Archief


Zoeken ? ( Cntrl + F )

Natuur en milieu


30 september 2007

   OW start opschonen afvoergangen

Paramaribo -  Door het ministerie van Openbare Werken (OW) worden thans werkzaamheden uitgevoerd om de geconstateerde bottlenecks in de primaire ontwatering-gangen op te heffen.

Daarnaast loopt er voor de primaire lozingen een onderhoudsprogramma waarbij lozingen handmatig schoongemaakt of bespoten worden.

Inmiddels is het ministerie begonnen met het verwijderen van de zichtbaar geworden zgn. “zandeilandjes” in de primaire lozingen. Hiermee is op zondag 16 september een aanvang gemaakt aan de dr. Sophie Redmondstraat. Bij de uitvoering der werkzaamheden zijn de duikermondingen eveneens opgeschoond.

Tot de maatregelen in de droge periode behoort ook het verder opschonen van primaire afvoergangen, schoonmaak van rioolputten, kolken en het doorsteken van de rioolstelsels in de binnenstad. Herhaaldelijk blijkt dat voor het grootste deel het door onmaatschappelijke burgers gedeponeerde plastic flessen en ander afval is, die de rioolgangen verstoppen.

Tevens zijn op verscheidene locaties in de binnenstad verzakkingen en ingeklapte duikers van het rioolstelsel hersteld o.a. in de Koningstraat, van Lansbergestraat, Van Idsingastraat en Prinssessestraat. Successievelijk zullen deze werkzaamheden uitgebreid worden naar andere gebieden zodat bij het aanbreken van de regenperiode het ontwateringsysteem in staat zal zijn om het overtollige water zo snel mogelijk te verwerken.

Ten aanzien van de sluizen en pompgemalen in het beheer van het ministerie worden in de droge tijd elektrotechnische en werktuigbouwkundige inspecties en reparaties uitgevoerd. Bij de uitvoering van de elektrotechnische werken worden de bedradingen nagelopen, storingen opgeheven en de besturingsinstallaties gecontroleerd, waarbij verouderde componenten worden vervangen.

De werktuigbouwkundige inspecties omvatten de controle op alle bewegende onderdelen (pompen, tandwielkasten, takels, loopcatten, sluisdeuren) en controle op alle hydraulische systemen. Het doorsmeren, invetten van alle bewegende onderdelen alsook het verversen van alle oliën, zowel in hydraulische units als in tandwielkasten behoren eveneens tot deze werkzaamheden.

  Dringend beroep op gemeenschap

Op de burgerij wordt het dringend beroep gedaan zich te onthouden van het dumpen van afval langs de wegen of in de kanalen. Hiermee wordt ook voorkomen dat gebieden langer dan nodig onder water blijven. (DBS/Zahier Azizahamad)


   LVV wil visgronden duurzaam beschermen

Paramaribo -  Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV), treft momenteel maatregelen welke ten doel hebben de duurzame exploitatie van de Surinaamse visgronden te waarborgen door erop toe te zien dat er zo weinig mogelijk schade wordt berokkend aan de ecologie.

In verband hiermee is dit jaar het Vessel Monitoring System (VMS) geïmplementeerd om de vissersboten te kunnen monitoren, zodat zij niet buiten de hen aangewezen visgronden vissen. Hierdoor kunnen zij geen schade aanbrengen aan de visstand.

Gisteren is in het Lalla Rookhgebouw een informatiedag gehouden om in breder verband informatie te verstrekken over het VMS. Minister Kermechand Raghoebarsing van LVV zegt dat in de economische zone van ons land ongeveer 3.500 mensen emplooi vinden in de visserijbranche. Al deze mensen zijn legaal geregistreerd. ‘Illegalen horen daar niet thuis.’

Suriname is het enige Caricom-land waar de visstanden in deze mate nog aanwezig zijn. Het VMS is een satelliet volgsysteem waarmee de positie, snelheid, koers en ook eventuele vangstgegevens van geregistreerde boten gevolgd kunnen worden. Hierdoor worden de vissersboten verplicht om zich aan de vergunningsvoorwaarden te houden. Om een duurzame exploitatie van onze visgronden te realiseren, is de implementatie van een satelliet volgsysteem noodzakelijk.

Het ministerie van LVV heeft daarom besloten dit verplicht te stellen voor alle vaartuigen, die gebruik maken van trawlnetten en daarmee visserijactiviteiten uitvoeren in de territoriale wateren en de Exclusieve Economische Zone (EEZ) van Suriname.

De installatie van een VMS maakt het mogelijk de activiteiten van vissersboten op de voet te volgen. Hierdoor zal het illegaal vissen in wateren die als broedgronden dienen en essentieel zijn voor de instandhouding van onze visrijkdom, niet langer mogelijk zijn. De wettelijke regeling wordt vastgelegd als bijzondere voorwaarde in de visvergunning voor de trawlvisserij.

Als mocht blijken dat de eigenaar op wiens boot een VMS zender is bevestigd, zich niet houdt aan de regels voor goed gebruik en er sprake is van opzet, kan LVV disciplinaire maatregelen treffen. Dit kan variëren van een waarschuwing tot het intrekken van de visvergunning voor een bepaalde periode of blijvend. (DBS/Zahier Azizahamad)
 

   Oudervereniging St. Theodorusschool verwijdert asbestdak

Paramaribo -  De signalen dat de kleuterafdeling van de St. Theodorusschool ernstige problemen kent, zijn voor de nieuwe oudervereniging in het begin van 2007 aanleiding geweest om al haar energie te steken in het behoud van de school.

De directeur en de participerende oudervereniging onder leiding van voorzitter Raghoebir hebben als resultaat van hun bevindingen een prioriteitenlijst samengesteld met het uiteindelijk doel een van de oudste Rooms-Katholieke Kleuterscholen in Nickerie, daterend uit 1924, in een nieuw jasje te steken. Als grootste prioriteit wordt het asbestdak genoemd.

Het verpulverde asbestdak dat uiteraard slecht is voor de gezondheid van de kleuters en leerkrachten, dient te worden vervangen. De oudervereniging heeft haar subsidieaanvraag gehonoreerd gezien. De Stichting Rooms Katholiek Bijzonder Onderwijs, waar de St. Theodorusschool onder valt, heeft haar ondersteunende taak met zorg opgepakt.

Inmiddels heeft RKBO-directeur Kenswil opdracht gegeven om het dak van de kleuterschool door een professioneel bedrijf uit Paramaribo te laten verwijderen. De stichting heeft daarnaast ook financiën beschikbaar gesteld voor een nieuw zinken dak dat door de oudervereniging zelf wordt aangebracht. Ook is het de bedoeling dat de binnenkant van de kleuterschool vóór het nieuwe schooljaar een opknapbeurt krijgt.

De aard van deze werkzaamheden zullen afhankelijk worden van de middelen, o.a donaties, die door de Nickeriaanse gemeenschap beschikbaar gesteld worden. De oudervereniging heeft nog andere renovatie -activiteiten op het programma staan. Want een ander aandachtspunt is de school te voorzien van water en elektriciteit, zodat de school van een septic tank kan worden voorzien voor de toilettengroep van de kleuters. Een omrastering van het speelterrein moet zorgen voor de veiligheid van de leerlingen.

Voor de inrichting van de school met schoolmeubilair zal opnieuw contact gezocht worden met de stichting RKBO. Ook in het bijzonder onderwijs kent men duidelijk achterstand van accommodatieonderhoud. In tegenstelling tot de openbare scholen die de renovatie van hun accommodatie door de overheid gerealiseerd zien, is in het bijzonder onderwijs vaak de participerende ouderverenigingen de motor. (DBS/Danny Jibodh)
 

29 september 2007

   Wereld-dierendagactiviteiten in Paramaribo Zoo

De Paramaribo Zoo organiseert dit jaar en wel op zondag 7 oktober aanstaande Werelddierendag met als thema “Het welzijn van mens en dier brengt ons veel plezier”.

Op deze dag zijn er verschillende activiteiten voor jong en oud, maar de leiding van de Zoo wil op deze dag vooral extra aandacht besteden aan het voorkomen van dierenleed.

Een belangrijk onderdeel van deze dag zal de jaarlijks terugkerende dierencontest zijn.

De inschrijving begint vanaf acht uur 'smorgens waarna de winnaar van elke categorie wordt bekendgemaakt. De categorieën die mogen meedoen zijn katten, honden, paarden en reptielen.

Omstreeks tien uur zal de officiële opening plaatsvinden middels het Surinaams volkslied gevolgd door enkele toespraken. De dierentuin herdenkt al negen jaar werelddierendag samen met andere organisaties. Volgens de directeur van de Zoo, J. Altenberg, zijn mensen over het algemeen niet vriendelijk tegenover dieren.

Hij zegt dat wij mensen al genoeg problemen hebben in het dagelijkse leven om nog veel aandacht te kunnen schenken aan dieren. Maar dat moet in feite niet zo zijn. “Dieren hebben dezelfde rechten als een mens”, voegde de voorzitter van de organisatie commissie, Iwan Wijngaarde, eraan toe. “We hebben nog veel te doen op dat gebied, daarom wordt er toch aandacht besteed aan werelddierendag om mensen ervan bewust te maken.” (DBS)
 

26 september 2007

Surinaams regenwoud kan ‘goudmijn’ worden

Russell Mittermeier (met bril op), president van Conservation International (CI), geeft zijn visie over behoud van het regenwoud in gesprek met minister Michael Jong Tjien Fa van Ruimtelijke Ordening Grond- en Bosbeleid (RGB) en andere aanwezigen.

