Archief


Zoeken ? ( Cntrl + F )

Natuur en milieu


28 maart 2008

   Geen geld voor Surinaamse bossen

Paramaribo - De eerste gelden, tot ongeveer 500 miljoen US dollar, die landen kunnen verdienen met hun uitgestrekte bossen (Carbon Credit) vallen buiten het directe bereik van Suriname.

De oorzaak ligt in een nogal ingewikkelde structuur die de internationale gemeenschap tijdens de internationale klimaatconferentie in Bali (Indonesië) in december 2007 heeft ingesteld.

In het zogeheten Bali-systeem gaan gelden alleen naar landen met veel ontbossing de afgelopen jaren, die daarmee een bijdrage hebben geleverd aan de uitstoot van broeikasgassen in de atmosfeer.

Die landen kunnen maatregelen treffen en een zodanig beleid voeren om een procentuele vermindering van hun ontbossing te realiseren. Het is die inspanning, ook wel Reduced Emission from Deforestation (RED) genoemd, die door de internationale gemeenschap wordt betaald.

Een andere mogelijkheid om de fondsen aan te spreken is voor landen die naast ontbossing ook te maken hebben met degradatie van hun bos. Ook hier geldt dat met het ontwikkelen van een beleid, zij in aanmerking kunnen komen voor gelden uit het zogenaamde Reduced Emission from Deforestation and Degradation (REDD) fonds.

De enige mogelijkheid voor Suriname om in de toekomst toch nog geld te verdienen, kan alleen door het opzetten van jarenlange, duurzame ontwikkeling van het bos en dan nog afgezet tegen de mate waarmee andere landen in het verleden met hun bossen zijn omgegaan.

“Suriname is een uniek geval waar weinig of helemaal geen ontbossing of degradatie heeft plaatsgevonden”, zegt Rene Boot van het Tropenbos Suriname Programma. Suriname staat aan het begin van zijn ontwikkeling en heeft ruimte om zijn bos beter te ontwikkelen dan andere landen, zoals Brazilië en Indonesië dat hebben gedaan.

Pas als Suriname er in slaagt een duurzame weg op te gaan ten opzichte van die andere landen, wordt die inspanning beloond. Dat zal echter betekenen dat nu begonnen moet worden met het uitstippelen van een nationaal beleid voor het Surinaamse bos, benadrukt Boot. Daarbij zal Suriname samen met landen die in een vergelijkbare positie verkeren moeten werken en proberen te komen tot het maken van afspraken in de komende drie jaar.

In 2012 moet de wereld namelijk een nieuw klimaatprotocol hebben geformuleerd en zal uiteindelijk worden besloten hoe deze fondsen zullen worden uitgegeven. De vraag hoeveel geld Suriname kan verdienen met zijn bos is volgens Boot nu overbodig en onbelangrijk; er moet worden nagegaan hoe en wat te doen om ergens toch in aanmerking te komen voor deze gelden.

Waarnemend-directeur Sylvia Ang en Cedric Nelom van het National Instituut voor Milieu Onderzoek in Suriname (Nimos) zeggen dat dit de keerzijde van het verhaal is. “Zoals ons bos daar staat, vertegenwoordigt het een behoorlijke economische waarde. Landen als Suriname hebben met het in stand houden van hun bos een belangrijke bijdrage geleverd aan minder uitstoot van broeikasgassen.

Verder in stand houden komt de rijke landen nog altijd ten goede, daarom ook dat ze willen dat we ons bos niet openkappen”, zegt Nelom. “We zullen samen met andere landen moeten hard maken bij de internationale gemeenschap dat wanneer zij wil dat wij niet aan ontbossing doen, het meteen betekent dat daarmee een stukje ontwikkeling wordt tegengehouden.

