van de diverse Caricom landen toe te laten. Alsook het produceren volgens de veiligheidsnormen en voorschriften van HACCP en WTO, en het verzorgen van trainingen waar kennis wordt bijgebracht aan de producenten. In verband met het 25 jarig bestaan van het IICA worden er tal van activiteiten ontplooid. (DBS/Asha Bhagwat)
 

5 juli 2007

Rewien Isrie:

   ‘Milieuvervuiling in Suriname loopt de spuigaten uit’

Paramaribo -  Rewien Isrie, voorzitter van jongerenorganisatie The Future, is van mening dat de milieuvervuiling in Suriname de spuigaten uitloopt. De waanzinnig grote hoeveelheid petflessen die bijvoorbeeld de straten ontsiert, is naar zijn inzien een van de boosdoeners, die de rioleringen verstopt doen raken.

Daarom heeft hij een paar weken terug, tijdens zijn bezoek aan de jongerenconferentie: Youth in Action in Nederland, dit probleem onder andere aangekaart. Isrie is met het idee gekomen om een recyclingbedrijf op te zetten in Suriname en de Jongeren Organisatie Vrijheid en Democratie (JOVD) in Nederland heeft daarmee ingestemd, omdat zij dat volgens Isrie ook al in gedachten had.

Dit recyclingbedrijf moet ervoor zorgen dat het milieu in ons land niet nog meer verslechtert en tegelijkertijd zal zo’n bedrijf kunnen zorgen voor werkgelegenheid en plaats vooe studenten die stage zouden kunnen lopen. Een schoner milieu is volgens de voorzitter van The Future ook ooglijk voor het toerisme.

Isrie zegt dat een delegatie van de JOVD in augustus naar Suriname zal komen om onder andere een gesprek aan te gaan met de Surinaamse overheid over het realiseren van een recyclingbedrijf. ‘Wat de financiën betreft voor het opzetten van dit bedrijf’, zegt Isrie, ‘ dat zullen de mensen van de organisatie op zich nemen. Het ligt in de bedoeling om ernaar te streven dat het bedrijf in juni 2008 al een feit zal zijn.’ (DBS/Natalie de Bruijn)
 

3 juli 2007

   LVV verscherpt controle op verboden chemicaliën

Paramaribo - Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) heeft de hulp van de douane en de politie ingeroepen bij de controle op verboden landbouwchemicaliën. Landbouwminister Kermechend Raghoebarsing vermoedt dat via onze grensposten verboden chemicaliën waaronder Furodan, Suriname worden binnengesmokkeld.

LVV heeft Furodan enkele maanden geleden voor ‘verboden verklaard’, omdat in plaats daarvan, milieu- en gezondheidsvriendelijke middelen zijn geïntroduceerd. Via de ministers van Financiën en Justitie en Politie wil Raghoebarsing de illegale invoer van de verboden de landbouwchemicaliën indammen.

LVV heeft twee weken terug een komkommeraanplant van een landbouwer moeten vernietigen, omdat deze met Furodan bespoten was. Hoewel hij niet trots is op de vernietiging van de aanplant, zegt de bewindsman dat zijn ministerie overal zal optreden waar de voedselveiligheid van de bevolking in gevaar wordt gebracht. De voorlichting naar de gemeenschap en de landbouwers over het gebruik van landbouwchemicaliën zal de komende periode opgevoerd worden.

Raghoebarsing zegt dat Suriname partij is van de Rotterdam Conventie en zich daarom verplicht heeft “vriendelijke middelen” die door de wereld ter vervanging van de gevaarlijke ontdekt worden, hier ook te introduceren. Deze conventie is in 1998 aangenomen en onder auspiciën van de Verenigde Naties (VN) tot stand gekomen.

Het verdrag bevat regels voor de internationale handel in milieugevaarlijke stoffen, in het bijzonder de uitwisseling van informatie tussen exporterende en importerende landen. Het Verdrag geldt voor chemische stoffen die verboden of streng beperkt zijn ter bescherming van mens of milieu en zeer gevaarlijke bestrijdingsmiddelen-formuleringen die bij normaal gebruik ernstige problemen veroorzaken. (dWT/Eric Mahabier)

 

 

TOP