Mittermeier was afgelopen weekeinde ook aanwezig bij de overdracht van toerismefaciliteiten op Foengoe-eiland, nabij de Raleighvallen, door CI aan het ministerie van RGB.

Paramaribo - Instandhouding van het bos kan Suriname de komende jaren een ‘goudmijn’ opleveren, die niet uitgeput raakt als deze internationaal wordt aangeboden in ruil voor carbon credits. Suriname moet daarom nu zijn voordeel doen met de groeiende vrijwillige markt om carbon kredieten te kopen in ruil voor het uitstoten van broeikasgassen, zegt Russell Mittermeier, president van Conservation International (CI)   aan de Ware Tijd.

Deze aangelegenheid valt niet onder het Kyoto Protocol, maar verwacht wordt dat dit wel onderdeel wordt van het nieuwe protocol om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. Indien Suriname nu reeds pakketten van zijn bos op de internationale markt gooit, kunnen miljoenen dollars worden binnengehaald.

“Het bos van Suriname bevat vermoedelijk tussen de 250 en 350 ton koolstof per hectare en waarschijnlijk tussen de 900 en 1000 ton CO2, kooldioxide per hectare”, stelt Mittermeier tegenover de krant. Geschat wordt dat 1 ton kooldioxide een waarde heeft van tussen de 1 en 10 Amerikaanse dollar. “We kunnen hier dus te maken hebben met een enorm groot bedrag per hectare.

Je gaat dat niet in één keer vooruit ontvangen, maar verspreid over een periode van zeg maar 20 tot 30 jaar. Het gaat dus om een waarde van honderden miljoenen dollars die in deze bossen zijn opgeslagen”, zegt de milieubeschermer. Suriname moet dus zeer snel en heel creatief te werk gaan bij het presenteren van deze mogelijkheden, omdat de markt binnen afzienbare tijd snel gaat groeien.

“Ik geloof dat als je enkele pakketten kan samenstellen en aanbieden, dit in de nabije toekomst een mogelijkheid is om op grote schaal te profiteren van wat je hier hebt: het ongerepte regenwoud”, stelt de CI-topman.

Suriname bezit nog meer dan 90 procent van zijn ongerept bos en is het enige land ter wereld dat verhoudingsgewijs het dichtstbegroeid is. Ook heeft het land de grootste watervoorraad per hoofd van de bevolking, dan elk ander land. Mittermeier vindt dat Suriname financieel  moet worden gecompenseerd voor het in stand houden van zijn bos.

Het land maakt volgens hem aanspraak op compensatie voor zijn biodiversiteit, zogenaamde ecosystems service values en het sekwestreren van koolstoffen.

Studies hebben uitgewezen, zegt Mittermeier, dat 25 procent van de uitstoot van alle broeikasgassen komt door vernietiging van het regenwoud. Daarom is het belangrijk dat landen die nog over tropisch bos beschikken, worden vergoed. “En als Suriname snel handelt, kan het op een significante wijze gecompensenseerd worden”, benadrukt de CI-topman. (dWT/Ivan Cairo)
 

   Openbare Werken verricht goed werk

Paramaribo -  Ik denk dat het overgrote deel van de burgerij niet goed op de hoogte is van de verrichte werkzaamheden, zegt R.Mathoera, hoofd van de afdeling Ontwateringswerken van het ministerie van Openbare Werken. Hij zegt dat de rioleringen in de binnenstad zijn schoongemaakt.

De Jodenbreestraat en de Dr. Sophie Redmondstraat waaronder grote duikers lopen en de Willem Campagnestraat zijn allemaal schoongemaakt. Verder geeft hij ook aan dat enkele kreken zijn uitgebaggerd, met name de Guaranistraat, de Dr. Sophie Redmondstraat en de Waakhuizenlaan.

De resterende kreken zullen spoedig aangepakt worden. Ten aanzien van de sluizen en gemalen zegt hij dat ze nu allemaal een servicebeurt krijgen en daar waar nodig worden oude of niet bruikbare onderdelen vervangen. In de regentijd kunnen zij dan optimaal functioneren. Hij geeft ook aan dat hij niet te spreken is hoe onverantwoord de burgerij omgaat met het milieu.’

PETFLESSEN !!

Als je nu een put opengooit, ga je schrikken van alle petflessen en troep die daarin voorkomt’, zegt Mathoera. ‘Er is in een van de putten zelfs een gebruikte koelkast aangetroffen. Ik vraag me af of we steeds de problemen zullen opschuiven voor het ministerie of dat men uiteindelijk het persoonlijk gedrag zal veranderen’, aldus Mathoera. (DBS)
 

25 september 2007

Operatie Clean Sweep

   Natuurpark Brownsberg schoongeveegd van illegale praktijken

De Operatie ‘Clean Sweep’, waaraan verschillende eenheden van het Korps Politie Suriname, het Nationaal Leger, Stinasu en LBB hebben deelgenomen, is geslaagd in haar doel tot het aanhouden van verdachten en ontruimen van het natuurpark Brownsberg van illegale praktijken.



Al geruime tijd wordt het Brownsberggebied, dat een omvang beslaat van ongeveer 1300 hectare, geteisterd door illegale goudwinning en houtkap. Surinamers en Brazilianen zonder een vergunning tot het ontplooien van economische activiteiten in dat gebied, hebben ernstige schade toegebracht aan het natuurpark.



De operatie heeft van woensdag 19 tot en met zaterdag 22 september geduurd. Het doel hiervan was het verjagen en aanhouden van mensen die daar illegaal bezig waren. Tijdens de verkenning is gebleken dat de mensen actief bezig waren in de Witikreek, de Jokabakreek, de Irene-vallen en het Wakibasoe-gebied.



In totaal zijn 38 verdachten aangehouden, te weten: 24 Brazilianen, waaronder één vrouw, 1 Dominicaanse vrouw en een 13 Surinamers. Eén van de Surinamers is een concessiehouder. Er volgt een justitiële afhandeling tegen deze overtreders. Twee andere concessiehouders zijn vooralsnog ondergedoken. Aan hun aanhouding wordt intensief gewerkt.

Verder werden een aantal machines in beslag genomen en ter beschikking van justitie gesteld. Het gaat in deze om 1 graafmachine, twee bulldozers, een aantal waterpompen, 1 ATV, lasmachines en lichtmotoren. 



Deze operatie mag een succes worden genoemd, omdat er men er in geslaagd is het natuurreservaat totaal te zuiveren en weer onder toezicht te kunnen stellen van de Stichting Natuurbehoud Suriname (Stinasu).

De schade is enorm en is niet binnen korte termijn te herstellen. Het gebruikmaken van kwik heeft voor aanzienlijke vernietiging gezorgd. De meest getroffen gebieden zijn de Irene-vallen en de Witikreek. Het onderzoek in deze zaak wordt voortgezet.
 

24 september 2007

   Onderhandelingsteam praat met BHP-Billiton over toekomst Onoribo

Paramaribo - Een onderhandelingsteam praat vrijdag met BHP-Billiton over de rehabilitatie van plantage Onoribo en de compensatie van geleden materiële en immateriële schade aan de erfgenamen. Dit zegt Kenneth Gemerts van het plantagebestuur aan de Ware Tijd.

De bewoners van Onoribo zijn namelijk boos op BHP-Billiton en de Suralco die hun woongebied hebben uitgemijnd en het in een verwoeste en vergiftigde staat achterlaten. Deze bedrijven zouden volgens de bewoners vertrekken zonder iets voor de mensen gedaan te hebben.

Volgens Gemerts bezitten de multinationals 52 procent van de aandelen die zij indertijd opkochten bij enkele erfgenamen. Verder wenst het plantagebestuur dat het gebied in redelijke staat wordt achtergelaten, en de uitvoering van microprojecten zoals eerder met de Billiton was overeengekomen.

Er zal druk op de multinationals worden uitgeoefend zolang zij geen gebaar maken naar de plantagegemeenschap toe. Dominee Loswijk is voorzitter van het onderhandelingsteam. Hij wordt bijgestaan door de adviseurs Winston Caldeira en Chas Mijnals. Lothar Boksteen, Frank Playfair, John Linger, Erwin Knoppel, John Wijdenbosch en Glenn Gemert maken ook deel uit van het onderhandelingsteam.

Als onderdeel van de acties zijn de inheemsen van West-Suriname afgelopen zaterdag uitgenodigd om de ravage die is aangericht in het Onoribogebied te komen bezichtigen. Deze afspraak ging echter niet door. “Wat er te Onoribo gebeurd is, moet een les zijn voor ons allemaal”, stelt Gemerts, die verder aangeeft dat er op papier mooie beloften staan maar dat men er in de praktijk niets van merkt.

"Kijk maar naar de staat van de plantage. Het is erger dan een broko pranasi". De plantagebewoners vragen zich af of de overheid niet op de hoogte was van de lozing en de dumping van het chemisch afval door de multinationals in het gebied.

