Zoeken ? ( Cntrl + F )
Natuur en milieu
20 februari 2008
Vuilophalers schelden uit:
Teveel vuil op de Indira Gandhiweg Paramaribo - Enkele bewoners van de Indira Gandhiweg gaven tegenover DBS te kennen dat zij worden uitgescholden door vuilophalers.
‘Het gedrag van de vuilophalers wekt nu ernstige irritaties op, zegt Monica. ‘Als wij op het erf staan of op straat lopen, worden wij uitgescholden.’
Ook zegt Monica dat de ophalers tijdens het ophalen van vuil bij enkele winkeliers langs gaan om een fooi te halen. ‘Dit kan toch niet? Zij worden toch betaald door de overheid’, merkt zij op.
Op de vraag waarom zij uitschelden zegt Monica dat zij beweren dat de mensen teveel vuil op straat zetten. ‘A wroko e hebie gi unu’, zeggen ze dan. Monica hoopt samen met de bewoners aan deze weg dat de ophalers hun gedrag veranderen, omdat niet iedereen het accepteert als men met ‘ma….’ wordt uitgescholden.
De buurtmanager van De Nieuwe Grond, Roy Ramelan, om een reactie gevraagd, zegt dit door te zullen spelen aan het hoofd van de afdeling Vuilophaal van dat gebied. Ramelan zegt ook een onderzoek te beginnen wie de personen zijn die graag uitschelden en/of zij werkelijk uitschelden. Indien dit waar is zullen er maatregelen worden getroffen zodat het asociaal gedrag verandert, aldus Ramelan. (DBS/Rakesh Soekhoe)
Opruiming olievlek Saramaccarivier
Paramaribo - Op 14 februari heeft er tijdens het laden van een riviertanker op Huwelijkszorg, aan de rechteroever van de Saramaccarivier in het district Saramacca een verspilling van olie plaatsgevonden. Hierbij kwamen enkele tientallen barrels olie in de Saramaccarivier terecht.
Door stroming en getij heeft deze olie zich verspreid en zich deels op beide oevers afgezet. Het Staatsolie Oil Response Team (Sort) is kort hierna in actie gekomen. Het vervuilde gebied in de rivier werd afgezet en er werd gestart met het opruimen van de gemorste olie.
De autoriteiten waaronder de districtscommissaris, de politie van Saramacca, Nimos, LVV en omwonenden zijn in een vroeg stadium op de hoogte gesteld van de olieverspilling en de activiteiten die zouden worden ontplooid om deze op te ruimen. Op 15 februari heeft de districtscommissaris van Saramacca zich ter plaatse georiënteerd.
De scheepvaart op de Saramaccarivier is normaal doorgegaan. Een door Staatsolie ingesteld onderzoeksteam zal de oorzaak van deze verspilling vaststellen. De werkzaamheden voor het herwinnen van de gemorste olie en de schoonmaak van beide oevers worden voortgezet.
De olie afkomstig uit het Calcuttaveld, wordt vanuit Huwelijkszorg per riviertanker vervoerd naar de verder aan de linkeroever van de Saramaccarivier gelegen verwerkings- en zuiveringsinstallatie aan de Jossiekreek. (DBS)
Overwoekerde goten te Rensproject
Paramaribo - Haast alle goten op het Rensproject te Kwatta zijn overwoekerd en dichtbegroeid. De bewoners van het project maken zich hierover ernstige zorgen, aangezien de goten nu een ideale broedplek zijn voor gevaarlijke ongedierte.
Dit is ook de oorzaak dat er bij de minste regenval water blijft liggen op de erven en straten. Het water kan door de dichtbegroeiing van de goten zijn weg niet vinden en loopt zo over naar de erven. Een bewoonster maakte de opmerking dat dit probleem haar op extra kosten jaagt. ‘Wij zijn verplicht laarzen te kopen’, zegt zij.
De bewoners hopen dat dit probleem wordt aangepakt en zijn ook zeer ontevreden dat er voor Rensproject nog geen buurtmanager is gekozen. Volgens hen worden problemen sneller aangepakt als er een buurtmanager aanwezig is. Die houdt zich dan specifiek bezig met de problemen van een gebied. Een buurtmanager voor Rensproject is noodzakelijk, zeggen zij.
DBS sprak hierover met de buurtmanager van het ressort Munder/ Boerbuiten, Beeldstroo Haime Audrey. Zij gaf te kennen dat men bezig is met een buurtmanager voor Rensproject. De leiding zal iemand moeten aanwijzen Dit kan niet binnen korte termijn. (DBS)
19 februari 2008
‘Een vogel van 800 US dollar in de soeppot?’
De tjambaraaf maakt ook deel uit van het vogelonderzoek van Stinasu. De export van deze vogel is beperkt tot 650 per jaar.
Paramaribo - Surinaamse papegaaiachtige vogels zijn waardevoller dan beseft wordt.
De dieren zijn nog niet bedreigd maar wel sterk aan het afnemen, door gebrek aan kennis en bescherming. Een bokraaf, zeer in trek bij toeristen, kan makkelijk in de soeppot van de jager belanden.
Deze vogelsoorten zijn ook nog een trekpleister voor toeristen. De jacht en de bedreiging van hun natuurlijke habitat, door jagers en goudzoekers, zijn factoren waardoor zij minder vaak voorkomen.
Dat de vogelsoorten minder vaak voorkomen baseert Ottema op wetenschappelijke publicaties uit het begin van de 20ste eeuw. “Toen werd de aanwezigheid van papegaaien in Suriname als algemeen beschreven. Vandaag mag je van geluk spreken als je de kans krijgt een van deze prachtige vogels te bewonderen”.
Om de papegaaisoorten te beschermen zijn quota's ingebouwd. Van de kule kule mogen er 4800 exemplaren per jaar uitgevoerd worden, van de tjamba 650 vogels, van de warauraaf 250 en van de bokraaf 100 dieren per jaar. Voor een exemplaar van de bokraaf wordt er al gauw 800 US dollar neergeteld. Dat vormt een mooie bron van inkomsten voor Suriname”, legt Ottema uit.
Het is dus ook in het belang van de Surinaamse economie dat er meer bescherming komt voor deze vogels. “Er wordt nog te veel op deze dieren gejaagd”, zegt de vogelexpert. Hij pleit ervoor om zowel de plezierjacht als de jacht voor voedsel op deze dieren af te schaffen. Ottema vindt niet alleen de vrije jacht op de vogels onverantwoord; in de dichte bossen zijn de vogels vrijwel onbereikbaar en krijgen ze de kans om veilig te broeden. Bescherming van hun natuurlijke habitat is dan ook noodzakelijk.
Momenteel doet Stinasu een onderzoek om preciezere cijfers te weten over het aantal papegaaiachtigen in Suriname. Het onderzoeksgebied strekt zich onder andere uit over de Wageningenrivier, het MCP-kanaal en de Maratakarivier. Daar worden om de twee à drie jaar tellingen gedaan van het aantal vogels. Het gaat onder meer over raven zoals de kule kule, de bokraaf, de warrauraaf en de tjambaraaf.
Verder worden ook nog enkele amazonepapagaaien onderzocht, zoals de rafru prakiki en de maurisi prakiki. Het onderzoek wordt gesteund door WWF en kende al tellingen in 2004 en 2007. Volgens Ottema zijn er minstens drie onderzoeksjaren nodig vooraleer er conclusies kunnen worden getrokken.
Hij hoopt in 2009 een nieuwe telling te kunnen houden. Door deze verschillende tellingen nadien te vergelijken moeten er meer exacte cijfers beschikbaar komen over de papegaaienpopulaties in het land. (Annelies Vileyn/Amigoe)
Geroofde krapé-eieren vernietigd
Jachtopzieners van de Dienst s’Lands Bos Beheer (LBB) slaan krapé-eieren kapot, uit een partij van ruim 1800 die bij een vrouw in beslag zijn genomen. De eieren van de zeeschildpad komen uit ongeveer 12 nesten die stropers hebben leeggeroofd op Galibi.