We zullen, zoals Brazilië nu zegt, moeten stellen dat we hoe dan ook vergoed moeten worden voor het niet kappen van ons bos, tenzij de internationale gemeenschap ons de economische waarde die het bos vertegenwoordigt, wil betalen.” “We zullen inderdaad ons huiswerk moeten maken, wat we met ons bos willen. Een integraal plan voor de komende 5, 10 of 20 jaar. Pas dan kunnen we kwantificeren wat ons bos waard is,” zegt Ang. (dWT/Wilfred Leeuwin)


   Bewoners West-Suriname tegen goudwinning

NIEUW -NICKERIE - Bewoners van de dorpen Apoera, Section en Washabo hebben in een brief aan het Nationaal Leger aandacht gevraagd voor een ponton, die momenteel bezig is met illegale goudwinningactiviteiten op de Corantijnrivier. Vijf Brazilianen zouden aan boord van het vaartuig bezig zijn.

Egmond Letterboom, territorial commandant Nationaal Leger Regio West, zegt aan dWT dat er momenteel geen toestemming is gegeven om goudwinningsactiviteiten te ontplooien in dat gebied, dus zou de gesignaleerde ponton illegaal bezig zijn.

Bij de bewoners ligt de bezorgdheid vooral met betrekking tot de goudwinning, die een bedreiging is voor hun jacht- en visserijgebieden. Bij goudwinningsactiviteiten worden het water en de omgeving meestal verontreinigd. Volgens de bewoners verwijzen de Brazilianen naar een mondelinge toestemming van een dorpskapitein, waardoor zij vrijbrief zouden hebben om goud te winnen.

Volgens Letterboom is het niet gangbaar dat een kapitein bevoegd is een dergelijke toestemming te geven. Letterboom zegt zijn superieuren te hebben gerapporteerd, die op hun beurt de regering hiervan in kennis zullen stellen, waarna er maatregelen zullen worden getroffen. Vorig jaar was ook een ponton met Brazilianen betrokken bij illegale goudwinningsactiviteiten. De mannen verdwenen daarna richting Guyana. (dWT/Asha Chaturi)
 

27 maart 2008

   Boy Scouts houden milieukamp te Galibi

Paramaribo -  Meer dan 30 leden van de Boy Scouts zullen van 28 maart tot en met 1 april deelnemen aan een milieukamp te Galibi. Gedurende dit kamp zullen zij samen met de jongeren van Galibi de stranden schoonmaken.

Volgens Humphrey Schurman, hoofdcommissaris van de Boy Scouts, ligt het in de bedoeling dat de jongeren milieubewust gemaakt worden. ‘Wij willen hiermede als drager van bepaalde normen en waarden een aanvang maken met het onderhouden van ons strand.

Met deze actie willen wij van de Boy Scouts aangeven dat het de hoogste tijd is, dat wij als jongeren ons bewust worden van het belang van het behoud van onze natuur terwille van ons en ons nageslacht.

De bedoeling is dat de stranden regelmatig schoongemaakt worden, opdat de zeldzame schildpadden beschermd worden. Ook worden de stranden op deze wijze attractief gemaakt voor toeristen.’ Na het milieukamp zullen deze jongeren verslag uitbrengen aan de milieu-instanties. (DBS)


   Illegale goudponton wederom op Corantijnrivier gesignaleerd  

Paramaribo -  Nadat enkele maanden terug problemen waren gerezen in het inheemse dorp Apoera en omgeving rond de aanwezigheid van een goudponton in de Corantijnrivier, is er onlangs wederom eentje gesignaleerd.

Tijdens de aanwezigheid van de eerste ponton was er reeds heftig geprotesteerd.

Daar de Corantijnrivier een van de weinige rivieren is die kwikvrij is en vooral gezien het feit dat de bevolking daaruit haar eiwitvoorzieningen haalt, is het volgens de plaatselijke bevolking hoognodig deze rivier kwikvrij te houden. Deze ponton met Brazilianen werd uit het gebied verwijderd richting Guyana en een ieder was daar blij mee.

In het afgelopen paasweekend is een andere ponton gesignaleerd die bezig was in de rivier nabij Kabalebo om goud te zoeken. Deze ponton schijnt in alle geheim en in de nachtelijke uren te zijn gedirigeerd naar die locatie. Niemand wil vooralsnog de verantwoordelijkheid hieromtrent op zich nemen.

Wel wordt beweerd dat er door drie inheemse toppers toestemming zou zijn verleend. Delen van de bevolking zijn nog niet bekend hiermee, omdat de gehele operatie zich nog in een algehele geheime sfeer bevindt. Zij die op de hoogte zijn komen al enigszins in opstand.