Het Nimos en het Bauxiet instituut hebben zich weliswaar georiënteerd in het gebied, maar er zal veel meer moeten gebeuren, zeggen de plantagebewoners. Zij geloven dat er tot nu toe hoeveelheden caustic soda en ander chemisch materiaal in de Pararivier worden geloosd. Buitenlandse expertise is gewenst om deze situatie te onderzoeken. (dWT)
 

19 september 2007

Dempen Onoribomijnen augias-klus

Paramaribo - Het dempen van de bauxietmijnen rondom plantage Onoribo wordt een schier onmogelijke taak. Hoe de enorme nu met water gevulde kraters op te vullen en het milieu weer in zijn oorspronkelijke staat te herstellen wordt een groot vraagstuk.

Zo luidt de voorzichtige conclusie van Asha Gemerts-Rambaran Mishre van het Bauxiet Instituut Suriname. Ze oriënteerde zich samen met andere vertegenwoordigers van het bauxietinstituut en milieuwaakhond Nimos in en nabij Onoribo. Gemerts-Rambaran Mishre zegt aan de krant, dat het bauxietinstituut altijd betrokken wordt bij de officiële sluiting van mijnen.

“Het probleem is echter dat milieu niet echt is opgenomen in onze mijnwet.” Momenteel wordt daar verandering in gebracht. De maatschappijen zijn wel verplicht uitgemijnde gebieden weer zo veel als mogelijk in hun  oorspronkelijke staat terug te brengen. “Maar dat zal natuurlijk niet kunnen, want je hebt een pakket weggehaald: bauxiet. Dus je moet kijken wat je daaraan kan doen”, stelt ze.

Volgens Rambaran Mishre zijn de bauxietmaatschappijen  momenteel bezig mijnen te sluiten aan de hand van vooraf opgestelde closure plans. Ook de Onoribomijnen en de Lelydorp- en Accaribomijn zijn in deze plannen opgenomen. Bij deze werkzaamheden zijn zowel het Nimos als het bauxietinstituut betrokken voor het uitoefenen van controle.

Ondertussen hebben bewoners en erfgenamen van de vroegere eigenaars zich vastgebeten in compensatie door de bauxietmaatschappijen BHP-Billiton en Suralco en rehabilitatie van het gebied. De delegaties konden zich niet overal in het mijngebied begeven, omdat bepaalde plekken niet toegankelijk zijn voor derden. Dit heeft de plaatselijke waarneming enigszins gehinderd.

De twee instituten zullen formeel toestemming vragen aan de bauxietmaatschappijen om ook die plaatsen te bezoeken om zo de klachten die de plantagebewoners hebben geuit, te onderzoeken.

Quan Tjon A Kon, field officer environmental and social assessment bij Nimos, sluit niet uit dat op termijn ook water- en bodemonderzoek gedaan zal worden naar vermoedelijke verontreiniging met chemicaliën. Hij legt uit dat zodra klachten over mogelijke milieuvervuiling of -vernietiging het Nimos bereiken, alvast een oriëntatiemissie wordt uitgezonden. (dWT/Ivan Cairo/foto: Werner Simons)
 

18 september 2007

   Nimos naar mijngebied Onoribo

Paramaribo - In opdracht van minister Gregory Rusland van Natuurlijke Hulpbronnen oriënteert een delegatie van het Nimos en het Bauxiet Instituut Suriname zich vandaag in het Onoribomijngebied. De delegaties krijgen daar een rondleiding door het plantagebestuur van Onoribo en basya Arnold Amelo. Volgens het plantagebestuur komen de delegaties “voor vele verrassingen te staan”.

Onder  meer zal een inspectie gedaan worden bij de mijnen rond het dorpje Onoribo, de Akanswariemijn, het omgelegd deel van de Pararivier, de Kankantriemijn, het Blauwe Meer, de modderreservoirs en de zogenoemde spoiled areas. Ondertussen gaat de verbale aanval op de bauxietmaatschappijen BHP-Billiton en Suralco door. De twee maatschappijen worden verweten zich onmaatschappelijk te gedragen tegenover Onoribo.

Aan het bauxietinstituut en Nimos is een petitie gestuurd, met eisen die het plantagebestuur stelt. Zo zullen de twee instituten ervoor moeten zorgen dat “desnoods met buitenlandse expertise kan worden vastgesteld welke mate van verontreiniging heeft plaatsgevonden en hoe die kan worden hersteld”.

Ook zou invoer-, uitvoer- en opslag van caustic soda en andere chemicaliën in het Onoribogebied verboden moeten worden, totdat er duidelijke controle is. Ook zullen de mud lakes gesloten moeten  worden en zal er een aanvaardbare oplossing gevonden moeten worden voor  het bauxietresidu.

Een algehele rehabilitatie van het gebied is wat het plantagebestuur eist. “De mijnen moeten dicht, de biodiversiteit moet worden hersteld, de bodem moet worden gereinigd”, staat in de petitie. Verder zal de omgelegde Pararivier weer in zijn oorspronkelijke staat gebracht  en uitgebaggerd  moeten worden zodat scheepvaart weer mogelijk wordt.

Het plantagebestuur hoopt dat met het bezoek van Nimos en het bauxietinstituut, er een ommekeer komt in de situatie te Onoribo. (dWT)
 

17 september 2007

   Surinaamse visgronden worden leeggeroofd

Paramaribo -  Surinaamse gronden worden door onverlaten en onverantwoordelijken leeggeroofd. Er worden visvangstmethoden gehanteerd die alleen maar schade aan de visgronden toebrengen. Over het algemeen zijn het personen met een andere nationaliteit die zich hieraan schuldig maken. Dit zegt minister Stanley Raghoebarsing van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV). 'Er zijn indicaties, maar ik denk niet dat het goed zou zijn om bevolkingsgroepen of nationalitieten te noemen.

Dat kan tot stigmatiserig leiden', zegt hij voorzichtig. De aanpak hiervan blijkt een complexe zaak te zijn. De meeste buitenlandse vissers beschikken over een Surinaamse ondervergunning. 'Maar je hebt mensen die helemaal niet in visgronden thuishoren. Weer anderen beschikken over een vergunning, maar vissen in wateren waarin zij niet thuis horen.

Hierdoor worden de kraamkamers totaal vernietigd.' Intussen hebben de ministeries van Justitie en Politie, Defensie, Transport, Communicatie en Toerisme en LVV gemeend om samen dit probleem aan te pakken. 'Er is een progamma in de maak dat uitgevoerd zal worden waarbij alle vier ministeries geld in een fonds hebben gestopt om de operatie te financieren.’

Tegelijkertijd zullen boten ook middels satellietsystemen gevolgd en gemonitord worden. Raghoebarsing zegt dat controle op de visgronden op den duur de Surinamer ten goede zal komen. Ongeveer 3500 mensen vinden employé in de visvangst. (DBS/Gregory Rijssen)
 

16 september 2007

   Centraal Suriname Natuurreservaat krijgt effectief beheer

Het Centraal Suriname Natuurreservaat (CSNR) krijgt een effectief beheer. Een bedrag van US$.824.193 is uitgetrokken om via een 3tal subdoelen dit te realiseren. Dit project loopt van 14 september 2007 tot en met 30 september 2010. De Suriname Conservation Foundation (SCF) heeft zich gecommitteerd aan dit bedrag.

Gistermiddag plaatsten RGB-minister Michael Jong Tjien Fa en SCF-voorzitter Wim Udenhout hun handtekening voor het project, dat de beide heren omschreven als heel belangrijk.

Udenhout gaf in zijn toespraak aan, dat het om een gebied groot 1,6 miljoen hectare ongerepte natuur gaat.

Toen de plek in 2000 op de Wereld erfgoedlijst werd geplaatst was de hele wereld blij, maar daarna moest er nog wat komen, te weten goed beheer.

Indien dat niet het geval is loopt het dan goed mis met het project. Financiële middelen spelen hierbij een grote rol.

Udenhout liet weten, dat zijn stichting via een goed systeem altijd geld zal hebben om haar doelen te bereiken. Udenhout noemt zijn stichting financieel de sterkste in Suriname, daar de gelden op een goede wijze worden belegd. Het heeft volgens Udenhout toch wel lang geduurd voordat partijen de overeenkomst konden ondertekenen.

Het was nog nieuw en er moesten nog goede afspraken worden gemaakt. De voorzitter onthulde, dat op 22 september van dit jaar de toerismefaciliteit van de SCF formeel wordt overgedragen aan RGB. Het geld, dat is vrijgemaakt voor het effectief beheer van het natuurreservaat zal volgens RGB-minister Jong Tjien Fa worden besteed via de Dienst ‘s Lands Bosbeheer.
 
De lokale bevolking in het gebied en wel de Kwinti’s zullen naar zeggen van de bewindsman betrokken worden bij de plannen in het reservaat. Het gebied beslaat ruim 10% van het grondgebied van Suriname en behoeft speciale aandacht, vindt Jong Tjien Fa. Er is volgens de minister veel gezegd over het beleid van het departement ten aanzien van beschermde gebieden.

Jong Tjien blijft erbij, dat dit op duurzame wijze geschiedt en wel in samenspraak met de partners. De bewindsman merkte op, dat hij geen situaties meer wil hebben als het Bigi Pangebied, waar stropers schade hebben aangericht aan de vogelpopulatie. Jong Tjien Fa zegt blij te zijn met de voortvarendheid van de SCF.

