Zoeken ? ( Cntrl + F )
Natuur en milieu
29 april 2010
Nickerie raakt bedolven in eigen vuil
Paramaribo - Haast overal in Nickerie waar het menselijk oog reikt, is er vuil en nogmaals vuil te zien.
Het varieert van grof huisvuil tot plastic afval dat door de bewoners zelf worden gedumpt op zeer onverantwoordelijke manier. In haast elke ressort zet deze trend zich voort.
Dc Bhagwatpersad Shankar zegt zich ernstig te ergeren aan dit gedrag van zijn districtsbewoners, die zelf schuldig zijn aan de vervuiling van Nickerie.
Nu de regentijd vervroegd is aangebroken, wordt de situatie erger. Nickerie produceert dagelijks tonnen vuil. Echter is het zo dat het vuil niet in elk resort wordt opgehaald. In Wageningen wordt het vuil nog steeds op een onbehoorlijke manier verwerkt, waardoor buurtbewoners last hebben van een enorme stank en vliegen.
Ondanks het feit dat er een petflessenproject gaande is op diverse scholen in de Westelijke polders, zien wij dat plaatsen waar mensen dagelijks komen enorm vervuild zijn. Shankar zegt dat toeristen die Nickerie aandoen, terugkeren met een verkeerd beeld van het district.
Ook langs de Oost-Westverbinding wordt er veel vuil gegooid. Vissers klagen vaak dat zij heel wat vuilniszakken aantreffen in hun netten welke afkomstig zijn uit de Nickerierivier, die vol zit met allerlei afval variërend van plastic afval tot zelfs drijvende kadavers.
Shankar doet een beroep op een ieder om alvast het eigen vuil zorgvuldig te verwerken en erop toe te zien dat derden geen zwerfvuil creëren. Indien mensen gesnapt worden, zullen zij onherroepelijk aangepakt worden, zegt de burgervader. (Danny Jibodh/DBS)
Criminele stropers en jagers aangehouden
Vrij na betaling SRD 8000
Paramaribo - Op maandag 29 maart 2010 werden tijdens reguliere controlewerkzaamheden van de jachtopzieners van de afdeling Natuurbeheer / LBB van het ministerie van RGB, dichtbij de monding van de Orleanekreek in het district Commewijne, 5 personen aangehouden die de Jachtwet hadden overtreden.
Zij hadden op 10 flamingo’s en 1 krombek gejaagd. Voornoemde soorten vogels zijn door de Jachtwet van 1954 volledig beschermd. De flamingo’s zijn heel zeldzaam in Suriname en dus nauwelijks nog te zien. Deze handeling van bovengenoemde personen is eveneens een overtreding op de Wet Economische Delicten.
De overtreders werden conform de instructie van de procureur-generaal aangehouden en middels een proces-verbaal overgedragen aan de politie van het ressort Mariënburg ter in verzekering stelling alsook voor verdere Justitiële afdoening.
Na betaling van een boete ad SRD 8.000 is deze zaak door het Openbaar Ministerie buiten het geding afgehandeld. Vermeld dient te worden dat het jachtgeweer dat wel gedekt was middels een vuurwapenmachtiging, is ingetrokken door het Openbaar Ministerie.
Op vrijdag 02 april 2010 werden tijdens een strandpatrouille in het Galibi Natuurreservaat 3 (drie) personen aangehouden met in hun bezit 786 stuks zeeschildpadeieren. De overtreders werden conform de instructie van de procureur-generaal aangehouden en middels een proces-verbaal overgedragen aan de politie te Albina ter in verzekering stelling alsook voor verdere Justitiële afdoening.
Na betaling van een boete ad SRD 4000 is deze zaak door het Openbaar Ministerie buiten het geding afgehandeld. Zoals bekend, is het rapen, vervoeren, het onder zich hebben, het kopen en verkopen van zeeschildpadeieren sinds 1 januari 2003 gedurende het hele jaar verboden. Dit is vastgelegd in het Jachtbesluit 2002 no. 116. De ten laste legging betrof overtredingen van de Natuurbeschermingswet, de Jachtwet alsook de Wet Economische Delicten.