Vernomen wordt dat er een harde protestactie ontketend zal worden, waarbij aan de regering gevraagd zal worden om onmiddellijke verwijdering van het vaartuig uit het gebied. Indien de regering nalaat op te treden, zal naar DBS heeft vernomen de bevolking zelf overgaan tot handelen.

Uit zeer betrouwbare bron heeft DBS ook kunnen vernemen dat de ponton is gedirigeerd om “riviergrind” te exploreren. De mannen achter deze operatie beschikken vermoedelijk ook niet over een vergunning om er te opereren, en beschouwen dat gebied als hun eigen traditionele economische zone. Voorts is aangehaald dat dit alles op eigen risico van het trio geschiedt. (DBS/Danny Jibodh)
 

25 maart 2008

Habitat nieuwe diersoorten mogelijk bedreigd

   Alcoa vraagt mijnadvies Nassaugebergte

Paramaribo - De pas ontdekte nieuwe diersoorten op het Nassaugebergte worden nu al bedreigd door potentiële bauxietmijnactiviteiten in dat gebied.

Concessiehouder Alcoa voert momenteel interne discussies om na te gaan of het ontginnen van bauxiet ter plekke haalbaar is en ook economisch rendement zou kunnen opleveren. Zo blijkt uit confidentiële correspondentie tussen Alcoa-functionarissen en anderen.

Ondertussen is advies gevraagd aan Conservation International (CI), dat de studie over de nieuwe diersoorten uitvoerde en de resultaten juni vorig jaar publiceerde. Naast CI hebben ook Stinasu en de Anton de Kom Universiteit/Celos meegewerkt aan de studie. In totaal werden zo'n 25 nieuwe species ontdekt.  

Opmerkelijk aan Alcoa's verzoek aan CI is dat de multinational vorig jaar samen met partner BHP-Billiton en de internationale milieuorganisatie de resultaten presenteerde. Het onderzoek is deels zelfs door deze maatschappijen gefinancierd.

Uit het onderzoek blijkt, dat enkele van de species endemisch zijn en dus alleen op het Nassaugebergte voorkomen. Zo is daar een verloren gewaand visje herontdekt, terwijl ook een paars fluorescerende kikker is ontdekt, die medio vorig jaar in alle delen van de wereld het nieuws haalde. Een aantal van de nieuwe soorten is nog niet eens wetenschappelijk beschreven.   

Conservation International om een reactie gevraagd, stelt zich nogal terughoudend op. “We are not in a position to comment on potential actions by Alcoa or other companies in the area” (vert: We verkeren niet in de positie om commentaar `te leveren op potentiële acties van Alcoa of andere bedrijven in het gebied, red.), reageert Susan Bowen, CI's directeur Internationale Media per e-mail op vragen van de Ware Tijd.

Voor verder commentaar verwijst ze naar de aanbevelingen in het RAP-rapport. Daarin wordt aangegeven dat de verzamelde data door BHP-Billiton en Suralco onder andere zou worden gebruikt om biodiversiteitsvraagstukken te laten meewegen in een vroeg stadium van besluitvorming bij eventuele mijnoperaties.

De bedoeling was, zegt het onderzoeksteam, informatie te verschaffen zodat mijnbedrijven die het voornoemd gebied opereren, rekening houden met het behoud van de biodiversiteit bij hun projectplanning. 

Ondertussen schijnt ook CI-Suriname op de hoogte te zijn van de discussies binnen Alcoa, maar kreeg zij de informatie vermoedelijk niet van officiële kanalen. “Ik heb hier en daar wel wat erover gehoord, maar officieel is ons nog niets gezegd”, stelt Haydi Berrenstein van CI-Suriname.

Zij heeft ook meegewerkt aan het Rapid Assessment Program (RAP) dat de nieuwe diersoorten en insecten aan het licht bracht. Ze wil daarom niet “vooruit lopen op zaken” en wacht de ontwikkelingen af. Maar bij andere onderzoekers die betrokken waren bij het project neemt de bezorgdheid met de dag toe. Gevreesd wordt dat Alcoa op korte termijn de knoop doorhakt, en activiteiten in het gebied daarna snel zullen volgen.