Teneinde te geraken tot een effectief beheer van het eerdergenoemde gebied is een 3tal subdoelen geïdentificeerd. Deze zijn: gefaseerde implementatie van het CSNR beheersplan en van het operationeel plan.
Verder zal het leasen plaatsvinden van het toeristische faciliteitenpaviljoen bij de Raleigh Vallen en de capaciteits en institutionele versterking van de beheersautoriteit. (Cliffton Saridjan/de West)
 

15 september 2007

Onoribo.........Beschadigd en verwaarloosd

Ruisende palmen, een brandende middagzon, huisjes die her en der verspreid staan langs een smalle zandweg en de geur van nasmeulend hout. Welkom in Onoribo. Het ziet er gemoedelijk uit en de stilte is op wat luidruchtige krekels na oorverdovend.

Bewoners lopen door de oude plantage richting de rivier voor verkoeling. Kinderen rennen heen en weer met vliegers. Onoribo straalt een oase van rust uit. Maar niets is wat het lijkt.

Kijk iets verder dan dit idyllische plaatje en het wordt al gauw duidelijk waarom de bewoners woedend zijn op de bauxietbedrijven BHP-Billiton en Suralco. Want nadat zij uit dit gebied zijn vertrokken, hebben ze de nodige sporen achtergelaten.

De grond rondom Onoribo is uitgemijnd, met als gevolg dat het dorpje als het ware op een eilandje zit, omringd is door de kraters van deze oude mijnen. Beschadigd en verwaarloosd door de mijnbedrijven, vinden gebelgde bewoners, die nu gecompenseerd willen worden. Zowel financieel als materieel. De weg naar de plantage die niet toegankelijk is voor de gemeenschap

Basya Arnold Amelo, een krasse 70-er, is nog immer strijdlustig. Omhangen met een sjerp in de kleuren van de Surinaamse vlag, geeft hij aan dat de voorouders van de erfgenamen door de bauxietmaatschappijen zijn beetgenomen. Grote delen van de plantage zijn voor een habbekrats gekocht en de multinationals hebben miljarden verdiend met de ontginning van bauxiet.

Onoribo kreeg daarvoor niets terug, dan een verwoest landschap, verontreinigd milieu en verboden om zich vrijelijk in het gebied te bewegen. Visvangst kwam in het gedrang, omdat stromen en zwampen waar druk werd gevist, gecontamineerd werden met chemicaliën. In 2002 was er zelfs een massale vissterfte in de Pararivier, omdat een grote hoeveelheid chemicaliën in de rivier was terechtgekomen.

“Ef’ yu ben si dede fisi.” Volgens basya Amelo zou er sprake zijn geweest van een lekkage van caustic soda. In gesprekken met de bewoners zouden de twee maatschappijen elkaar als boosdoener hebben aangewezen. De overheid word het in deze kwalijk genomen, omdat toen niet zou zijn ingegrepen.

“Soso caustic soda den trowe na a presi”, weet de basya. Hij vindt dat de oude mijnen, vooral die vlak langs de Meursweg lopen of niet al te ver van het dorp liggen, gedempt moeten worden. Bij wijze van spreken val je zo in een mijn als je uit je huis stapt. Vooral kinderen lopen gevaar, zegt de bejaarde man.

Het wooncentrum bleef behouden nadat bewoners dit in de jaren zestig met geweren hebben verdedigd toen de maatschappijen er boringen kwamen verrichten om ook daar mijnbouwactiviteiten te ontplooien.

Dat momenteel slechts zo’n dertig personen te Onoribo wonen, wordt ook de bauxietbedrijven aangerekend. Abrupte, onaangekondigde ingrijpende fysieke veranderingen in het gebied maakten dat de meeste bewoners zich elders vestigden, vooral om hun kinderen normaal school te laten volgen.

Oud-politieman Wensley Amelo ondersteunt van op afstand. Hij beklaagt zich erover dat de bauxietmaatschappijen door de jaren heen steeds de toegangsweg tot de plantage hebben verplaatst zonder overleg te plegen met de bewoners. Dan werd de weg naar het dorp en kostgrondjes de ene keer langer, om bij een volgende aanpassing weer korter te worden. Zo is het een aantal keren gegaan tot grote ergernis van bewoners. Beslissingen die van invloed zijn op het leven van de achtergebleven bewoners, werden steeds genomen zonder dat eerst met hen werd overlegd. Ook nu gebeurt dat nog.

Guno Vyent hekelt vooral het “onmaatschappelijk gedrag” van de multinationals. “Ze hebben niets voor ons gedaan”, gispt hij, eraan toevoegend dat de maatschappijen overal in het land donaties doen en sociale projecten financieren, maar tot nu toe niet in en voor Onoribo. Zelfs de belofte om de woning van de basya te helpen bouwen is niet nagekomen. “We willen een stukje compensatie, want men weet dan men verkeerd heeft gehandeld”, zegt Wensley Amelo. Dat de overheid zich ondanks talrijke beroepen in stilte hult, zorg ook voor wrevel.

Het wordt president Ronald Venetiaan en NDP-voorzitter Desi Bouterse zelfs een beetje kwalijk genomen dat zij hun stem niet laten horen, terwijl zij ook erfgenamen van Onoribo zijn. Ook het feit dat toegangswegen naar verlaten mijnen nu worden vernietigd door de bedrijven, steekt. Gesteld wordt dat de verbindingsweg die loopt naar Rijsdijk behouden en desnoods geasfalteerd wordt, zodat de weg naar Zanderij wordt ontlast.

Maar onder de bewoners schijnt er ook geen hechte eenheid te zijn. Zo heb je het plantagebestuur aan de ene kant, dat nu opkomt voor schadervergoeding en herstel, terwijl ook een stichting namens de plantage opereert en geleid wordt door ex-politiecommissaris Carlo Hunsel en politieofficier George Biervliet. Volgens de basja die eerder ook gelieerd was aan deze personen, zijn ze nu op de solotoer. “Niemand weet wat ze doen.”

Door de tweespalt hebben de maatschappijen vrijspel meent hij, omdat deze steeds aangeven niet tot zaken te kunnen komen omdat niet duidelijk is wie de rechtmatige vertegenwoordiger van de plantage is. Uit kringen rond de stichting wordt vernomen dat deze zich wel inzet voor het dorp. Zo is waterleiding en elektriciteit gerealiseerd en liggen nog veel ontwikkelingsplannen op stapel.

De andere groep wordt afgeschilderd als een stelletje gelukszoekers, dat vermoedelijk uit is op persoonlijk voordeel en de basya voor het karretje spant. Ondertussen is bekend geworden dat de bauxietmaatschappijen wel bereid zijn om samen met de bewoners enkele ontwikkelingen in het gebied tot stand te brengen. Zo is er een onderhandelingscommissie ingesteld om zaken te bespreken.

De eisen die het plantagebestuur echter stelt, vinden de maatschappijen onuitvoerbaar. Bestuursvoorzitter Kenneth Gemerts vindt echter van niet. Volgens hem beschikt onder andere BHP-Billiton over een pot van 50 miljoen US dollar om gemeenschapsprojecten uit te voeren. Van dit bedrag is volgens hem maar een schijntje uitgegeven. Er is dus meer te halen.

Het plantagebestuur eist onder andere dat het milieu wordt opgeschoond, mijnen worden gedempt of omgebouwd tot natuurgebieden, compensatie van geleden materiële en immateriële schade aan de erfgenamen, financiering van een groot recreatiegebied bij Onoribo en het aanleggen van een groot wandelpark met beplantingen van bomen en visserijfaciliteiten.

Het bestuur heeft ook een racebaan, atletiekbaan, tennisvelden en golfterrein op het oog, alsook het laten aanleggen van een begraafplaats compleet met mortuarium en crematorium, terwijl in het gebied ook 500 woningen gebouwd zouden moeten worden door de maatschappijen.

Het laatste woord in deze kwestie is nog niet gezegd. Volgens basja Amelo laten de jongeren zich niet meer pakken zoals hun voorouders is overkomen. Komende week vindt vermoedelijk weer een gesprek plaats tussen vertegenwoordigers van de plantage en de multinationals. “Den mus keer moni uit fu bouw mi plantage baka”, zegt hij tenslotte. (dWT/'Kompas'/ Bron foto Google: archief Kraaijer)
 

   Brandjes op de berm nu strafbaar bij wet

Paramaribo - Burgers die langs openbare wegen vuil in de fik steken, riskeren nu sancties waaronder een geldboete.

Deze mededeling is gistermorgen gedaan door het Korps Brandweer Suriname, tijdens een persconferentie in de brandweerkazerne aan de Gemenelandsweg.

Met ingang van 1 september 2007 zijn middels een beschikking van de minister van Justitie en Politie voorschriften vastgesteld voor de brandveiligheid.

In artikel 16 van dit nieuwe wetsproduct staat dat “het verboden is huis-, tuin- en erfvuil te verbranden op de berm langs de openbare weg of anderszins. Na enkele waarschuwingen zal worden overgegaan tot het treffen van maatregelen en het opleggen van sancties.

Deze zijn het afblussen, het zelf laten afblussen of het opleggen van een geldboete. De hoogte van de geldboete zal door de daartoe bevoegde autoriteiten worden vastgesteld. Uit statistieken van de brandweer blijkt dat zij in 2006, voor totaal 920 gras- en vuilnisbranden moest uitrijden. Meer dan de helft van de branden is geregistreerd in augustus, september, oktober en november.

Om geconstateerde overtredingen door te spelen aan de bevoegde autoriteiten, heeft de brandwer een klachtenlijn (463959) in het leven geroepen.