Paramaribo - De Dienst ‘s Lands Bos Beheer (LBB) heeft gisteren ruim 1800 in beslag genomen eieren van zeeschildpadden vernietigd.
De krapé-eieren, zoals ze ook bekend staan, komen uit Galibi en zijn afgelopen weekend door de politie van Lelydorp onderschept.
Ze heeft zich schuldig gemaakt aan een economisch delict, omdat de eieren van een beschermde diersoort afkomstig zijn en niet in het openbaar mogen worden verkocht. Volgens Sergio Gesrooh, agent van politie, verklaarde de vrouw dat ze de eieren voor SRD 0,70 had gekocht om die voor tussen de SRD 0,80 en SRD 1 door te verkopen. De Dienst LBB maakt zich zorgen over aanhoudende beroving van schildpaddeneieren.
Volgens Hierdaidanarain Gobind, hoofdjachtopziener LBB, is het aantal jachtopzieners op Galibi vanaf gisteren versterkt met twee politieagenten, die moeten helpen tegen de illegale verzameling van eieren. “Als de bewoners mee zouden werken zou er geen sprake zijn van stroperij. Ze pakken de eieren zelf op en verkopen ze verder”, aldus Gobind. “Men moet gewoon van de delicatesse afzien”, benadrukt hij verder.
De schildpadden zijn ook vaak slachtoffer van visnetten waarin ze verstrikt raken en door verstikking om het leven komen. Schildpaddeneieren zijn gevoelig omdat ze vier uren na verwijdering uit het nest, nog maar 30 procent kans hebben op ontwikkeling.
Van opnieuw innestelen van de eieren kan er dus geen sprake zijn als de eieren al enkele dagen in mensenhanden zitten. Daarom moest LBB de in beslag genomen partij eieren vernietigen. Een krapé-schildpad legt maximaal 150 eieren per keer en wel twee tot drie keer in een jaar.
De afgelopen jaren is het aantal eieren afgenomen, onder andere door stroperij. Hesdy Esajas, onderhoofd Natuurbehoud, zegt dat voorkoming hiervan heel moeilijk is. “Zolang er een markt is, zal stroperij zich blijven voortzetten.
Ook neemt men de voorlichting van LBB niet in acht, want aan de hand van de aantallen zien we dat er juist meer wordt gestroopt. We moeten niet vergeten dat er toeristen zijn in de wereld die speciaal naar Suriname komen om onze krapé-schildpadden te bewonderen”, benadrukt Isajas.
Volgens Ramsfes Kajoeramari, kapitein van het dorp Langaman Kondre te Galibi, wordt de handel door handelaren in stand gehouden. “Als de handelaren de stropers niet meer benaderen, zal de handel vanzelf ophouden want dan is er geen afzet meer”. Ook de controle op de weg moet volgens de kapitein verhoogd worden. Verder geeft Kajoeramari aan dat er geen afname maar juist een toename is in het aantal schildpadden op het strand. (dWT/Lia Tjong Akiet)
18 februari 2008
Petflessen teisteren milieu Nickerie
Paramaribo - Het district Nickerie heeft, net als andere delen van het land, ernstige last van plasticafval dat overal en door haast een ieder vrijelijk, zonder na te denken aan de gevolgen, losgelaten wordt in het milieu.
Een gevolg is dat het afval tal van loosleidingen in zowel de binnenstad als in de polders ernstig belemmert, waardoor overtollig water moeilijk kan wegstromen met alle nare gevolgen van dien. Pas dan komen velen tot het besef dat hun eigen bijdrage tot deze vorm van milieuvervuiling niet past binnen de samenleving. In Nickerie zwerven er miljoenen petflessen rond.
De Bestuursdienst, Milieubeheer en het BOG zijn recentelijk bezig geweest om loostrenzen te “genezen” van het plasticafval. De bevolking meent dat er drastische maatregelen moeten worden genomen om het dumpen van plastic- en/of ander afval strafbaar te stellen en dat er hoge boetes worden opgelegd aan degenen die betrapt worden.
Een stukje “awareness” alleen zal niet de juiste oplossing zijn. Vaststaat dat ondanks opschoning van de loostrenzen, deze binnen korte tijd weer vol zullen zitten met afval gedumpt door de mensen zelf. (DBS/Danny Jibodh)
15 februari 2008
Na 10 jaar weer jachtopzieners
Paramaribo - Na tien jaar is Natuurbeheer vorige week maandag gestart met de training van een nieuwe groep jachtopzieners. Gebrek aan fondsen en middelen is volgens Hesdy Esajas, onderhoofd van Natuurbeheer de reden geweest dat een nieuwe training zo lang op zich heeft laten wachten. Hij is belast met de afdeling Educatie. “Met de twintig man op het veld waarmee we nu werken, zijn we in feite altijd onderbezet.
In 2008 zullen we de bestaande educatie- en voorlichtingprogramma's voortzetten, want uiteindelijk moet de gedragsverandering van de mensen zelf komen.” Van de 45 sollicitanten is er uiteindelijk een groep van 30 gevormd die een psychologische test, een drugstest en veldtest hebben moeten ondergaan. Voorwaarde om tot de opleiding te worden toegelaten is minimaal mulo of een daaraan gelijkgestelde schoolopleiding.
Het theoretisch gedeelte van de training duurt drie maanden en omvat de vakken flora, fauna, bodemkennis en ecologie. Na het examen volgt de politionele opleiding waarna de studenten buitengewoon agent van politie worden. Ten slotte moeten de deelnemers stage lopen op het veld. (dWT/Charles Chang)
Creatief en cultureel onderwijs voor milieubewustwording
ALBINA - Onder de werktitel ‘Everlearning the aitikanti lessons’ zijn 15 Nederlandse studenten twee weken lang in Albina en omgeving om creatieve en culturele lessen te geven om het milieubewustzijn van leerlingen te vergroten.
Deze bewustwording geldt zowel voor de deelnemers als de doelgroep die ze in het gastland ontmoeten. In het project in Albina wordt de nadruk gelegd op milieu. De kinderen van de Sint Gerardusschool te Albina en de St. Antoniusschool op Galibi krijgen vier dagen lang verhalen en informatie over de zeeschildpadden. In tekeningen en schilderingen op spandoek worden het verhaal en de informatie verwerkt.
Op de laatste dag wordt door alle klassen een deel van de reis van de schildpad uitgebeeld. Op VOJ Albina krijgen de kinderen eerst informatie over milieu. Hun verwerkingsopdrachten waren een kritische milieuwandeling door het centrum van Albina en het beschilderen van afvaltonnen en blikvangers.
De blikvangers zijn borden met een gat boven op een afvalton, om aandacht te trekken en voorbijgangers te motiveren het vuil daar te deponeren. Ter afsluiting van de activiteiten wordt er op vrijdag een manifestatie georganiseerd waarbij geschilderde tonnen worden geëxposeerd en leerlingen zingen en rappen met eigen teksten over milieu.
Voor de afsluitende evenementen zijn alle burgers uitgenodigd. Of het project ook effect heeft op het gedrag van de leerlingen, moet later blijken. Een leerling merkt op: “Wat maakt het uit of ik die lege fles nu wel of niet op de straat gooi. Er ligt al zoveel afval op straat.”
Eén van de studenten legt uit dat de gedragsverandering ook ondersteund moet worden door een overheid die de straten schoonhoudt. De leerlingen beloven tijdens de groepsdiscussie geen vuil meer op straat of schoolterrein te gooien. (dWT/Hugo den Boer)
Bermbeplanting ten strengste verboden
Paramaribo - Er liggen strenge maatregelen in het verschiet tegen landbouwers die zich schuldig zullen maken aan de beplanting van bermen o.a. bestemd voor onderhoud van infrastructuur. De voorgenomen maatregelen werden onder de aandacht van de aanwezigen gebracht door de minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij, Kermechand Raghoebarsingh, bij de uitbetaling van de schadevergoeding aan de landbouwers laatstleden.