Volgens Suralco's general manager, Warren Pedersen, heeft het wetenschappelijk onderzoek echter nooit tot doel gehad om toekomstige mijnactiviteiten uit te sluiten. “Het geeft slechts een signaal dat als we willen gaan mijnen, we voorzichtig moeten zijn. We kunnen bijvoorbeeld delen van de respectieve gebieden isoleren om schade te voorkomen en de endemische soorten beschermen”, legt hij uit.

Voordat het ooit zover komt, zal in elk geval een degelijke milieu- en sociale effectenstudie worden gedaan. Allemaal aspecten waar de regering zwaar aan tilt, meent minister Gregory Rusland van Natuurlijke Hulpbronnen. “Maar we moeten beseffen dat dergelijke ontwikkelingen niet zonder consequenties zijn.

Het gaat er uiteindelijk om dat we een balans vinden tussen milieu en ontwikkeling”, reageert de bewindsman. Hij stelt zich op het standpunt dat de economische ontwikkeling krachtig moet worden ondersteund.  

Wat ook opvalt is dat BHP-Billiton en Alcoa/Suralco niet op één lijn liggen met betrekking tot bauxietactiviteiten in het Nassaugebied. BHP-Billiton die binnen de joint-venture de mijnactiviteiten uitvoert, had aangegeven er niet te zullen mijnen. Dat standpunt is naar verluidt niet veranderd. “BHP-Billiton had wel gezegd dat ze niet in het gebied zou mijnen, maar van Suralco weet ik het niet”, zegt Berrenstein. (dWT/Ivan Cairo)
 

20 maart 2008

   Wereldwaterdag in het teken van sanitatie

Paramaribo -  De Verenigde Naties hebben Wereldwaterdag in het leven geroepen om jaarlijks op 22 maart aandacht te vragen voor de waterproblematiek in de wereld. In 2008 staat de dag in het teken van sanitatie.

Deze dag is een goed moment om eens stil te staan bij de gigantische waterverspilling die iedere dag weer, over de hele wereld plaatsvindt. Een hard feit is dat nog steeds een zesde van de wereldbevolking geen schoon drinkwater heeft. Per dag zouden wereldwijd 6.000 mensen sterven door gebrek aan water.

In Suriname wordt er bijna niets betaald voor water, zegt de PR-man van de Surinaamse Waterleidingmaatschappij (SWM) Edmund Blufpand, in een eerdere gesprek met DBS. ‘1000 liter water kost in Suriname SRD 1,30 en in een ander Caribisch land kost het haast US$ 20 voor 1000 liter.’

Een ander probleem is de lage waterdruk en het niet altijd heldere water dat uit de kraan stroomt. Volgens Blufpand is het water soms bruinig doordat er iets te veel ijzer voorkomt in het water. Door de lage waterdruk, zoals bijvoorbeeld in Tourtonne en omgeving, zijn de bewoners gedwongen het water te kopen.

Van de afdeling Transport van SWM kreeg DBS te horen dat voor 1 kubieke meter (1.000 liter) SRD 4 betaald moet worden en daarnaast SRD 60 tot SRD 65 neergeteld moet worden voor de transportkosten. In Nederland willen diverse organisaties samen optrekken en de Nederlandse bevolking attent maken op de prijs van water, met wat er wereldwijd allemaal moet worden ondernomen om schoon drinkwater en goede sanitatie te krijgen. (DBS)
 

18 maart 2008

   Ongediertebestrijding en schoonmaak markten  

Paramaribo -  ‘Vanaf donderdag
20 maart tot en met maandag 24 maart gaan wij de markten (Centrale Markt en de Vreedzaam Markt) behandelen tegen ongedierte.’ Dit zegt marktmeester Armand Barron aan DBS. De werkzaamheden zullen verricht worden door Agrofix.

Barron is van mening en houdt er rekening mee dat de standhouders van de Centrale Markt flink zullen verkopen vanwege de vrije dagen, waardoor er is besloten om de markt aanstaande donderdag tegen 16.00 uur te sluiten. Vanwege het feit dat de verkopers inkomsten gaan ontberen op andere werkdagen is er dus gekozen voor het Paasweekend, legt Barron uit.