De brandweer start zaterdag een landelijke campagne om de burgerij te informeren over het ophalen van grofvuil in de diverse buurten.  De activiteit, die enkele weken duurt, wordt samen uitgevoerd met Milieubeheer, de Boyscouts en de verschillende buurtmanagers van de politie. Milieubeheer zorgt voor de middelen om het vuil op te halen, dat op een locatie ergens aan de Martin Luther Kingweg zal worden gedumpt. De Boyscouts zullen de pamfletten uitdelen.

Volgens brandweervoorlichter Glenn Cooman kost het de brandweer heel veel geld en menskracht om steeds weer uit te rukken om bermbrandjes te blussen. Dit, terwijl er op hetzelfde tijdstip ergens een huisbrand woedt. Cooman benadrukt dat er een enorme slijtage aan de brandweerwagens optreedt bij het steeds uitrukken voor de bermbranden. De slechte wegen eisen al gauw hun tol op aan het onderstel van de wagens, terwijl de brandweerlieden onnodig zwaar worden belast.

Door diverse sprekers, onder wie interim-hoofd brandweer Arnold Halfhide, werd beklemtoond dat er vooral nu meer aandacht besteed moet worden aan brandpreventie. Vooral omdat het vakantietijd is en kinderen veel meer thuis zullen zijn, moeten ouders volgens hen er op toezien dat de situatie thuis brandveilig is. (dWT/Greg Sitaram)
 

14 september 2007

   'Zorg en Hoop' besteedt aandacht aan Surinaamse milieubeleid

Het radioprogramma over Suriname & Surinamers in Nederland Zorg en Hoop (NPS radio 5 en live online op de internetsite) besteedt op zaterdag 15 september onder andere aandacht aan het Surinaamse milieubeleid. De uitzending is live tussen 17.00 en 18.00 uur.

Gesprek met Deryck Ferrier.

Studiogasten zijn Paul Kraaijer en Radj Bhoendoe.

Paul volgt alle ontwikkelingen op milieugebied in Suriname en schrijft hierover (http://sranan-news.blogspot.com). Radj is directeur van Seva Network Foudation, een Hindoeïstische Nederlandse ontwikkelingsorganisatie, met ook projecten in Suriname. Seva bestaat 5 jaar en Radj is net terug uit Paramaribo (http://www.sevanetwork.net).

Verder een reportage over een groep jongeren uit Suriname die in het kader van een uitwisselingsproject, een weekje in Nederland verblijft. Presentatie: Sharmila Badloe (Bron: http://zorgenhoop.nps.nl)
 

Joella biedt geloofsbrieven aan

   Duitsland benadrukt belang biodiversiteit

Paramaribo - Duitsland hecht bijzondere waarde aan de multi-etnische samenleving van Suriname waar diverse culturen op vreedzame wijze met elkaar leven. Op dit gebied is het land een voorbeeld voor de wereld.

Suriname koestert ook het belang van biodiversiteit en duurzame ontwikkeling. Dit was de rode draad van de gesprekken tussen Surinames ambassadeur in Nederland, Urmila Joella-Sewnundun en verschillende Duitse regeringsautoriteiten.

Het hoogtepunt van het driedaagse werkbezoek van Joella was de aanbieding van de geloofsbrieven als niet-residerend ambassadeur van Suriname in Duitsland aan de Duitse president Horst Kohler, afgelopen woensdag. Joella was tijdens haar bezoek vergezeld van ambassaderaad Suzan Derby en adviseur ontwikkelingsdiplomatie, Swami Girdhari.

Later dit jaar biedt de ambassadeur ook geloofsbrieven aan aan paus Benedictus van Vaticaanstad. In Duitsland heeft zij besprekingen gevoerd met autoriteiten van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ook met de Federation of German Industries (BDI), het Department for German and European Union Economic Policy en het German Institute for International and Security Affairs was er een onderhoud. (dWT/Eric Mahabier)

   Brandweer maakt gemeenschap bewuster

Paramaribo -  Onder de slagzin “Denk na voor u brandt” is de ‘Tan Faya Basi, drogetijd campagne van het Korps Brandweer Suriname (KBS) op 4 augustus van start gegaan.

Het doel van deze campagne is om gras/vuilverbranding terug te dringen in de gemeenschap.

Vanaf 6 september is er een klachtenlijn ingesteld, waarbij burgers hun klachten over gras/ vuilverbranding mogen melden op het telefoonnummer 463959.

De afdeling Preventie van het KBS zal in samenwerking met het Korps Politie Suriname (KPS) uitrukken naar de geregistreerde klachten om de nodige maatregelen te treffen.

Doel van deze actie is om verbaliserend op te treden tegen aanstekers van gras/vuilverbranding, wat overigens momenteel als een overtreding wordt aangemerkt. In samenwerking met Milieubeheer zal er van 15 september tot en met 31 oktober in verschillende buurten grofvuil worden opgehaald.

Met het laatste wordt bedoeld kartonnen dozen, gras, boomtakken en stronken, bladeren en plastic. Ander vuil wordt niet opgehaald. Hierover heeft het KBS gisteren een persconferentie gehouden om de vertegenwoordigers die betrokken zullen zijn te laten vertellen van wat hun inbreng zullen zijn.

Diverse sprekers z.a. Owen Wolff (adjunct hoofd Brandmeester), Eugene Schultz (commandeur hoofd Preventie), Arnold Halfhide (Manager Brandweer), Gillian Wielzen (vertegenwoordiger Milieubeheer), Jerry Williams (Padvinderij) en Henry Kia (buurtmanager) hebben hun zegje gedaan en aangegeven hoe belangrijk deze campagne is.

De Brandweer wil met deze ‘Tan Faya Basi’ campagne de gemeenschap bewuster maken om niet roekeloos gras/vuil te verbranden. (DBS/Zahier Azizahamad)
 

12 september 2007

   Onoribo nagelt bauxietbedrijven aan schandpaal

Paramaribo - Vermeend onmaatschappelijk gedrag dreigt BHP-Billiton en Suralco zuur op te breken. Bewoners van het dorpje Onoribo in Para zijn woedend op de twee bedrijven die hun woongebied hebben uitgemijnd en in een verwoeste en vergiftigde staat achterlaten.
 
De mijnbedrijven gaan nu weg uit het gebied “zonder ooit iets voor de mensen te hebben gedaan”.

BHP-Billiton en Suralco worden daarom aan de schandpaal genageld door het plantagebestuur van Onoribo, totdat aan de eis om het gebied te rehabiliteren en enkele ontwikkelingsprojecten uit te voeren, is tegemoet gekomen. De bedrijven zouden niet willen meewerken aan de ontwikkeling van het gebied.

Bestuursvoorzitter Kenneth Gemerts zegt aan de Ware Tijd, dat de bewoners in het offensief gaan, omdat ze geen gehoor vinden bij de maatschappijen.

“We zetten ze met de billen bloot om te voorkomen dat ze dit ergens anders in Suriname weer doen”, zegt Gemerts, doelende op plannen van de twee bedrijven om activiteiten in West-Suriname te beginnen. “Het plantagebestuur gaat daarom actie voeren om BHP Billiton en de Suralco te bewegen behoorlijk bestuur toe te passen”, stelt Gemerts.

De bewoners weten zich in hun streven om het uitgemijnd gebied weer leefbaar te maken en verder te ontwikkelen, gesteund door minister Rusland van Natuurlijke Hulpbronnen (NH). De bewindsman is gevraagd om in te grijpen en de multinationals tot andere gedachten te brengen.

Met de NH-minister, vertegenwoordigers van het Nimos en het Bauxietinstituut is ondertussen al enkele keren vergaderd en volgens Gemerts heeft Rusland beloofd dat BHP-Billiton en Suralco geen contract voor West-Suriname krijgen als het gebied rond Onoribo niet is hersteld. Pogingen om een reactie van de twee bedrijven te vernemen bleven vruchteloos, ook de NH-minister was onbereikbaar.

Wat voor Onoribo de deur dicht deed, is dat de twee bedrijven nadat ze de mijnen in de omgeving hadden gesloten, hun  equipement aan derden verkochten, de verlichting nabij de plantage hebben verwijderd en de infrastructuur bij Onoribo vernietigen. “Onoribo is ‘s avonds nu een spookplek”, zegt Gemerts.

De wegen die leiden naar de mijngebieden zijn ondertussen door de bauxietbedrijven met zwaar materiaal opengebroken, zodat geen toegang meer mogelijk is. De bewoners beklagen zich erover, dat er meren zijn achtergelaten die vol zitten met caustic soda, zwaar materieel zoals oude trucks en afval uit de potroom van de aluinaarderaffinaderij. Onlangs liep een jongen uit het dorp ernstige brandwonden aan een been op toen hij in de ‘chemische’ blubber bij één van de mijnen stapte.

Het plantagebestuur geeft aan, dat als onderdeel van de acties de inheemsen van West-Suriname zullen worden uitgenodigd om de ravage die is aangericht in het Onoribogebied te komen bezichtigen. Ook zullen de moedermaatschappijen van de twee bedrijven worden ingelicht over de “ontoelaatbare praktijken van hun dochtermaatschappijen in Suriname”. “Iedereen moet weten hoe ze zijn”, hekelt  de bestuursvoorzitter.