Ingevolge de Natuurbeschermingswet 1954 is het verboden in een Natuurreservaat te jagen, te vissen, te kamperen, vuur te maken, hout te kappen of houtskool te branden en met opzet of door onachtzaamheid schade toe te brengen aan de bodemgesteldheid, het natuurschoon, de fauna, de flora of handelingen te verrichten, waardoor afbreuk wordt gedaan aan de waarde van het reservaat als zodanig.
Op zondag 28 maart 2010 tijdens een reguliere controle door de politie van het ressort Coronie zijn er 53 stuks zangvogels nl. 30 twa-twa’s en 23 picolets in beslag genomen bij een man met een vreemde nationaliteit, welke vogels het land illegaal zijn binnen gebracht. De chauffeur die de lading met zijn voertuig vervoerde, is medeplichtig en werd ook aangehouden en in verzekering gesteld.
Na betaling van een boete ad SRD 10.000 is deze zaak door het Openbaar Ministerie buiten het geding afgehandeld. Gelet op het feit dat het om tamme vogels ging, kreeg de afdeling Natuurbeheer toestemming van het Openbaar Ministerie om deze vogels in het openbaar te verkopen. De opbrengst is gestort in ‘s landskas.
Op jagers wordt daarom nogmaals een dringend beroep gedaan om de Jachtwet 1954 alsook het Jachtbesluit 2002 in acht te nemen. Dus, niet in Natuurreservaten of op beschermde diersoorten jagen. Eveneens wordt hen aangeraden de Jachtkalender in acht te nemen, aldus Natuurbeheer/LBB. (DBS)
22 april 2010
‘Een luiaard, die help je met oversteken’
Paramaribo geconfronteerd met dierenleed
Dierentuindirecteur John Altenberg (l) hield gisteren een persconferentie om een beroep te doen op de gemeen-schap om dierenmishandeling na te laten.
Hij werd bijgestaan door Rakesh Debisarun, curator van de dierentuin (m) en een verzorger.
Op de tafel is ook de uil te zien waarvan een vleugel moest worden geamputeerd, omdat die doorzeefd was met hagelkogels.
Paramaribo - "Dieren kunnen niet praten, ze kunnen niet naar de stembus en ze hebben geen kiesrecht.
Ze maken wel deel uit van onze samenleving. We moeten dieren zoveel mogelijk in hun natuurlijke habitat laten leven." Tijdens een persconferentie zei John Altenberg, directeur van de Paramaribo Zoo, gisteren dat de dierentuin de afgelopen weken diverse mishandelde dieren heeft binnengekregen of heeft moeten ophalen bij mensen.
De betreffende uil werd opgehaald met hagel in één van de vleugels en deze vleugel moest om die reden worden geamputeerd. De ocelot raakte gehandicapt toen hij in de buurt van de Sarakreek door goudzoekers (te jong) van zijn moeder is weggehaald en tijdens het rijden van een ATV is gevallen en overreden.
"Sinds mijn aantreden vier jaar geleden koopt Paramaribo Zoo geen dieren meer van particulieren. Mensen die hier met gezonde of mishandelde dieren aankomen, krijgen geen geld. Hiermee wil ik voorkomen dat mensen voor de dierentuin gaan jagen." Altenberg maakt zich niet alleen boos over dierenhandelaren, maar ook over mensen die voor hun plezier op dieren jagen.
De dierenactivist vindt het ook geen goed idee dat mensen (bedreigde) wilde beesten als huisdier houden. Bovendien vindt hij dat veel mensen te nonchalant omgaan met het leven van dieren. "Sommige mensen rijden een luiaard aan, omdat hij zo langzaam de weg oversteekt, maar je kunt hem ook helpen met oversteken". (Mariska Dinkelman/dWT/foto: Claudio Barker)
Paramaribo Zoo wil dierenmishandeling tegen gaan
Sponsors gezocht voor hulp !
Paramaribo - Paramaribo Zoo moet dringend omrasterd worden. De dierentuin kan dit niet op eigen houtje en is op zoek naar sponsoring.
Dit gaf John Altenberg, directeur van Paramaribo Zoo, gisteren aan tijdens een persconferentie. Reden hiertoe is dat er jacht gemaakt wordt op de dieren en dat die ook het slachtoffer worden van dierenbeulen.
Rakesh Debisarun, curator van de Paramaribo Zoo, werd onlangs door een telefoontje op de hoogte gesteld dat er een gewonde uil ergens lag. Er was geschoten op de uil.