De verkopers zullen dondermiddag de gelegenheid krijgen om alle levensmiddelen naar huis mee te nemen en hun stand te ontruimen. Dondermiddag tegen een uur of 5 zal men beginnen met het bespuiten van het bovengedeelte van de markt. Vrijdagmorgen omstreeks 11 uur zal men starten met het benedengedeelte waardoor degenen die niet alle spullen hebben kunnen meenemen, tot tien uur toch wel de gelegenheid krijgen dit te doen.

De Vreedzaam Markt zal tegelijkertijd wordt aangepakt en wel op de vrijdagmorgen tussen 8 en 10 uur. Zaterdag en zondag zal het bedrijf bezig zijn met het opruimen van het ongedierte. Maandagochtend is gepland voor de grote schoonmaak met de brandweer. Vanaf 13.00 uur op de maandag zullen de standhouders in de gelegenheid gesteld worden om te bevoorraden.

Vanaf dinsdag 25 maart gaat alles gewoon zijn gangetje als voorheen. ‘Wij gaan voor een schone markt waardoor wij een contract zijn aangegaan met het bedrijf dat de markt op kwartaalbasis bespoten wordt tegen ongedierte en wordt schoongemaakt’, aldus Barron. (DBS/Rakesh Soekhoe)
 

17 maart 2008

   Ruim 6.500 ton grofvuil opgehaald

Paramaribo - Bij de ‘Krin Kondre Actie’ van het directoraat Milieubeheer is ruim 6.500 ton grofvuil opgehaald in zeven ressorten. Milieubeheer begon deze actie begin december vorig jaar, in samenwerking met verscheidene ministeries, waaronder Binnenlandse Zaken, Openbare Werken, Justitie en Politie en Arbeid en Technologische Ontwikkeling.

De zeven ressorten die zijn opgeruimd zijn Welgelegen (626 ton afval), Munder (690 ton), Tammenga (1.412 ton), Flora (1.044 ton), Pontbuiten (1.025 ton), Livorno (714 ton) en Latour (1.056 ton). Milieubeheer is momenteel bezig te Beekhuizen, waarna Paramaribo-Centrum, Rainville en Weg naar Zee aan de beurt zijn.

De bevolking wordt middels ‘soundtrucks’ gemeld wanneer het vuil (waterhoudende voorwerpen, oude zinkplaten, ijskasten en wasmachines) klaar gezet moet worden. Milieubeheer kreeg drie lokaties toegewezen om het vuil te dumpen: het Sewdjalproject, de Ringweg en te Weg naar Zee. Volgens Amardadh Baldew, hoofd van de afdeling Buurtverlening Milieubeheer, is de ophaal van grofvuil noodzakelijk, vooral van waterhoudende spullen, die als broedplaats kunnen dienen voor muskieten.

Nadat alle ressorten zijn afgerond zal men nog een keer langs gaan om het overgebleven vuil op te halen. De eerstvolgende grote ‘Krin Kondre Actie’, vindt rond eind van het jaar plaats. Volgens Baldew zullen de districten in de toekomst ook worden ontdaan van hun grofvuil. (dWT/Lia Tjong Akiet)
 

12 maart 2008

   Vuilnisbakken Pontbuiten helpen niet

Paramaribo -  De vuilnisbakken die Joel Aaron op 15 december van het vorig jaar plaatste, hebben het dumpprobleem op Pontbuiten niet verholpen. Bewoners blijven hun afval op de openbare weg dumpen. Dit is het geval op de hoek van de Anna-en Nieuwzorgweg. Ook de hoek van de Frederika- en Nieuwzorgweg lijkt op een illegale stortplaats.

De buurtmanager van Pontbuiten, Henry Kia, spreekt van ‘gemakzucht’ bij de mensen. ‘Men neemt de moeite niet om de zakken in de bak te plaatsen en veel mensen begrijpen niet dat zij alleen op de woensdag en zaterdag het vuil moeten plaatsen’, zegt Kia. Aan de andere kant neemt hij de vuilophaaldienst ook kwalijk. Deze dienst verschijnt niet op tijd en weigert het zwerfvuil mee te nemen.