Ook gaat Onoribo bundelen met de plantages Osembo, Overtoom en Onverwacht om een breder front te vormen tegen de twee mijnbedrijven. Ondertussen is een eisenpakket aan de twee bedrijven voorgelegd. Zo eist het plantagebestuur rehabilitatie van het gebied, opschoning van het milieu, dempen van mijnen en compensatie van geleden materiële en immateriële schade aan de erfgenamen.

De bewoners willen ook het beheer over het gezondheidscentrum en de wooncentra van BHP-Billiton nabij Onoribo, terwijl zij een scala aan andere eisen hebben, variërend van het ontwikkelen van scholingsactiviteiten, tot het aanleggen van een begraafplaats.

Gemerts legt uit, dat de afgelopen periode veel brieven zijn geschreven naar de twee bedrijven, echter  zijn beloften die werden gedaan nooit nagekomen. “Lafaards” en “erger dan de kolonisator”, zo typeert hij de houding van de bauxietmaatschappijen. (dWT/Ivan Cairo)
 

DC Commewijne:

   ‘Matapicastrand is beheersgebied’

Paramaribo -  Terwijl landkaarten van Suriname duidelijk aangeven dat het Matapicastrand een beschermd gebied is, blijft de districtscommissaris van Commewijne, Humphrey Soekimo, volharden dat het niet om een beschermd gebied gaat maar om beheersgebied.

Verder heeft ook de directeur van het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond en Bosbeheer, Frans Kasantaroeno, die de uitgifte van 20 hectare van het Matapicastrand bevestigde, volmondig beaamd dat het hierbij om een beschermd natuurgebied gaat.

De DC van Commewijne behoort namelijk ook tot een van de instanties die positief advies hebben gegeven voor de uitgifte. Echter wilde de DC niet hierover uitweiden.

‘Het is confidentieel’, zei hij toen DBS hem de vraag stelde op grond waarvan hij een positief advies heeft uitgebracht. Wel verschuilt hij zich achter ‘s Lands Bosbeheer, LBB, door er steeds de nadruk op te leggen dat die instantie de verantwoordelijkheid draagt voor het Matapicastrand.

De uitgifte van 20 hectare van het Matapicastrand aan de West Leisure Beach Resort voor het opzetten van een toeristisch oord, heeft voor veel ophef gezorgd binnen de samenleving.

De zoon van de PL-voorzitter vervult een prominente rol binnen deze organisatie. Op grond hiervan wordt gesteld dat deze kwestie riekt naar een politiek spelletje. Het ministerie van RGB valt namelijk ook onder het beheer van de PL. Ook de diverse instanties die over de gronduitgifte positief advies hebben uitgebracht, behoren tot PL componenten. (DBS/Asha Bhagwat)
 

Indra Djawalapersad:

   ‘Straks worden Onafhankelijkheidsplein en Palmentuin uitgegeven.’

Paramaribo -  ‘We moeten echt niet verbaasd opkijken wanneer het Onafhankelijkheidsplein en de Palmentuin door het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond en Bosbeheer, RGB, worden uitgegeven onder het mom van het opzetten van een toeristisch oord’, reageert de oud-voorzitter van het parlement Indra Djawalapersad zeer geïrriteerd tegenover DBS.

De uitgifte van 20 hectare beschermd natuurreservaat van het Matapicastrand aan politieke vrienden van de Pertjajah Luhur, waar de boezem van de RGB ligt, heeft behoorlijk kwaad bloed gezet bij de politica. ‘Het is nu tijd geworden voor de president om in te grijpen. Hij is een executieve president’, klinkt haar roep.

Volgens haar begint het te bont te worden, wanneer al de gronduitgiftes die zich hebben voltrokken sedert het bestaan van het ministerie van RGB, in ogenschouw wordt genomen. Djawalapersad heeft er beslist geen goed woord voor over dat de directeur op het ministerie van RGB, Frans Kasantaroeno, ook nog doodleuk aangeeft dat een deel van het beschermde natuurreservaat van de Tafelberg is uitgegeven.

‘Dit alles is echt de druppel geweest die de emmer heeft doen overlopen.Het behoeft beslist geen betoog dat dergelijke uitgiftes gepaard gaan met het ontplooien van commerciële doeleinden. Nergens op de wereld is het gebruik dat beschermde natuurgebieden worden uitgegeven, voor welke doeleinden dan ook.

Het is overduidelijk dat het gezegde, dat middels de uitgifte het toerisme wordt gestimuleerd, slechts als een dekmantel fungeert. In het prille begin maakte de PL zich schuldig aan het creëren van stichtingen, die zogenaamd het beheer van de gronden op zich namen. Momenteel gebeuren dergelijke handelingen met ‘open ogen’ alsof het de normaalste zaak van de wereld is.’

Djawalapersad blikt terug en vertelt dat er zich in de regeringsperiode van ex-president Jules Wijdenbosch ook een soortgelijke zaak had voorgedaan. Een deel van een beschermd gebied in Nickerie was namelijk uitgegeven. Maar door de vele protesten uit de gemeenschap is dit besluit teruggedraaid. ‘Ja, in die periode zat de zittende regering in de oppositie.

Wanneer dit besluit teruggedraaid kan worden? Waarom kunnen de besluiten die onlangs zijn genomen bij de uitgifte van de beschermde natuurgebieden niet teruggedraaid worden?’, vraagt Djawalapersad zich af. Verder heeft zij er beslist geen goed woord voor over dat het staatshoofd van het land, president Ronald Venetiaan, doet voorkomen alsof er ‘niets aan de hand is.’

Aan de andere kant begrijpt ze de president heel goed en kan het zich ook voorstellen dat de president niet anders rest dan het ‘heel voorzichtig manoeuvreren tussen de coalitie en er tevens zorg voor zorgdragen dat hij geen enkele partner op de teentjes trapt. Hij moet zich manoeuvreren tussen vele gevaarlijks soela’s.’ (DBS/Asha Bhagwat)


   Grof-vuilophaal komend weekend van start

Paramaribo -  Buurtmanager van de De Nieuwe Grond, Gautam Jaggessar, gaf tegenover DBS te kennen dat de Brandweer het initiatief heeft genomen om in samenwerking met Milieubeheer en de buurtmanagers het komend weekend van start te gaan met het ophalen van grof vuil. De buurtmanager zegt dat het programma begint op 15 september en dat men wil eindigen tegen eind oktober.

Hierbij zal Milieubeheer zorgen voor het transporteren van vuil. Men heeft voor dit weekend een aantal straten staan op de lijst waaronder Welgedacht A, B en C, Bungalowpark, Hanna’s Lust en Vredeslustweg 1 en 2. De buurtmanager zegt wel dat de burgers het vuil zodanig moeten plaatsen, dat het verkeer geen last daarvan ondervindt.

Verder hoopt hij dat burgers ook een helpende hand bieden wanneer het vuil wordt opgehaald. De buurtmanager legt de nadruk erop dat er helemaal geen vuil verbrandt mag worden. Mocht de burgerij zich toch schuldig maken hieraan, dan zal zij fikse boetes betalen indien men wordt betrapt. ‘Ik verwacht dat de burgers hun medewerking verlenen en dat alles vlot verloopt’, aldus de buurtmanager. (DBS)


Oude vuilstortplaats Chauthiproject:

   Verblijfplaats ongedierte en dieven

Paramaribo -  Buurtbewoners van het Chauthiproject zeggen enorm veel last te ondervinden van slangen en ongedierte die huis houden op de oude vuilstortplaats. Enkele jaren terug moest een perceel achter het Chauthiproject ruimte maken voor een vuilstortplaats, omdat de vuilstortplaats van Charlesburg, beter bekend als Krepie, niet meer ter beschikking zou zijn.

Na enkele actieve jaren moest deze vuilstortplaats ook gesloten worden en werd het overgeheveld naar de huidige plaats Ornamibo. Wat nu door de jaren heen is gaan gebeuren is, doordat er geen activiteiten meer plaatsvinden, dat de hele plaats nu in een bosschage is veranderd.

De grove vuildelen die nog zijn gebleven vormen een goede plek voor heel wat ongedierte om huis te houden. De buurtbewoners zeggen dat zij enorm veel last ondervinden van reptielen, vooral slangen, waar tussen je een aantal giftige hebt. “Het lijkt wel of ze op den duur onze huisdieren zijn geworden.” Het perceel is zodanig overwoekerd dat het ook een enorme schuilplaats biedt aan dieven.

Volgens de buurtbewoners maken dieven vaak gebruik van dit bos om hun buit op te slaan of zich te verschuilen. Zij geven aan dat de situatie op deze oude vuilstortplaats heel gevaarlijk is en hopen dat er eindelijk eens maatregelen getroffen zullen worden om ze van al deze plagen te verlossen. (DBS/Santi Sieuw)
 

10 september 2007

   Terroriserende jaguar doodgeschoten

Paramaribo -  Een jaguar,in de volksmond tijger, die in het Reeberggebied actief is geweest, is zondagochtend 9 september doodgeschoten door de gebroeders Redjopawiro.

In de afgelopen maanden terroriseerde het beest het hele Reeberggebied in het district Wanica, dat bekend staat als het melkveeteeltgebied van Suriname. Deze gevreesde tijger heeft naar schatting vier koeien en enkele geiten gedood.

Deze tijger die een lengte heeft van ongeveer 1.85 meter, van kop naar staart, maakte er de gewoonte van om kalveren, koeien en geiten in de vroege ochtend te besluipen vanuit de bosrand om ze aan te vallen.