De regel dat bermen en onderhoudsstroken van wegen en kanalen niet beplant moeten worden, bestaat er al. Echter werd deze regel door de jaren heen genegeerd door burgers. Het merendeel van de schade die de landbouwers te Uitkijk hebben geleden tegen eind januari, betrof bermbeplanting.
Het hoofd van het ressort Uitkijk, Humphrey Warsodikromo, beaamt het bovenstaande. Hij verduidelijkt dat zijn team, de schade die is ontstaan aan de bermbeplanting bij het opmaken van het schaderapport, achterwege heeft gelaten.
Binnenkort zullen de landbouwers schriftelijk op de hoogte worden gesteld niet aan bermbeplanting te doen. Er moet altijd een strook van enkele meters vrij worden gehouden voor het feilloos verrichten van opschoningwerkzaamheden. Warsodikromo zegt verder dat de situatie op Uitkijk is genormaliseerd, op enkele gevallen na van ontevredenheid bij landbouwers.
Zij willen namelijk ook vergoed worden voor de schade die is opgetreden bij de bermbeplanting. Ook de voorzitter van de organisatie ter ondersteuning van de agrarische sector in Suriname, de Agras, Harrypersad Boodhitewarie, heeft meerdere malen aangehaald dat bermbeplanting beslist niet is toegestaan.
Gepland is ook om de landbouwers voor te houden dat zij bij het gebruik van chemicaliën de juiste gebruiksaanwijzing moeten hanteren. Er zullen strenge maatregelen getroffen worden wanneer deze waarschuwingen genegeerd worden. (DBS/Asha Bhagwat)
Stank hindert bewoners Julianaweg
Paramaribo - Bewoners van de Julianaweg in het district Wanica gaven tegenover DBS te kennen dat zij dagelijks last hebben van stank. Volgens hen worden door iemand, die naar alle waarschijnlijkheid gestoord is, kadavers gedumpt langs het onbewoonde gedeelte van deze weg. De kadavers worden in zakken achtergelaten. Van de vorige kadavers zijn er nog enkele botten te zien. De persoon maakt er een gewoonte van om het afval op één plaats te dumpen.
“Over de stank van de kadavers kan iedereen praten”, zegt een buurtbewoner. “Wij moeten dagelijks het leven doorbrengen onder deze stank. Het is niet goed voor onze gezondheid en we moeten het huis de hele dag dichthouden.” Aangezien er voor deze buurt nog geen buurtmanager is gekozen, hebben de bewoners geen stappen ondernomen naar de politie. Zij zijn wel bezig onderling om een soort buurtwacht op te richten. “Wij kijken naar mogelijkheden om op bepaalde tijden de wacht te houden en de gestoorde persoon een goede les te leren.”
De 2e buurtmanager voor het ressort Pontbuiten, Roy Ramelan, beaamt dat er nog geen buurtmanager is gekozen voor het gebied Houttuin. Hij geeft aan dat men bezig is hiermee. Hij keurt het gedrag van de persoon die het afval dumpt af en adviseert de bewoners de klacht wel door te geven aan de dichtstbijzijnde politiepost zodat er maatregelen getroffen kunnen worden. (DBS)
Asbestdak Juliana Crèche bron van grote zorg
Paramaribo - De verantwoordelijke instanties blijven zich doof houden voor de noodkreet van de leiding van de Juliana Crèche om het dak dat bestaat uit asbestplaten, te verwijderen. Crèchedirectrice Joyce Watson heeft tevergeefs vaker aan de bel getrokken en meerdere brieven geschreven naar verschillende autoriteiten voor hulp.
Watson vraagt al bijkans vijf jaar naar hulp om het dak te verwisselen. De crèche vangt dagelijks tientallen kinderen op. Voor hen en het personeel is de situatie ondoenlijk. Als het regent wordt de zaak gevaarlijker, omdat het asbestdak op verschillende plaatsen lekt. “Je weet dan niet of er ook daardoor giftige stoffen vrijkomen,” zegt Watson.
De afdeling Milieu- en Arbeidsinspectie van het ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu heeft vorig jaar november rapport uitgebracht over deze ongezonde situatie bij de crèche. Hierin staat onder meer dat op grond van artikel 10 en 11 van het Staatsbesluit van mei 1981 het dak en alle andere zaken die te maken hebben met asbest onmiddellijk moeten worden vernieuwd.
Ook het Bureau Openbare Gezondheidszorg (BOG) zou dit advies hebben overgenomen, zegt Watson. Ze hoopt dat in het belang van het kind en het personeel de bevoegde instanties er spoedig werk van zullen maken om het dak te vervangen, zo ook de dakgoten die volledig poreus zijn geworden. (DBS)
14 februari 2008
‘Albina verandert in vuilnisbelt’
De waterkant van Albina ziet er triest uit met het opgehoopte vuil, dat niet op een milieuvriendelijke manier wordt verwerkt.
Paramaribo - Het grensstadje Albina dreigt te veranderen in een enorme vuilnisbelt. Op de bermen verrijzen steeds meer vuilhopen en ook de waterkant, waar veel personenverkeer langs gaat, toont hetzelfde beeld.
Slechts 37 procent van het totaal aan huisvuil wordt opgehaald, terwijl 33 procent in het openbaar wordt verbrand.
Uit een sociale- en economische studie voor de ontwikkeling van Moengo en Albina, gedaan door de onderzoeksbureaus Nikos en Sofreco, blijkt dat de wijze waarop met vuil wordt omgegaan op den duur zal zorgen voor een enorm milieuprobleem.
In plaats van een overheidsdienst zou er een verantwoordelijke instantie in het leven geroepen moeten worden, die niet alleen verantwoordelijk is voor de vuilverwerking, maar zich toelegt op het totale milieu. In het onderzoek wordt Albina beschreven als een potentiële bron voor economische ontwikkeling, waarbij verschillende sectoren worden belicht.
De onderzoeker plaatst het milieuvraagstuk van Albina in een breed kader, waar onder meer het toerisme een potentiële economische bron is. Het speciale karakter van Albina moet dan ook eerst goed onderkend worden. Gewezen wordt op het personenverkeer dat jaarlijks meer dan een half miljoen mensen bedraagt.
De vuilophaal is daar niet op berekend. Vooral de waterkant, waar de meeste buitenlanders het grensplaatsje binnenkomen, ziet er toeristonvriendelijk uit. De situatie wordt er niet beter op wanneer de lokale bootslieden gebruikte olieflessen leeg en zonder een schroefdop de rivier in gooien. Behalve de lokale gemeenschap, dragen ook buitenlandse gasten bij aan het slechte milieu, vanwege het gebrek aan verwerkingsfaciliteiten.
Schalkwijk zegt dat er een totale bewustwording moet komen voor het gebied, met trainingen vanaf de basisscholen. Naast een verantwoordelijk milieu-orgaan zijn er legio mogelijkheden om op een duurzame manier het milieuvraagstuk aan te pakken.
Het heffen van statiegeld op pet- en olieflessen, opschriften op aanwijsborden en het plaatsen van voldoende afvaltonnen op strategische plekken zijn enkele voorstellen. “Ook het bedrijfsleven op Albina zou in georganiseerd verband een bijdrage kunnen leveren. Per slot van rekening zijn zij het die middels de verkoop van producten bijdragen aan de vervuiling.” (dWT/Wilfred Leeuwin/foto: Hugo den Boer)
Vuil dumpen in Boomskreek betekent boete
Paramaribo - Een ieder die vuil dumpt in de Boomskreek riskeert een boete tussen 200 en SRD 400. Daar staat de campagne ‘Houdt de Boomskreek schoon’ garant voor.
Sallons is de beheerder van het pompgemaal Boomskreek.
In een brief die is rondgedeeld van de David Simonstraat tot de Tourtonnelaan worden de bewoners opgeroepen om alert te zijn voor stiekeme vuilstorting in de kreek.