Het gewonde beest werd opgehaald door een medewerker van de Zoo. Doordat de uil nu niet meer kan jagen, moet het nu gevoed worden. De uil werd meegenomen ter bezichtiging. De pers kon getuige zijn van de mishandeling die het beest heeft ondergaan.
Volgens Altenberg moet er voor alles wat op aarde leeft respect opgebracht worden. “Als je een slang op straat ziet, rijdt niet over dat beest. Wacht even, totdat het beest zich heeft verwijderd.” Altenberg geeft aan dat dieren niet zo maar aanvallen.
Ze vallen pas aan wanneer ze honger hebben of in paniek raken. Volgens Altenberg is er sprake van dierenmishandeling als er jacht gemaakt wordt op de dieren of als ze gedood worden om welke reden dan ook. (DBS)
16 april 2010
Meer meldingen dierenleed
Zwerfhonden doen zich tegoed aan resten uit een opengescheurde zak vuil in de binnenstad.
Door hen te steriliseren probeert de Dierenbescherming in Suriname het aantal straathonden drastisch te verminderen.
Paramaribo - Het aantal meldingen over dierenleed in Suriname is vorig jaar gestegen.
Suriname staat op plek dertig op de lijst van stichting Dierenhulp uit Nederland, die deze week voor de twaalfde keer uitkwam.
De plaats op de ranglijst, die 54 landen telt, komt vooral door de ‘zwerfdierenproblematiek’, zoals de stichting het noemt.
Leontien Bansse van de Dierenbescherming in Suriname is dezelfde mening toegedaan: “De mensen in Suriname zijn zich meer bewust van de dingen die niet kunnen. Door aandacht op televisie, maar ook internationale aandacht is dit probleem bekend in de gemeenschap.”
De Dierenbescherming krijgt ‘een paar meldingen per week’ die te maken hebben met dierenleed. Deze variëren van honden aan een te korte ketting, tot loslopende en vermagerde exemplaren. “Het is een goed teken dat er meer meldingen binnenkomen, maar het is geen goed teken dat dit eigenlijk nodig is”, zo vat Bansse de problematiek samen.
Er is de laatste jaren op verschillende vlakken verbetering bewerkstelligd. Zo worden veel meer dieren gesteriliseerd dan vijftien jaar terug. Veel Surinamers staan open voor de adviezen die de Dierenbescherming geeft als ze na een melding van dierenleed op bezoek gaan. Mensen weten ten slotte de Dierenbescherming beter te vinden en melden vaker dat honden loslopen. De stichting is nog bezig met de tellingen van vorig jaar om te kijken of ook bij hun het aantal meldingen is gestegen.
De Dierenbescherming in Suriname onderneemt wel actie tegen het probleem van de straathonden. Inmiddels is het tweede sterilisatieproject achter de rug. Daarbij zijn in totaal 330 honden gesteriliseerd, zodat zij zich niet meer kunnen voortplanten.
De lijst van stichting Dierenhulp wordt aangevoerd door Griekenland. Vooral de slechte behandeling van gezelschapsdieren, landbouwdieren en zwerfhonden is daar een structureel probleem. Daar komt de slechte economische toestand nog eens bovenop: dat komt de dieren niet ten goede. Spanje bezet nummer twee, want daar wordt stierenvechten zwaar meegerekend. De top tien telt zes Europese landen.
Opvallend is bovendien dat Nederland is gestegen naar een zesde plek. Nederland scoort vooral hoog in de categorie bedrijfsmatige dierenmishandeling. De uitwassen van de bio-industrie zijn hier de voornaamste reden voor. De lijst komt jaarlijks tot stand op basis van meldingen van toeristen, dierenartsen, mediaberichten, collega-organisaties en eigen waarnemingen. (Ivo Evers/dWT/foto: Claudio Barker)
10 april 2010
‘Surinamers hebben milieuvervuilende cultuur’
Paramaribo - Flesjes, snoeppapieren, bekers, blikjes, zakdoeken, lege sigarettenpakjes tot zelfs kapotte schoenen toe. De straten en grachten van Suriname bieden een troosteloze aanblik. Een massa-evenement zoals de avondvierdaagse schijnt daar geen verandering in te zullen brengen.