De gedode dieren werden daarna enkele honderden meters verderop, het bos in gesleept waarna ze later rustig werden verorberd. Het is zelfs voorgekomen dat enkele van de gedode dieren in bomen werden aangetroffen. Als gevolg van de verdwijning van vee hadden de veeboeren de veronderstelling dat ze te maken hadden met een intelligente veedief.

Op het perceelland van de familie Redjopawiro op Reeberg werd vorige maand deze tijger toevallig op heterdaad betrapt, toen hij een kalf het bos in sleepte. Hierdoor moest hij zijn verwonde prooi achterlaten. Door de veeboeren is toen op vele manieren getracht om hem in een val te lokken. Een van de manieren is geweest om een lokaas te gebruiken, in de vorm van een kleine geit.

Zondagochtend was het weer raak. De gebroeders Redjopawiro hoorden deze kleine geit mekkeren en blèren als gevolg van een aanval van de hongerige tijger. Zij gingen naar de bewuste plek en schoten de tijger neer met twee geweerschoten. Volgens Edward Redjopawiro is het heel erg jammer dat de populatie van bedreigde diersoorten op zo’n manier wordt verminderd.

Aan de andere kant zegt hij dat de veeboeren bij geen enkele instantie terecht kunnen om hun beklag te doen wanneer hun eigendommen, have en goed, in dit geval hun vee, wordt gedood. Hij vraagt zich af wie voor deze schade aansprakelijk moet worden gesteld, en/ of in hoeverre er schadevergoeding kan worden betaald voor dit verlies. (DBS)


   Beschermde gebieden mogen weggegeven worden

Paramaribo -  Omdat de activiteiten in het belang van een toeristische attractie zullen zijn en de adviserende instanties groenlicht hebben gegeven, is dat reden voor de minister van Ruimtelijke ordening, Grond en Bosbeheer geweest om 20 hectare van beschermd gebied uit te geven.

Dit laat Frans Kasantaroeno, RGB-directeur weten. Hij laat weten dat afhankelijk van wat de noodzaak van de aanvraag is, in de toekomst ook andere delen van beschermde gebieden kunnen worden uitgegeven.

Vooral wanneer de adviserende instanties in Suriname positief hierop reageren. Het toeval wil dat nu de hoofden van deze adviserende instanties (LBB, Grondinspectie, Stinasu en DC van Commewijne) politieke exponenten van de Pertjajah Luhur zijn. Op Stinasu neemt het hoofd van LBB waar.

‘Wat geeft de wereld aan ons?’, vraagt de RGB-topman als hem wordt gezegd dat het de bedoeling is dat beschermde gebieden om hun ecologische waarde onaangetast moeten blijven. ‘Niks geeft de wereldgemeenschap ons. We hebben tot nu toe weinig gedaan om het maximale te halen uit de natuurreservaten.

Een natuurreservaat is goed voor de grote wereld, maar wat hebben wij eraan als wij geen economische activiteiten ontplooien. En daarmee zijn we nu bezig.’ Kasantaroeno zegt dat het beleid van het ministerie er ook op gericht is om toerisme te stimuleren. Een ander toeristisch bedrijf heeft volgens Kasantaroeno ook concessie gehad op de Tafelberg. Tafelberg bevindt zich in het Centraal Suriname Natuur Reservaat. (DBS/Gregory Rijssen)


   Directeuren LBB en Natuurbeheer een koppel

Paramaribo -  Op het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond en Bosbeheer (RGB) zijn de hoofden van ’s Lands Bosbeheer (LBB) en Natuurbeheer een koppel. Dit brengt volgens enkele werknemers een stressvolle situatie met zich mee.

Zo weten ze niet waar ze naartoe moeten wanneer zij hun beklag over het reilen en zeilen op Natuurbeheer willen doen. Natuurbeheer is een onderdeel van LBB. Volgens een anonieme werknemer die een boekje hierover opendoet, doet niemand zijn beklag meer. ‘Is het geen conflict of interest?’, vraagt de werknemer zich af.

‘Mensen stappen niet naar de leiding. Men klaagt wel maar men laat het precies zo.’ Frans Kasantaroeno, RGB’s directeur, zegt pas op een gepaste wijze op deze kwestie te zullen reageren wanneer de naam van de klokkenluider bekend is. Hij bevestigt dat de betreffende personen werkelijk een koppel zijn.

Hij beaamt dat koppels op een werkvloer normaal zijn. Bij elke klacht kunnen werknemers uiteindelijk hun grieven deponeren, ook al gebeurt dit anoniem. ‘Ik ben de directeur. Niet het publiek gaat het probleem oplossen, maar ik. Als het een intern probleem is dat het functioneren van het ministerie belemmert, wil ik een oplossing hebben’, aldus Kasantaroeno. (DBS/Gregory Rijssen)
 

8 september 2007

   Twintig hectare Matapicastrand uitgegeven

Paramaribo -  Dat twintig hectare van het Matapicastrand is uitgegeven, werd gisteren bevestigd door de directeur van het ministerie van Ruimtelijke ordening Grond en Bosbeheer, Frans Kasantaroeno.

Het Matapicastrand behoort namelijk tot beschermd natuurgebied.

DBS maakte in een eerdere editie reeds melding van deze mysterieuze uitgifte. Het stuk gebied is in grondhuur uitgegeven aan de NV Western Leisure Company.

Volgens de directeur is dit gebeurd in samenspraak met de daartoe bevoegde instanties, waaronder het ’s Lands Bosbeheer, LBB, de Grondinspectie, de districtscommissaris.

De adviezen voor uitgifte zijn goed bevonden. De doelstelling hierachter is het opzetten van een toeristisch project.

De normale voorwaarden die gehanteerd worden bij het opzetten van een project, zijn hier ook vereist.

Op de vraag wat het beleid is betreffende de gronduitgifte van beschermde gebieden, zei de directeur dat dit absoluut op legale wijze is geschied en volgens de normale procedures.

Hij beukte hierbij op de positieve adviezen die door vermelde instanties zijn uitgebracht.

De directeur ontkende in alle toonaarden dat het ministerie zich schuldig zou maken aan het ‘a la dol’ uitgeven van gronden. (DBS/Asha Bhagwat)
 

   Suriname mag milieu-imago niet schaden

Paramaribo - Suriname moet waken zijn internationale imago ernstig te schaden door niet op te treden tegen de illegale goudwinningsactiviteiten in beschermde gebieden.

Ons land heeft zich via nationale en internationale wetgeving gecommitteerd bij te dragen aan het instandhouden van zijn biodiversiteit. “Er zal worden opgetreden tegen personen in die gebieden.

Het is een civiele aangelegenheid dus is het in eerste instantie de verantwoordelijkheid van de politie. Maar er komt assistentie van het leger”, stelt president Ronald Venetiaan gerust.

Met name (internationale) milieuorganisatie hebben de alarmklok geluid over de situatie die zich afspeelt in onder meer het Brownsberg natuurpark.

Illegale goudzoekers, waarvan veel Brazilianen en niet zelden ondersteunt door Surinamers, zijn het gebied binnengetrokken en hebben gigantische schade toegebracht aan het milieu. De moeilijkheid van het leger is dat de financiering van voorzieningen moeizamer verlopen dan die voor de politie.

Buitenlandse financiers en/of donoren zijn namelijk niet happig te investeren in een legermacht. “Hierdoor hebben de mensen van het Nationaal Leger het gevoel dat ze worden achtergehouden”, beschreef Venetiaan de gevoelens die leven onder de manschappen. Maar de regering werkt eraan om alles te doen waardoor het leger ook zijn functie van ontwikkelingsleger beter kan gaan invullen.

Uit het kamp is altijd gezegd dat het leger klaarstaat om te assisteren bij het waarborgen van de veiligheid in het binnenland. De opdracht moet echter vanuit de regering komen. Dit kan al binnenkort het geval zijn, omdat de ministers van Defensie, Justitie en Politie, Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeleid overleggen om een permanente politie/militaire detachering te stationeren op Brownsberg.

Het natuurreservaat kampt sinds eind jaren negentig met illegale goudzoekers die in hun zoektocht naar het edelmetaal hun vernietigende activiteiten vooral de laatste jaren drastisch hebben opgevoerd. Hoewel er in het verleden wel eens is ingegrepen, kwamen de garimpeiros terug, omdat er geen permanente bewaking is in het gebied. (dWT/Vernon Texel/foto: archief Kraaijer)
 

7 september 2007

   WWF en IICA bemiddelen in zaak Donoe

Paramaribo - Karel Donoe is één van de mensen die deelneemt aan de pilots die in het kader van WWF Duurzaam Werkgelegenheidsproject te Brownsweg, sinds oktober vorig jaar zijn gestart.

Uitvoerder is de Inter American Institute for Cooperation in Agriculture (IICA), terwijl het Wereldnatuurfonds (WWF) de projecten financiert.

Het project is destijds door de plaatselijke organisatie Tjunfanga aangevraagd om meer en alternatieve werkgelegenheid te creëren voor de lokale bevolking.

Momenteel voorziet een groot deel van de bevolking in en rondom het Brownsweg Natuurpark zich van een inkomen door de illegale dierenhandel, illegale goudwinning en illegale houtkap. Behalve dat de activiteiten zorgen voor brood op de plank, tasten zij helaas ook het milieu aan en hebben dergelijke activiteiten geen duurzaam karakter.