“Meestal beseffen mensen niet hoeveel hinder ze veroorzaken door vuilnis te dumpen”, vertelt Sallons. “Als er geen vuilnis in de kreek gestort zou worden, zouden de pompen van de kreek niet voortdurend verstoppen. Hierdoor zouden de buurtbewoners veel minder of zelfs geen wateroverlast hebben bij zware regenval.”
Wie iemand vuilnis ziet dumpen in de kreek mag contact opnemen met buurtmanager Maatrijk of met beheerder Sallons. De tipgever kan zijn naam en telefoonnummer doorgeven, samen met het adres of kentekennummer van de overtreder.
De campagnevoerders benadrukken dat de gegevens van de tipgever niet worden doorgegeven aan derden. Via het kentekennummer wordt het adres van de persoon die vuil heeft gedumpt achterhaald. Een overtreder die weigert de boete te betalen, riskeert gevangenisstraf.
Maatrijk benadrukt dat bewoners altijd bij de buurtmanager mogen aankloppen als ze zich geen raad weten met hun niet opgehaalde vuilnis. Plantaardig afval kan gemakkelijk op het eigen erf worden gecomposteerd. Volgens Maatrijk verloopt de vuilnisophaal in de buurt vlot. Hoewel enkele overtreders uit de eigen buurt zijn, komen de meesten uit andere buurten.
De campagne zorgde al voor veel enthousiaste reacties van de buurtbewoners. De campagnevoerders zouden aan deze actie graag nog een vervolg breien door ook de afvaldumping op percelen aan te pakken. “We hopen dat beheerders uit andere buurten ons initiatief volgen”, zegt Sallons. “Misschien komen we zo tot een campagne met een landelijk karakter.” (dWT)
13 februari 2008
Vetputten bij restaurants verplicht
BOG strenger tegen horeca
Vanwege het ontbreken hiervan zijn de afgelopen periode enkele bedrijven gesloten. “Het zijn geen hinderlijke maatregelen, maar maatregelen ter bescherming van de volksgezondheid.Als een verstopping plaatsvindt, kan vuil water op de straten terechtkomen met als gevolg dat vooral in de grote regentijd ziektes kunnen worden opgelopen.
“Inspecteurs kunnen naar eigen believen, als zij moeite hebben met een zaak, overgaan tot sluiting. Het lastige is dat zij dat ook nog doen onder valse voorwendsels”, zegt de ondernemer, die onlangs een nare ervaring met de Milieu-inspectie heeft gehad. Warner weerspreekt de beschuldigingen. “Er is helemaal geen willekeur op de afdeling.
Als wij inspectie hebben verricht, wordt de ondernemer opgeroepen voor een gesprek. Wij geven dan de informatie waarom een vetput gebouwd moet worden, hoe dat te doen en waaraan die moet voldoen. Wij stellen hieraan een termijn van twee weken. Maar indien die niet gehaald is om organisatorische redenen, zijn wij ook bereid om uitstel te geven.”
Volgens Warner heeft 'het hebben van een vetput' ook voordelen voor de ondernemer. Zo worden personen in de directe omgeving beschermd, en voorkomt de ondernemer dat sancties tegen hem worden getroffen. De BOG-functionaris herinnert eraan dat in 2007 al melding was gemaakt van dit strakke optreden.
Purcy Stuart, coördinator Milieu Technische Dienst, wijst erop dat vetputten niet nieuw zijn. In het buitenland is het gebruikelijk dat afvalwater niet zonder behandeling mag worden geloosd. Het vet blijft achter in de put en kan later worden opgehaald. Suriname heeft al een hele poos het probleem dat gebieden, in onder meer Paramaribo, onderlopen.
Na onderzoek is gebleken dat vet één van de oorzaken is van het verstopt raken van rioleringen. “Ruim drie jaar geleden hebben wij de vetput verplicht gesteld voor de horecasector. Deze maatregel moet voorkomen dat verstoppingen optreden, gebieden onder water lopen en andere onhygienische zaken zich voordoen. Het is in het algemeen belang”, zegt Stuart. Hij wijst erop dat de sector het jaren op de oude manier heeft gedaan door het afvalwater gewoon te lozen. “Maar wij moeten investeren in het milieu”, benadrukt hij.
Volgens Stuart volgt sluiting na een aantal aanmaningen. De Hinderwet wordt hierbij gebruikt. “Als je water zonder behandeling loost, kan dat stank veroorzaken en hinder vormen voor anderen. Het is geen onemanshow. Wij werken met de wet.” Zowel hij als Warner ontkent dat inspecteurs geld ‘onder de tafel aannemen’ en daardoor niet overal streng optreden. (dWT/Erna Aviankoi)
Een vetput kan worden gemaakt van beton, galvaan of kunststof. Bouwsteen is niet geschikt, omdat het op den duur gaat lekken. De Milieu-inspectie houdt iedere dinsdag en donderdag informatiebijeenkomsten over hoe een vetput te construeren. Tekeningen zijn ook verkrijgbaar voor vijftig Surinaamse dollar.
Ondernemer Djien Kehri:
‘Ik weet niet waarvoor ik was opgesloten’
Paramaribo - ‘Ik was 5 dagen opgesloten zonder dat iemand mij heeft verteld waarvoor. Zelfs de politie heeft mij niet kunnen zeggen waarvoor ik opgesloten was.’ Dit zegt de ondernemer Djien Kehri, die verantwoordelijk is gesteld voor de bespuiting van 2 kanalen te Leiding 1A en Leiding 3 met de herbiciden 2-4 D en glyfosaat. Hij is op een dinsdagavond omstreeks zeven uur opgehaald door de politie van Jarikaba en na 5 dagen is hij, na betaling van een borgsom van SRD 102.012,10 in vrijheid gesteld.
Kehri beaamt wel dat hij in de fout is gegaan om middelen te gebruiken die niet voorkwamen in het bestek, uitgegeven door het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV). Daarin stond duidelijk dat hij slechts gebruik moest maken van het verdelgingsmiddel glyfosaat.
Hij had de werkzaamheden gegund gekregen voor SRD 3.000. Bovendien heeft hij de kanalen doen bespuiten met een motorspuit, terwijl dergelijke werkzaamheden met een handspuit verricht moesten worden. Dit had tot gevolg dat de gevaarlijke stoffen zijn overgewaaid naar landbouwvelden met onder andere oker, sinaasappel en banaan.
Kehri gaf aan dat hij toestemming had gekregen van de coördinator Ramautar van LVV om een aanvang te maken met de bespuitingen. Verder heeft hij nog SRD 450 betaald voor 4 mannen, die de werkzaamheden voor hem zouden uitvoeren. De ondernemer zegt dat het niet de eerste keer is geweest dat hij die kanalen heeft bespoten met 2-4 D en glyfosaat, maar de tweede keer.
Verder zegt de aannemer dat de meeste schade aangericht is aan de aanplant op een strook land die aan de overheid toebehoort.’Dit is het onderhoudstrookje van de overheid’. De schade aan de aanplant op de mensen hun percelen is hij wel bereid te vergoeden, maar wat op de berm was geplant niet. Het feit dat de politiek een dikke vinger in de pap heeft sluit hij niet uit.
Dat de heren gebruik hebben gemaakt van een motorspuit in plaats van een handspuit maakt in principe voor hem niet veel uit. ‘Er staat niets in het bestek waarmee je moet spuiten.’ Kehri zegt verder dat hij inmiddels een advocaat in de arm heeft genomen om de uit te keren schade aan de boeren die geplant hadden op het strookje van de overheid te stuiten.