Vele deelnemers hebben een waterflesje in de hand en weten niet altijd wat ze ermee moeten als het leeg is. En de toeschouwers aan de kant kijken graag met wat versnaperingen naar de mars. De lege papiertjes toevertrouwen aan de grond, lijkt dan de makkelijkste oplossing.
Aan de start van de derde dag van de wandeling doet BVSS-voorzitter Purcy Olivieira dan ook een algemene oproep aan de lopers. “Wandelaars, u hebt een zak bij, deponeer de lege flesjes daarin. Kijk maar eens hoe ‘mooi’ de straten na de vierdaagse zijn. Ik vraag ook aan de toeschouwers dat ze hun vuil bijhouden.
Aan hen worden eveneens zakken uitgedeeld en volle vuilniszakken kunt u aan de kant zetten, die worden sowieso opgehaald.” Een duidelijke boodschap die ook is omgevormd tot een wandelreglement. Reglement 26 zegt: ‘Help mee aan een schoon milieu, het is verboden de openbare weg te gebruiken als een vuilnisvat.’
Toch wil Olivieira niet horen dat de avondvierdaagse (AVD) voor extra vuil op de weg zorgt. Hij meent: “Surinamers hebben een milieuvervuilende cultuur, dat heeft niets met de wandelmars te maken. De wandeltocht is niet de oorzaak van het vuil, de overheid moet zorgen dat de straten netjes liggen.”
Volgens de voorzitter wil de BVSS een voorbeeldfunctie hebben en bijdragen tot een milieubewuster Suriname. Dat doet ze onder meer ook door op de brochures van de wandelroutes ‘Houdt uw omgeving altijd schoon’ te vermelden. Ondanks de vele inspanningen lijkt dat toch niet echt te lukken.
Toeschouwer Marion is behoorlijk ontevreden over het vuil in de Surinaamse straten. “Het is echt niet mooi om te zien. Wij, Surinamers, maken ons eigen land vies. Ook na de wandelmars is er veel meer afval. Ik denk niet dat de BVSS nog meer kan doen. Het zijn vooral de mensen aan de kant die hun rommel laten slingeren.”
Een andere bewonderaar, Gielschermo, is gematigder. “De overheid doet haar best. Het kan beter, maar ik denk wel dat men daar in de toekomst werk van maakt.
Ook de AVD heeft goeie maatregelen genomen, misschien kunnen ze echter meer vuilniskannen zetten. Met zakken sleuren is immers lastig.” Anderen vinden het dan weer best meevallen. De Schot Graeme Duke is op reis met zijn backpack door heel Zuid-Amerika. Hij is uiterst blij om de wandelmars te zien.
“Het is leuk om zo’n groot evenement mee te maken. En ik denk niet dat het erg nadelig is voor de natuur. Als er net na de vierdaagse wordt schoongemaakt dan is alles weer zoals tevoren. Maar dan moet de overheid er natuurlijk wel werk van maken.
Eerlijk gezegd, de andere Zuid-Amerikaanse landen doen het slechter.” “Het vuil stoort mij stierlijk. Ik wil de straat even mooi zien als mijn kantoor. Alleen heb ik hiervoor personeel en heel de stad opruimen kunnen ze niet”, lacht voorzitter Olivieira. (Sharon Buffel/dWT)
7 april 2010
Vervuiling rond badplaatsen blijft
‘Borden helpen niet'
APURA/PARAMARIBO - “Het zijn de mensen die in Paramaribo wonen die het doen! Al zeg ik: Als je in mijn district komt gedraag je, ze luisteren niet! Het is een ellende.
De fotto-mans gedragen zich als agu's”, ergert districtscommissaris Raymond Landbrug van Sipaliwini zich. De krant wijst hem op de afval langs de Afobakaweg en Weg naar Apoera, die uit de ramen van voertuigen worden gegooid of door dagjes toeristen achtergelaten.
Plastiek cups, borden, bestek en papieren zakken zijn een normaal beeld langs de wegen die naar toeristenoorden en binnenlandse leefgemeenschappen leiden. Tevergeefs wijst aannemer Haukes via een bord ter hoogte van Suralco erop dat de Afobakaweg geen vuilniston is. De tekst: “O Fa! Dies no kan toch! De Afobakaweg is geen afvalton”.