De Country Director van het Wereldnatuurfonds Suriname, Gerold Zondervan zegt dat uit officiële stukken blijkt dat Donoe tussen 2003 en 2005 een goudwiningsconcessie had voor het betreffende stuk grond. Zondervan: “Deze is dus nu komen te vervallen. Daarna heeft Donoe in 2004 voor hetzelfde stuk grond grondhuur aangevraagd voor het doen van duurzame landbouw.” Niet duidelijk is of Donoe deze aanvraag heeft gehad.

Zondervan geeft wel aan dat de Mijnwet, op grond waarvan Rosebel Goldmines (RGM) een goudwinningsconcessie heeft voor het gehele Brownsweggebied, conflicteert met de Boswet. “Ook al krijgt iemand een concessie voor bijvoorbeeld houtwinning of landbouw, een ander kan voor hetzelfde stuk grond aan mijnwinning doen. Dat is de realiteit in Suriname.”

Ook Donoe deed tot 2005 dus aan goudwinning, totdat hij deelnam aan het Wereldnatuurfonds-IICA project. Intussen heeft RGM Donoe gesommeerd te vertrekken van haar mijnbouwconcessie. Zondervan: “Het is heel jammer dat het nu zo loopt, want het is het eerste project van dit soort in Suriname.

Zo zit er een trainingscomponent in waar de bevolking geleerd wordt aan gewasrotatie te doen, dus op een andere manier hun kostgrondje te verbouwen. Deze en andere trainingen gaan volgende week van start.” Eind oktober moet volgens schema het project worden afgerond. Zondervan is positief over de uiteindelijke afloop.

“Ondanks de ontwikkelingen met Donoe zijn wij als uitvoerder en financier positief gestemd, want we hebben gemerkt dat de bevolking uit zichzelf duurzame landbouwmethoden wil toepassen.” Om het fijne van het geschil tussen Donoe en RGM uit te zoeken, hebben WWF en IICA  toegezegd contact te zullen maken met het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer. (dWT/Nancy de Randamie/Ivan Cairo)
 

Rosebel Goldmines gedoogt landbouwers op consessie

   Porknokkers ongewenst

Journalisten orienteren zich bij een van de vier goudputten die Karel Donoe volgens medewerkers van Rosebel Gold Mines op de concessie heeft laten graven. Naar verluidt levert een put tussen de 1 en 1,5 kilo goud op. Doorgaans is 10 procent voor de personen die gouddelvers toestemming geeft daar te werken.

Paramaribo - Wie landbouw of andere economische activiteiten ontplooit op de goudconcessie van Rosebel Gold Mines (RGM) in Brokopondo zal niet gehinderd worden door de maatschappij.

Integendeel zullen ze op technische assistentie mogen rekenen. Goudwinning en andere mijnbouwactiviteiten zullen echter niet worden toegestaan. Dit zegt majoor Pertabsing Goerdajal, chef Veiligheid bij de goudmaatschappij.

Naar aanleiding van een dispuut tussen de porknokker Karel Donoe en Rosebel Goldmines hebben journalisten zich gisteren ter plekke georiënteerd. Ondertussen is tegen Donoe een klacht ingediend bij de politie van Brokopondo en zal ook een klacht bij de procureur-generaal worden gedeponeerd.

Donoe zegt dat hij niet zal vertrekken en dat hij opkomt voor zijn rechten en die van alle binnenlandbewoners. In eerste instantie hield Donoe vol dat de plek waar hij Braziliaanse gouddelvers met zwaar materieel aan het werk heeft gezet, buiten de concessie van RGM ligt. Hij kwam daarvan terug nadat Goerdajal met behulp van kompas en GPS-apparatuur aantoonde dat hij op RGM-terrein werkte.

Donoe ontplooide zijn activiteiten op een stuk terrein dat ligt in het Headley’s Block van RGM’s concessie. De illegale porknokker vroeg in juli 2003 200 hectare grond aan bij de autoriteiten om aan kleinmijnbouw te doen. Hij heeft van de overheid geen reactie gehad op zijn aanvraag. De man zegt dat hij al drie jaar landbouw als hoofdactiviteit heeft, die hij financiert met opbrengsten uit de goudwinning.

Ter plekke staat echter een pas opengekapt stuk bos, waar enkele jonge cocosplantjes in de grond zijn gestopt. Andere gewassen staan er niet. Onlangs kreeg Donoe wel plantmateriaal zoals citrus en kersen van de IICA. De man beklaagt zich erover dat binnenlandbewoners geen domeingrond in het binnenland krijgen toegewezen, als ze die aanvragen, maar anderen wel. Daar moet een einde aan komen. Bewoners van het gebied hebben dezelfde rechten op grond als alle landgenoten elders in Suriname.

Volgens RGM is het landbouwproject slechts een dekmantel om de goudactiviteiten te kunnen ontplooien. De maatschappij is voorts fel gekant tegen de milieu-onvriendelijke werkmethode van deze en andere porknokkers, die enorme kraters graven en met grote hoeveelheden kwik het goud winnen. Nadat de grond is uitgeput wordt een andere locatie uitgekozen en begint het proces van vooraf aan.

Goerdajal legt uit, dat de achtergelaten plassen stilstaand water een broedplaats vormen voor muskieten en het risico groot is dat malaria in het gebied opduikt. Ook vormt het kwik een groot gezondheidsrisico voor de lokale bevolking, omdat in de regentijd het bos onder water loopt en het vervuild mijnwater in de kreken in de omgeving terechtkomt. Dit kan ernstige schade veroorzaken aan de gezondheid van omwoners, omdat ze overwegend gebruikmaken van water uit de kreken.

Behalve accu’s, afgewerkte smeerolie, plastic en kapotte machine-onderdelen die in het bos worden achtergelaten, was ter plekke ook een provisorische hoerentent opgezet waar Braziliaanse vrouwen hun diensten aanboden. Volgens majoor Goerdajal werkten ongeveer 60 Braziliaanse gouddelvers met vier graafmachines en pompinstallaties in het gebied.

Van de Brazilianen is vernomen, dat Donoe hen had voorgehouden toestemming van RGM te hebben om op de concessie te werken. Het gebied is in stukken verdeeld en verhuurd aan de Braziliaanse garimpeiros. Afhankelijk van de productie moesten ze per maand 100 tot 200 gram goud aan Donoe betalen. (dWT/Ivan Cairo)


6 september 2007

   Dierenmishandeling langs de straat

Aap als huisdier, ergens in Commewijne

Paramaribo - Aan de Van Idsingastraat wordt er stevig gehandeld in monki monki’s (doodskopaapjes) en koelé koelé’s. De dieren staan langs de weg in de hete zon, in veel te krappe hokjes. Voor iedereen te zien en te koop.

De Stichting Dierenbescherming Suriname wil ingrijpen, maar mist de wettelijke bevoegdheid om in dit geval op te treden. Die hebben de jachtopzieners van de dienst ’s Lands Bosbeheer wel.

“De dieren moeten schaduw hebben, voeding en drinken. Als dat er niet is, valt het onder dierenmishandeling”, zegt jachtopziener Hirdainarain Gobind. “De mensen zijn erop aangesproken.”

Het is nu een open seizoen voor monki monki’s en koelé koelé’s, vertelt Gobind. “Dat betekent dat je de dieren bij je mag hebben, met ze mag lopen en ze mag verkopen.” Ten aanzien van kleine ruimtes mogen de jachtopzieners wel ingrijpen.

Niet omdat de wetgeving ontbreekt, betekent het dat het goed is dieren slecht te behandelen.

“Apen zijn niet geschikt als huisdier”, legt dierenarts Leontien Bansse-Issa uit, “maar volgens de wet mag het wel”.

Zij is voorzitter van de Stichting Dierenbescherming Suriname. Ze pleit voor richtlijnen, die de afmetingen van kooien wettelijk vaststelt en aangeeft hoeveel van een soort in een kooi mogen.

Doodgeschoten aapjes, Boven Coesewijne, juli 2007; apenvlees wordt in Suriname gegeten

Uit een onderzoek in 2005 blijkt, dat er meer dan 3.000 apen als huisdier worden gehouden in Suriname.

De meest gehouden soorten zijn de bruine capucijneraap, de monki monki en de zwarte spinaap. Apen die als huisdier worden gehouden, vertonen ondervoedings-verschijnselen en gestoord gedrag.

De verblijven van de primaten laten te wensen over: een roestige kooi of aan een ketting gebonden, in de zon en in de regen.

Omdat de eigenaren niet veel weten over de voedingsecologie van het dier, verkeren de apen in een slechte lichamelijke conditie.

Het geval van de Van Idsingastraat is één van de vele in Suriname, geeft Bansse aan.

“Als het jachtseizoen open is, verkopen mensen openlijk, maar als het gesloten is, kan je nog steeds bij ze terecht.” Op verschillende plekken worden dieren verkocht in veel te kleine kooien die in de zon staan, al dan niet zonder vergunning.

Of de dierenverkopers van het bovenstaande geval een vergunning hebben, weet Gobind niet. Vergunningen vallen onder het ministerie van Handel en Industrie, zegt hij. De verkopers zelf wilden geen commentaar geven. (dWT/Lesda Pelswijk en Bonnie van Leeuwaarde/Bron foto's: archief Kraaijer)

 

 

TOP