‘Die mensen weten dat ze niet daarop mogen planten, maar doen dat toch.’ Door al deze ontwikkelingen die zich hebben afgespeeld de afgelopen dagen heeft zijn familie enorm geleden. Hij zegt dat zijn goede naam te grabbel is gegooid. Of de aannemer in de toekomst zulke werkzaamheden zal krijgen, hangt aan een zijden draadje. (DBS/Zahier Azizahamad)
11 februaro 2008
Gespilde stof Highway wel Calciumhydroxide
Brandweerlieden spuiten water op de Highway waar eind januari, naar nu blijkt, calciumhydroxide van een open truck lekte.
Paramaribo - De chemische stof die op 29 januari op de Martin Luther Kingweg (Highway) lekte, blijkt vooralsnog calciumhydroxide oftewel Carbide Sludge (sludge= modder, slurry, suspensies) te zijn.
De Carbide Sludge werd in een open truck vervoerd door het bedrijf Haukes, een tranportcontractor voor Rosebel Goldmines (IAMGOLD).
Deze sludge word gebruikt bij het goudverwerkingsproces van IAMGOLD. Verder is deze afvalstof niet gevaarlijk, maar kan in poedervorm irritaties veroorzaken met name als het in contact komt met zuren. Er is naar schatting zo’n 300 tot 500 kilogram van de stof op de weg gekomen, en over een lengte van 300 tot 400 meter verspreid.
Volgens het Nimos komt dit door het losbreken van het slot aan de bak van de truck. Verder is gebleken dat de truckchauffeur niet in het bezit was van een MSDS (Materialen veiligheid informatieblaadje) kaart. Deze MSDSkaart vervat detail informatie over de stof, onder andere over de bestanddelen, het transporteren, de wijze van opslag en ook over de aanpak in geval van een calamiteit zoals persoonlijke bescherming.
Daar de brandweer deze informatie onthouden bleef, was deze genoodzaakt een standaard repressie uit te voeren en heeft ze dus gehandeld naar haar beste inschatting. De afvalstof is naar een onbewoond gebied langs de Highway geveegd en verder uitgespoeld met grote hoeveelheden water. Alhoewel hoge concentraties in de grond voor wortelverstikking kan zorgen, moet erbij worden vermeld dat dit van tijdelijke aard is.
Om het onderhavige geval in de toekomst te voorkomen is er op 4 februari een vergadering gehouden tussen Politie, Brandweer, IAMGOLD, Haukes Transport, INGAS N.V. en het Nimos. Hierbij zijn er verscheidene afspraken gemaakt over de transport van chemische stoffen en aanwezigheid van een MSDS-kaart.
De chauffeur moet goed ingelicht zijn en de brandweer moet op de hoogte worden gesteld van het transporteren van chemische stoffen. Verder is het belangrijk dat bij een calamiteit de buurtbewoners in de directe omgeving op de hoogte worden gebracht over wat te doen. Zowel de overheid als de bedrijven in kwestie zijn hiervoor verantwoordelijk. (dWT/foto: Werner Simons)
8 februari 2008
3,6 miljoen hectare mangrovebos verdwenen
Roeiers temidden van mangrovebegroeiing.
Paramaribo - In een tijdbestek van 25 jaar, tussen 1980 en 2005, is ruim 3,6 miljoen hectare, oftewel 20 procent van het totaal aan mangrovebos op aarde verdwenen.
Volgens het in januari uitgegeven rapport heeft Suriname, in de afgelopen 25 jaar, relatief slechts 6 procent mangrovebos verloren. Het land staat met een totaal van 114.400 hectare ofwel 6 procent, op de vijfde plaats van landen in Zuid-Amerika met de meeste mangrovegebieden.
Volgens de FAO is de economische en milieuschade van de verloren gegane mangrove niet meer in geld uit te drukken. De organisatie roept de wereldgemeenschap, in het bijzonder overheden, op tot drastische maatregelen voor de bescherming van mangrove.
De grootste verliezen van mangrove in de wereld komen als gevolg van ongebreidelde houtkap en afgravingen naar zand en schelpen, zoals in Azië waar ruim 2 miljoen hectare mangrove is vernield. Azië wordt gevolgd door Noord- en Centraal-Amerika met respectievelijk 690.000 en 510.000 hectaren vernietigd mangrovebos.
Op landelijk niveau bezetten Indonesië, Mexico, Pakistan, Papua-Nieuw Guinea en Panama de eerste plaatsen met de meeste vernietigingen van mangrovegebieden. In deze vijf landen is het aantal vernielde mangrovegebieden net zo groot als in Jamaica (ongeveer 10.991 vierkante kilometer groot). Ook Vietnam, Malaysia en Madagaskar worden gerekend tot landen met grote verliezen.
Een positieve noot is volgens FAO’s senior officer Mette Wilkie, dat een aantal landen met succes heeft gewerkt aan de bescherming en het behoud van mangrove-aanplanten.
Suriname
Globaal bekeken is de Surinaamse situatie heel goed te noemen. Echter moet volgens Haydi Berrenstein, bioloog bij Conservation International Suriname (CI), belast met wetenschap en bewustwording, veel meer worden gedaan om de gemeenschap bekend te maken met de waarde en functie van mangrove.
Dat nu in Coronie een kunstwerk moet worden gebouwd om het zeewater tegen te houden, zou niet nodig zijn wanneer jaren geleden op een juiste manier met de mangrove was omgegaan. De burgers zouden zich er niet van bewust zijn dat tijdens de koloniale periode al was beslist dat Paramaribo-Noord in feite bestemd was als bufferzone en nooit een bouwbestemming had mogen krijgen. Berrenstein legt uit dat de hele Oost-Westverbinding gebouwd is op een – hoger gelegen – schelprits.
Alles dat dus ten noorden van deze rits ligt, is automatisch lager gelegen. Het in stand houden en stimuleren van mangrove is daar heel belangrijk. De bezorgdheid geldt ook voor de situatie in het Weg naar Zee-gebied. Daar is de parwa-populatie volledig vernietigd en daarmee ook de natuurlijke zeewering.
Zowel Berrenstein als Hesdy Esajas, onderhoofd van de dienst 's Land Bos Beheer (LBB), wijst erop dat mangrove bijzondere functies heeft, zoals een reinigende werking, bescherming van kuststroken tegen overstromingen, een bron voor flora en fauna, kraamgebied voor verschillende diersoorten zoals trekvogels, maar ook voedselbron en habitat voor verschillende dieren. (dWT)
Onoribo wil snelle uitvoering kleine projecten
Paramaribo - Terwijl onderhandelingen met de Suralco en BHP-Billiton over de uitvoering van grootschalige ontwikkelingsprojecten in Onoribo gaande zijn, vindt het plantagebestuur dat alvast gestart kan worden met ‘kleine projecten’.
Het dorpsbestuur blijft van mening dat het Billiton Stafdorp niet mag verdwijnen, maar gerehabiliteerd moet worden. “Het moet een herinnering blijven aan de aanwezigheid van de Billiton-maatschappij in het gebied”, zegt Jugwels. Een van de kleine projecten is het opzetten van een website waarop niet alleen de geschiedenis van Onoribo in relatie met de mijnbouw in Para benadrukt zal worden, maar ook de huidige ontwikkelingen.
Ook wil het dorpsbestuur op deze website alle originele en historische documenten plaatsen, zodat die een educatieve waarde krijgt. Dit project zal nog worden besproken met de Suralco, die eventueel assistentie zou kunnen verlenen bij het opzetten en onderhouden van de webpagina’s.
Een heet hangijzer tijdens de besprekingen is de teruggave van uitgemijnde gebieden, gronden en aandelen die door de maatschappijen waren opgekocht bij plantagebewoners. “Het terugkrijgen van deze zaken zou alvast de rust op de plantage ten goede komen”, zegt Jugwels aan dWT. Er zijn echter kapers op de kust.
Bij BHP-Billiton is er, volgens Jugwels, minstens één medewerker die via slinkse wegen gronden die de dorpsbewoners terug willen en nu in bezit zijn van het bedrijf, probeert te bemachtigen. Daartoe zou hij naar verluidt verschillende stichtingen hebben opgezet.