Aaron ziet het anders. Hij zegt dat de constructie van de vuilnisbakken anders moet. De spijlen van de bakken zijn te breed waardoor honden vrij spel hebben bij het stukbijten van de vuilniszakken. Hij zal een gaaswerk rondom laten plaatsen, waardoor de honden gehinderd worden om de zakken stuk te bijten. Hij wil dat de mensen ook moeten toezien dat zij ordelijk hun huisvuil in de bakken plaatsen. (Gregory Rijssen/DBS)


8 maart 2008

   Duurzaam beheer van onze bossen  

Paramaribo -  Zoals bekend is Suriname één van de meest bosrijke landen ter wereld en heeft het zich altijd gecommitteerd aan duurzaam beheer van zijn bossen. Suriname heeft zich verbonden aan diverse internationale en regionale verdragen en processen inzake duurzaam beheer van bossen.

Binnen de VN is de laatste jaren veel vooruitgang geboekt rondom de financiële facetten voor het garanderen van duurzaam bosbeheer. Het totstandbrenging van een financieringsmechanisme voor duurzaam bosbeheer is één van de belangrijkste vraagstukken op de internationale milieuagenda. Deze discussies vinden voornamelijk plaats binnen de VN en met name in het kader van de UN Forum on Forests (UNFF).

De totstandkoming van een zogenaamde ‘portfolio approach’ en vaststelling van modaliteiten ter uitvoering van deze benadering, zal thans aan de orde komen tijdens een internationale bijeenkomst, die in Suriname gehouden zal worden in september. Deze bijeenkomst van de Verenigde Naties zal gesponsord worden door Nederland , de Verenigde Staten, de Wereldbank, en andere donoren.

Gisteren heeft ambassadeur Ewald Limon aangegeven op het ministerie van Buitenlandse Zaken dat er deze week gesprekken zijn gevoerd met de co-organisatoren en m.n. met Nederland en de Verenigde Staten. De vertegenwoordigers van deze landen, zijn directeur-generaal Hans Hoogeveen, van het ministerie van LNV en tevens voorzitter van de UNFF 7, en Charles Barber, vertegenwoordiger van de US State Department.

In april 2007 is tijdens de zevende bijeenkomst van de United Nations Forum on Forests (UNFF 7 VN Bossenforum) na 15 jaar onderhandelen een internationaal akkoord bereikt over een internationaal instrument voor duurzaam bosbeheer.

In het internationaal bosseninstrument zijn vier mondiale doelstellingen voor bossen vastgelegd, die nauw gekoppeld zijn aan de Millennium Ontwikkelingsdoelen (MDG’s), onder andere, dat voor 2015 de trend van ontbossing dient te worden omgekeerd door duurzaam bosbeheer, en dat voor 2015 de economische, sociale en ecologische opbrengsten van bossen vergroot dienen te worden.

Om deze doelstellingen te behalen zijn er afspraken gemaakt voor een internationale samenwerking. Tijdens UNFF7 is de afspraak gemaakt om in 2009 een internationaal financieel instrument voor duurzaam bosbeheer tot stand te brengen.

Aan de meeting in Suriname zullen deskundigen van verschillende continenten participeren. Verwachtbaar is dat tussen de 150 tot 200 mensen van 8 tot 12 september 2008 in Paramaribo zullen deelnemen aan de discussies omtrent het nieuwe tot stand te brengen internationale mechanisme.

De deelnemers zijn vertegenwoordigers van lidstaten van de VN, verschillende internationale en regionale organisaties, zoals de Wereldbank, de FAO, de IDB en de Caricom, diverse belangrijke internationale milieuorganisaties zoals Conservation International, WWF, filantropische instellingen, etc.