“De man probeert zich via een bepaald model en via stichtingen gronden toe te eigenen”, meent de waarnemend-voorzitter. Hij blijft erbij dat de Onoribo-gemeenschap de terreinen terug wil vanwege de emotionele binding die ze daarmee hebben. “Al zijn de gronden na zoveel jaren mijnbouwactiviteiten minder waard geworden, we willen ze terug”, voegt hij eraan toe.
Over de huidige stand van zaken wat betreft de onderhandelingen en eventuele rehabilitatie van de uitgemijnde gebieden rond Onoribo, kan minister Gregory Rusland van Natuurlijke Hulpbronnen niet veel kwijt. Namens het ministerie worden de zaken door het Bauxiet Instituut Suriname, BIS, en het Nimos begeleid.
De minister heeft nog rapportage ontvangen van de meest recente ontwikkelingen. Enkele maanden geleden hadden medewerkers van het Nimos en het bauxietinstituut een fact-findingmissie te Onoribo uitgevoerd. (dWT/Ivan Cairo)
6 februari 2008
Milieubeheer haalt grote hoeveelheden grofvuil op Paramaribo - Het directoraat Milieubeheer (MB) heeft van 4 tot en met 18 januari in het ressort Tammenga met de landelijke krin kondre-acties ongeveer 1.412 ton aan grofvuil opgeruimd. 330 vrachten met 2 ton pick-ups, 100 vrachten met 7 ton trucks alsook 36 vrachten die door grijpers werden uitgevoerd, waren nodig om al het vuil weg te voeren.
Hiervoor had men 11 werkbare dagen nodig. Van 21 januari tot en met 1 februari heeft MB het ressort Flora aangedaan waarbij men 1.044 ton aan grofvuil heeft opgeruimd.
Om al deze troep weg te voeren had MB ongeveer 200 vrachten met 2 ton pick-ups, 74 vrachten met 7 ton trucks alsook 18 vrachten die door grijpers werden uitgevoerd nodig. Dit werd medegedeeld door het hoofd van de afdeling Dienstverlening van het directoraat MB, Amernath Baldew aan DBS.
MB is momenteel bezig in het ressort Latour om binnen 2 weken dit ressort ook te ontdoen van grofvuil. Naar zeggen van Baldew wordt al het grofvuil momenteel gedumpt nabij het crematie-oord te Weg naar Zee om als bescherming te dienen tegen de afkalving van de dijk.
Ook op het terrein van een particulier aan de Ringweg wordt er grofvuil gedumpt. Hij doet een beroep op de regering om een definitieve locatie aan te wijzen waar de mensen terecht kunnen om hun grofvuil te dumpen. ‘Nu moet men gebruikmaken van terreinen van derden.’
Er is een interdepartementale samenwerking aangegaan tussen de ministeries van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu (ATM), Justitie en Politie (Juspol), Openbare Werken (OW) en Binnenlandse Zaken (Biza) afdeling MB om de grofvuilproblematiek gezamenlijk aan te pakken. (DBS/Zahier Azizahamad)
Enorme stank openbaar toilet OndrobonParamaribo - Passagiers en buschauffeurs van vooral de PLK-route worden dagelijks geconfronteerd met een onhoudbare urinestank van het openbaar toilet te Ondrobon, die wordt veroorzaakt door urine die uit het toilet naar buiten sijpelt.
Volgens Santa Narain, een passagier, hebben de passagiers het in de ochtenduren niet zo erg te verduren, omdat zij bij aankomst direct uit de bus stappen en gelijk weggaan.
In de middaguren is het echter een ander verhaal. Dan zijn zij genoodzaakt om enige tijd in de bus te zitten totdat die vol is. De bussen van de PLK staan in de directe nabijheid van het toilet geparkeerd. De stank is volgens Narain zo erg dat velen braakneigingen krijgen en met een zakdoek voor hun neus moeten zitten.
Ook de buschauffeurs geven aan dat zij dagelijks gedurende lange uren de stank moeten inhaleren, omdat zij genoodzaakt zijn te wachten tot de bus vol is. De passagiers en de buschauffeurs zeggen de stank beu te zijn en hopen dat er gauw actie wordt ondernomen door het BOG om deze tot het verleden te doen behoren. (DBS/Santi Sieuw)
Aannemer Kehrie op vrije voeten
Landbouwers ontstemd over invrijheidstelling aannemer
Paramaribo - De aannemer Djien Kehrie die gebruik had gemaakt van het gevaarlijk middel 2-4 D bij het schoonmaken van kanalen te Leiding 1A en Leiding 3 op Uitkijk, is zaterdag op vrije voeten gesteld. Hij was dinsdagavond 29 januari 2008 in verzekering gesteld. Deze informatie wordt bevestigd door de politie van Jarikaba. De aannemer heeft beloofd dat hij zal opdraaien voor de schade die de landbouwers hebben geleden. Deze bedraagt ongeveer 102.000 SRD.
De voorzitter van de organisatie ter ondersteuning van de agrarische sector in Suriname (Agras), Harrypersad Boodhitewarie, vindt het prima dat de aannemer bereid is om de schadevergoeding te betalen. De Agras die zich inzet voor de uitbetaling van de landbouwers, is ervan overtuigd dat de uitbetaling zo spoedig mogelijk zal plaatsvinden. De organisatie acht het wel van belang dat dergelijke middelen niet meer worden gebruikt.
De ressortleider van Uitkijk, Humphrey Warsodikromo, juicht het toe dat de aannemer die verantwoordelijk gesteld wordt voor het hele incident, zich bereid heeft verklaard de opgelopen schade te dekken. Vanuit het ministerie van LVV zal getracht worden om in het vervolg kanalen handmatig schoon te doen maken of door gebruik te maken van een graafmachine. ‘We gaan zoveel mogelijk voorkomen dat landbouwers de dupe worden van onverantwoord handelen van derden.’
Maar de landbouwers zijn heel erg ontstemd over de invrijheidstelling van de aannemer. ‘Dit kan toch niet’, zei één van ze tegen DBS. Zij kunnen zich niet voorstellen dat ondanks het feit dat zij aangifte hebben gedaan bij de politie van Jarikaba over de handelingen van de aannemer, deze binnen 4 dagen op vrije voeten wordt gesteld. De aannemer is bovendien ook woonachtig te Uitkijk.
De vrijlating van de aannemer heeft daar spanningen gecreëerd tussen de landbouwers en de aannemer. In het prille begin had de aannemer namelijk bedreigingen geuit aan het adres van de landbouwers. Ook andere landbouwers zijn de mening toegedaan dat de aannemer voor een langere periode achter slot en grendel had moeten zitten.
‘Wij wachten ook op ons geld voor de schade die wij buiten onze schuld om hebben geleden’. Hij heeft een schade opgelopen van ongeveer SRD 3.000. In totaal hebben 56 landbouwers in meerdere of mindere mate schade geleden. (DBS/Asha Bhagwat)
Gat in asbestdak Stahelinschool Paramaribo - Een gat in de asbestbedekking van de Fred Stahelinschool is aanleiding voor een bezorgde Surinamer om DBS hieromtrent te alarmeren. Naar zijn woorden bestaat dit gat in de asbestdakbedekking reeds jaren.
Hierdoor worden de leerlingen blootgesteld aan de grote gevaren die beschadigde asbestdakbedekkingen met zich meebrengen.
Door de regen van maandag stroomde het water door het gat in volle kracht van de derde verdieping naar beneden. Dit had tot gevolg dat alle onderliggende klassen nat werden. De informant geeft aan dat zowel de leiding als de leerkrachten in alle talen hierover zwijgen.
Het schoolhoofd Yvonne de Graaf zegt dat de basisonderwijsinspectie van de Evangelische Broedergemeente Suriname (EBGS) dit probleem van het jaar nog zal aanpakken. Als de herstelwerkzaamheden niet in de paasvakantie beginnen, dan gebeurt het zeker na de toets in juni.
Volgens De Graaf gaat het niet slechts om de reparatie van een gat in het dak. De gehele dakbedekking die uit asbestplaten bestaat, zal vervangen moeten worden. Het vorig jaar zou dit reeds aangepakt worden maar door het plotselinge ontslag van de directrice van de inspectie, heeft het op zich laten wachten.
Het schoolhoofd zegt geen ruchtbaarheid aan deze zaak te hebben gegeven daar zij de toezegging reeds van de inspectie der EBGS heeft om het probleem dit jaar nog aan te pakken. Ze is zich wel degelijk bewust van de gevaren die beschadigde asbestbedekking met zich meebrengt.
Vooralsnog draait de school gewoon door. DBS constateerde niet alleen een gat in de asbestbedekking van het schoolgebouw, maar ook in die van de toiletten. De Fred Stahelinschool is één van de vele basisscholen van de EBGS. De school is gevestigd aan de Henck Arronstraat. (DBS/Bianca Bourne)
1 februari 2008
NVB introduceert stuurgroep santatie en afvalverwerking
Voorzitter Sieglien Staphorst van de Nationale Vrouwen Beweging zet haar handtekening onder een document dat de officiële installatie van de stuurgroep 'Duurzame eco-sanitatie en management' markeert, gisteren in De Mantel aan de Verlengde Keizerstraat. Minister Celsius Waterberg van Volksgezondheid volgt haar verrichtingen met een glimlach.
Paramaribo - De stuurgroep 'Duurzame eco-sanitatie en management' is een feit. Deze is gisteren geïntroduceerd aan de gemeenschap door de Nationale Vrouwen Beweging (NVB).
De stuurgroep is een samenstelling van verschillende overheids- en niet-gouvernementele organisaties, en is onderdeel van een meerjarenprogramma gericht op duurzame sanitatie en management van afval.
Het meerjarenprogramma draagt de naam Integrated Support for Sustainable Urban Environmental (Issue) en wordt gelijktijdig in verschillende landen uitgevoerd. De financiering van projecten wordt gedaan door de Nederlandse organisatie Waste. De NVB is in Suriname de vertegenwoordigende partner van deze organisatie.
Waterberg merkte bij het installeren van de werkgroep op dat dit jaar is uitgeroepen tot het jaar van de sanitatie door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en dat 70 procent van alle ziekten te maken heeft met sanitatie. Hij noemde het onjuiste gebruik van veilig drinkwater en de afvoer daarvan. Ook het onjuist omgaan en de verwerking van afval draagt bij aan deze ziekten.
Leden van de stuurgroep: door Fenna Luanda Landveld (NVB), Edwin Noordzee (Volksgezondheid), Himankoemar Poelloe (Openbare Werken), Raoul Lith (Pater Ahlbrinck Stichting), Haidy Awanima (Bureau Forum NGO's), Josee Artist (Vids), Soulamy Laurens (stichting Projekta), Loise Zuilen (universiteit), Reinier Taus (Institute Food and Management), Sylvia Ang (Nimos), Liesbeth Roolvink (Unicef), Percy Stewart (BOG) en Niels van Eybergen (Paho).
Luanda Landveld, coördinator van de NVB voor water en sanitatie, zegt dat het vooral de bedoeling is om basisgroepen in leefgemeenschappen te versterken en leren om te gaan met het verwerken van afval, naast het brengen van verbetering in hun sanitaire situatie. De stuurgroep die al geruime tijd bezig is uitvoering te geven aan het project, moet de NVB ondersteunen met advies en begeleiding bij het uitzetten van activiteiten.
Er is al een framewerk gemaakt van hoe de projecten eruit moeten zien. Momenteel wordt een pilotproject uitgevoerd voor de districten Sipaliwini, Para en Commewijne. In Sipaliwini is de onderzoeksfase afgerond en zal als ondersteuning dienen voor de andere twee districten. Binnen de districten worden er dan weer buurten gelokaliseerd.
Op basis van de sanitaire behoefte en de manier waarop moet worden omgegaan met afvalverwerking wordt dan een project uitgevoerd. In het project kunnen uiteenlopende zaken worden opgenomen zoals het bouwen van eco-sanitatie, toiletten en dergelijke. Landveld geeft aan dat bij eco-sanitatie gedacht kan worden aan het gescheiden afleiden van urine en fecaliën. Het duurzame aspect kan liggen in het gebruik van deze twee afscheidingen voor landbouwdoeleinden. (dWT)
Burgers onzeker over groenteverkoop
'Te me sye den kron kron, mi no e bai'
Verkopers van groente en andere producten aan de Jodenbreestraat wachten op klanten.
“Te me syi den kron kron. mi no e bai” reageert Karin Kent, die kritisch de bos groente bekijkt. “Ik heb al een hele week geen groente gekocht. Ik gebruikte alleen blikvoedsel.
Pas vandaag heb ik besloten wat te kopen, maar ik heb wel eerst gevraagd vanwaar het komt. Hopelijk komt de groente werkelijk uit Lelydorp, zoals ze zeiden”, zegt Ingrid Patrick, aan de krant tijdens een bezoekje aan de Centrale Markt.
“Ik koop alleen tomaat en kousenband, want ik maak geen grappen met dat wat naar binnen moet”, zegt een andere marktbezoekster. Zij koopt voorlopig helemaal geen bladgroente. LVV-beleidsmedewerker Alice van Sauers, stelt de consument gerust en zegt dat alle aangetaste groente uit de gebieden Leiding 1A tot en met Leiding 3 zijn vernietigd. De consument hoeft niet te vrezen dat er aangetaste producten op de markt zijn omdat de boeren die niet hebben kunnen oogsten.
Ook de groentehandelaren weten niet wat zij moeten doen. “99 procent van de verkoop is gedaald”, klaagt verkoopster Sharmila Ganesh. “Sinds gisteren is dat het geval. Ik heb bijna niets verkocht. De mensen denken dat de groente uit Leiding komt.
Aan het eind van de dag heb ik verlies geleden en moeten we alles dat overblijft verdelen”. Verkoper Kris Hardoel vult aan en zegt dat de kopers telkens vragen waar de groente is gekocht. “De groente van Leiding is afgekeurd, dus wij gaan dat niet voor ze verkopen. Denken zij dat we ze vergif zullen geven?” vraagt Hardoel zich af.
Sheila Ragoebar verkoopt ook groente. Zij zegt dat verkopers van geluk moeten spreken als ze deze dagen SRD 5 tot SRD 7 verdienen. “We lijden echt verlies. Niet vanuit Leiding alleen wordt er groente opgekocht. Er zijn nog veel andere plaatsen waar men groenten plant.”
Ragoebar kan de consument begrijpen wanneer die steeds vraagt waar de groente vandaan komt. “Ik heb mijn moestuintje, dus ik plant zelf. Alles dat je in de grond stopt groeit. Als je zelf plant dan heb je dit soort problemen niet', meent Karlien Uiterloo. (dWT/(dWT/Lesda Pelswijk /foto: Roy Ritfeld)
Landbouwers akkoord met schadevergoeding
Aannemer aangehouden
Paramaribo - Landbouwers van Leiding 1A tot en met Leiding 3 hebben ingestemd met de schadevergoeding voor hun vernielde landbouwproducten. Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) heeft samen met het Bureau voor de Openbare Gezondheidszorg (BOG) de besmette landbouwproducten woensdag vernietigd.
Pas nadat LVV-minister Kermechend Raghoebarsing zijn handtekening had geplaatst onder een verklaring, waarin van elke boer in gedetailleerde vorm de schade is opgenomen, hebben de landbouwers ingestemd met de vernietiging.
Aan de hand van het schaderapport zal worden vastgesteld om hoeveel hectare grond het gaat, om hoeveel boeren en wat de totale schadeloosstelling zal bedragen. Morgen zal in bijzijn van de boeren het rapport en een totaal verslag worden gegeven. Dan zal ook duidelijk zijn hoeveel schadevergoeding elke boer zal ontvangen.