De Surinaamse regering heeft voor de organisatie van de conferentie een presidentiele ‘taskforce’ in het leven geroepen, die belast is met de integrale coördinatie van de internationale bijeenkomst en bestaat uit vertegenwoordigers van het kabinet van de president, Buza, ROGB, ATM en Plos alsmede vertegenwoordigers van Stichting Bosbeheer en de universiteit. (DBS/Natalie de Bruijn)
 

7 maart 2008

   Vuilophaal binnenstad nog steeds niet optimaal

Paramaribo -  Het ophalen van vuil in de binnenstad van Paramaribo door de vuilophaaldienst laat nog heel veel te wensen over. Diverse illegale vuilnisbelten zijn daarom aan de orde van de dag en de dak- en thuislozen maken de troep nog erger.

Enkele burgers in de binnenstad hebben tegenover DBS hun misnoegen daarover geuit. Zij zijn deze praktijken beu en verlangen heel snel verandering van de situatie.

Ook het feit dat bepaalde mensen misbruik maken van deze gelegenheid keuren zij ten stelligste af. ‘Bepaalde mensen zijn medeverantwoordelijk voor het vervuilen van de binnenstad, terwijl men altijd de schuldige vinger wijst naar de vuilophaaldienst.’

De bewoners van de binnenstad doen daarom een dringend beroep op de regering om de vuilophaalkwestie onder de loep te nemen en deze zo snel als mogelijk te optimaliseren. Ook de kwestie van de dak- en thuislozen is volgens de buurtbewoners een probleem dat maar niet opgelost kan worden. ‘De mensen worden opgepakt, verschoond en weer vrijgelaten, waarna zij even snel weer in de troep belanden.

Op zo een manier is het gewoon water naar zee dragen.’ Een duurzame oplossing zou volgens hen wel maken dat de binnenstad van Paramaribo een beetje netter eruit ziet. DBS heeft geprobeerd contact te maken met de onderdirecteur van de afdeling Vuilophaal- en Verwerkingsdienst, Bholanath Narain, echter zonder resultaat. (DBS/Zahier Azizahamad)
 

5 maart 2008

Hoofd Milieupolitie Noord-Oost:

   ‘Perceeleigenaren in het buitenland zijn moeilijk te achterhalen’  

Paramaribo -  ‘Onze werkzaamheden zijn een beetje beperkt waardoor we niet op erven kunnen gaan. Wij inspecteren alleen maar de bermen, waar men vuil dumpt alsook overwoekerde openstaande percelen.’ Dit zegt het hoofd van de Milieupolitie Noord-Oost, Stanley Haft, tegenover DBS. Hij geeft aan dat er momenteel een aantal overwoekerde openstaande percelen is, waarvan de eigenaren in het buitenland zitten. Deze percelen vormen een gevaar voor de overige buurtbewoners.

Volgens Haft wordt ten aanzien van de overwoekerde openstaande percelen in de directe omgeving informatie ingewonnen wie de eigenaar is. ‘In de meeste gevallen zijn eigenaren moeilijk te achterhalen in het buitenland’. Indien zo een eigenaar dan wel gebruiker achterhaald wordt, maakt men contact met de desbetreffende ambassades om de eigenaren een aanmaning te sturen in het buitenland.

Mocht de eigenaar niet reageren, dan loopt men de wettelijke procedure af. Nadat de aanschrijvingsdatum van ongeveer 3 weken verstreken is, zal de overheid volgens Haft zelf tot schoonmaak overgaan van zo een perceel op kosten van de eigenaar.

Verder zegt het hoofd dat hij heel veel last ondervindt bij het uitoefenen van zijn werkzaamheden. ‘We worden bedreigd door mensen die een aanmaning hebben gekregen voor bijvoorbeeld het verwijderen van de autowrakken op hun percelen. Iemand heeft zelfs ooit een vuurwapen op mij gericht’, vervolgt Haft. Het moment dat hij bemerkt dat zijn leven gevaar kan oplopen, maakt hij terstond contact met de politie om assistentie te verlenen. ‘En die samenwerking is uitstekend.’

De samenwerking met de buurtmanagers noemt hij ook bijzonder goed. De minimale boete die mensen hebben gekregen zijn SRD 350 en de maximale SRD 1.000, die vastgesteld zijn door het Parket. Naar zeggen van Haft is de dienst momenteel helemaal onderbezet. Hij moet het doen met de middelen die hij ter beschikking heeft. (DBS/Zahier Azizahamad)

 

 

 

TOP