Volgens de boeren gaat het om ruim 60 arealen. Directeur Harripersad Bodhitewari van de Vereniging ter ondersteuning van de Agrarische Sector (Agras) moet worden gerekend op een behoorlijk groot bedrag aan schadeloosstelling.
Boeren die in acute financiële nood zijn gekomen door de situatie kunnen bij de vereniging terecht voor een voorschot op hun schadepremie. Intussen heeft het ministerie na de vernietiging van de aanplanten en het zuiveren van de terreinen, de polders waar de landbouwgronden liggen veilig verklaard en kunnen de boeren weer produceren en verkopen.
Bodhitewari benadrukt dat het nooit de bedoeling van LVV en Agras is geweest voorbij te gaan aan het belang van de boeren. “Juist omdat de boeren geen enkele schuld hebben aan het besmet raken van hun aanplant en zelf veel schade ondervinden, was het voor ons duidelijk dat zij vergoed moesten worden.” De eerste verantwoordelijkheid was wel dat de gemeenschap beschermd moest worden en dat de volksgezondheid niet in gevaar werd gebracht.
Dat maandag de zaak uit de hand is gelopen en de boeren de delegatie hebben belemmerd om de besmette landbouwproducten te vernietigen, is volgens Bodhitewari de schuld van assembleelid Jiwan Sital die de hele kwestie in een politieke sfeer heeft getrokken. De Agras-directeur wil vooral benadrukken dat niet Sital, maar de vereniging de echte vertegenwoordiger is van de landbouwers. “Wij staan volledig achter de boeren.” Volgens hem zijn alle exporteurs, enkele boeren en groentehandelaren lid van Agras.
“Daar is het speciaal voor opgericht door de leden zelf.” De vereniging telt ruim 3.000 leden. Jiwan Sital die maandag namens de boeren optrad, zegt dat de landbouwers ervaring genoeg hebben met LVV. In het verleden zijn tal van schadevergoedingen niet uitbetaald. Dat maandag de delegatie niet heeft kunnen doen wat zij moest doen, kwam volgens hem door het botte optreden van de delegatie die districtscommissaris Mandrachaldebie Ghisaidoobe leidde.
Zij heeft zonder goed aan te geven hoe de schadevergoeding zou plaatsvinden de vernieling aangekondigd, wat onacceptabel was voor de boeren. Volgens hem zijn de meeste boeren niet bekend met de Vereniging Agras, die is opgericht door enkele groente-exporteurs. Belangrijk is nu dat de boeren een officiële verklaring hebben dat zij zullen worden vergoed “en als deze keer de afspraken niet worden nageleefd zal deze kwestie in het parlement worden besproken”, zegt Sital. (dWT)
Onduidelijkheid over gespilde chemische stof Highway
Truckchauffeur aangehouden
Meer dan 400 kilo van het spul lag op de weg en is later met honderden liters water weggespoten door de brandweer. DWT verneemt dat brandweerlui die hebben geparticipeerd aan deze operatie lichte huidirritaties hebben opgelopen. Twee dagen na de bespuiting hadden zijn nog last van jeuk. Het Nationaal Instituut voor Milieu Onderzoek in Suriname (Nimos) heeft intussen monsters van de stof getrokken voor onderzoek.
Wanneer kalkmelk gefiltreerd wordt, blijft er een kleurloze, doorzichtige oplossing van calciumhydroxide in water over. Dit wordt kalkwater genoemd. Calciumhydroxide in de vorm van kalkmelk wordt in drinkwaterzuivering toegepast om de pH van het ruwwater te regelen.
Nimos-field officer Abdul Alibux legt uit dat kan worden aangenomen dat het om calciumhydroxide gaat, daar de truck de lading bij Ingas heeft ingeladen. Bij het instituut is bekend dat Ingas calciumhydroxide opslaat. De functionaris bevestigt dat er monsters zijn getrokken van het gespilde materiaal, maar waren deze tot gisteren nog niet geanalyseerd. De chauffeur van die het spul heeft vervoerd, is volgens de voorlichtingsdienst van de politie, aangehouden. Niet bekend wat hem ten laste is gelegd.
Ingas-directeur Eduard Hoogenboom bevestigt dat het om calciumhydroxide gaat, volgens hem een milieu- en mensvriendelijke stof. “Het is absoluut niet gevaarlijk, je kan het zelf opeten”, zegt hij aan dWT. De directeur legt uit dat de stof een neutraal product is om zuren te neutraliseren. Het wordt bijgevoegd bij caustic soda die wordt gebruikt in het verwerkingsproces van goud. Ook in de tuinbouw wordt calciumhydroxide gebruikt, zegt Hoogenboom. Hij noemt het vroegere Surland en de Suralco als twee bedrijven voor wie deze stof is geleverd.
Public Relations-officer van Rosebel Goldmines, Roy van Aerde, verklaart tegenover dWT dat de rest van de lading nu in het bezit is van de maatschappij. Aannemingsbedrijf Haukes was belast met de transport, maar door gebrek aan passend materieel, schakelde het bedrijf een onderaannemer in.
In tegenstelling tot het Nimos beweert directeur Jeroen Haukes dat het niet gaat om calciumhydroxide, maar om de ongevaarlijke stof calcium-sludge (afvalstof...red). Omdat zijn eigen transporttrucks bezet waren, heeft hij een van buiten zijn bedrijf ingehuurd.
“Als het om een gevaarlijk chemisch spul ging, had ik mijn eigen mensen ingezet omdat wij ISO-gecertificeerd zijn”, benadrukt Haukes. Hij geeft aan dat 20.000 kilo is vervoerd in de truck en tussen 500 en 600 kilo op straat kan zijn terechtgekomen. Het spul kon van de truck vallen, doordat de achterklep van de laadbak losraakte.
Alibux verklaart dat deze klei-achtige calciumhydroxide niet gevaarlijk is voor de mens. Pas nadat het met water in aanraking is gekomen, opdroogt en poeder wordt, kan het irritatie veroorzaken bij contact met de huid. Wortelverstikking bij planten kan plaatsvinden als er een hoge concentratie calciumhydroxide in de grond terecht komt.
Volgens hoofdvoorlichter Glenn Cooman van de brandweer kwam de melding dinsdag binnen dat er modder op de Highway was gevallen. De onvoorbereide brandweermannen werden geconfronteerd met het chemisch middel, met de jeuk tot gevolg. Hoogenboom plaatst vraagtekens bij deze klacht, daar volgens hem calciumhydroxide onschuldig is. (dWT/Lia Tjong Aki)
Pocornikreek wordt extra vervuild Paramaribo - De Pocornikreek die loopt tussen het gebouw van Topsport en Apotheek Esculaap aan de Zwartenhovenbrugstraat, wordt momenteel ook aangepakt door het ministerie van Openbare Werken (OW).
Het hoofd van de afdeling Ontwatering, Rawinderkoemar Mathoera, gaf tegenover DBS te kennen dat hij het heel erg vindt dat onverantwoorde burgers de kreek extra vervuilen door allerlei troep daarin te dumpen.
Hij vindt dit een afschuwelijk gedrag omdat er nu meer kosten gemaakt moeten worden om het vuil dat uit de kreek gehaald is af te voeren.
Vanwege het feit dat er allerlei troep en zelfs boomstronken in de kreek zijn gegooid, moet men nu speciaal daarvoor een vrachtwagen inhuren. De onverantwoorde burgers zorgen voor extra onkosten voor de Staat. Mathoera gaf verder te kennen dat hij samen met de buurtmanager van dit gebied deze onverantwoorde burgers wil aanpakken.
“Een deel van de Pocornikreek is al opgehaald en ik hoop niet dat de mensen doorgaan met het opnieuw dumpen van allerlei troep in de kreek. Ik hoop dat de mensen hun mentaliteit veranderen en samenwerken voor een perfect milieu”, zegt Mathoera. (DBS/Rakesh Soekhoe)