Toch blijven weggebruikers hun afval uit de auto gooien. Grondverzetbedrijf SEMC probeert dat langs de Weg naar Apoera, waar daggasten hun kamp opzetten langs de rivieren en kreken in West Suriname. Enkelen ruimen bij het opbreken hun vuil netjes op, verzamelen die in een vuilniszak, maar laten de zak dan gewoon langs de weg staan. Velen kijken niet om naar hun rommel en rijden doodgewoon weg.
De meeste wonen in Paramaribo
“De meeste wonen in Paramaribo”, weet Landbrug. “Borden helpen niet. Ik rijd achter een klootzak en elke tien minuten gooit hij iets uit het raam”. Heropvoeding via de jeugd moet verandering in dit gedrag brengen. De school is het instituut bij uitstek, stelt hij.
Ook wetgeving zou enig effect kunnen hebben. Stevige boetes voor elke babypamper, portie bakje die wordt gedumpt langs de weg moet dit gedrag ontmoedigen. Landbrug erkent dat de situatie gênant is tegenover buitenlandse toeristen. Initiatieven vanuit het commissariaat zijn tot nu toe vruchteloos gebleven.
“Ze pissen ertegen aan, ze halen ze weg en maken poorten met de borden of bouwen huizen”. Het binnenland is onbewaakt en materiaal is langs de weg makkelijk weg te dragen. “Thuis doet men dit niet. Waarom in het bos wel”, ondersteunt Marketing Manager Karin Tjon Pian Gi van Stichting Toerisme Suriname de vorige spreker.
Bij afwezigheid van directeur Armand Li A Jong geeft ze aan dat dit gedrag niet alleen beschamend is als buitenlanders geconfronteerd raken met het vuil, maar ook de lokale bevolking heeft hier last van. Tjon Pian Gi gelooft in een gedegen wettelijk kader waarin een integrale aanpak is geregeld. “Anders blijft het verder gaan.” (Fenny Zandgrond/dWT)
1 april 2010
Ontbossing houdt aan
Suriname voorop in behoud
Ontbossing in het binnenland van Suriname blijft vooralsnog beperkt tot voornamelijk de mijn-, wegen- en landbouw.
Paramaribo - Wereldwijd is de ontbossing weliswaar afgenomen, maar in veel landen is de situatie nog altijd zorgwekkend.
Dat schrijft het Voedsel- en Agrarische Programma van de Verenigde Naties, de FAO. Tussen 2000 en 2010 is het meeste bos verloren gegaan in Zuid-Amerika en Afrika.
Dat is zo'n twintig procent van wat in totaal op duurzame wijze gekapt kan worden. In buurland Brazilië is de situatie totaal anders: daar werd in 2006 maar liefst 15,8 miljoen kubieke meter hout geproduceerd. De vuistregel is dat houtkap in Suriname niet mag leiden tot een teruggang van het totale bos.
Op andere gebieden (mijn- en wegenbouw en de agrarische sector, het gebruik door inheemsen) is echter ook sprake van weinig ontbossing, zo stelt de Stichting voor Bosbeheer en Bostoezicht (SBB). De grootste ontbossing is te herleiden naar het midden van de vorige eeuw, met de vorming van het stuwmeer.
Die heeft een oppervlakte van 1.550 vierkante kilometer. In het vorige decennium (2000-2010) ging jaarlijks wereldwijd gemiddeld 130.000 vierkante kilometer bos verloren. Ter vergelijking: heel Suriname heeft een oppervlakte van zo'n 163.000 vierkante kilometer.
De snelheid waarmee de bossen verdwijnen is wel afgenomen. Vooral in 'probleemlanden' als Brazilië en Indonesië is veel succes geboekt. Weliswaar ging 130.000 vierkante kilometer verloren, maar door grootschalige herbebossing werd in totaal ruim 70.000 vierkante kilometer herbeplant.
Dit gebeurde onder meer in China, de Verenigde Staten van Amerika, India en Viëtnam. Netto verdwijnt er jaarlijks 5,2 miljoen hectare, terwijl dat in de jaren '90 nog 8,3 miljoen hectare was.
Wat wel alarmerend is, is het feit dat kaalslag van primair bos ('oerbos') gewoon onverminderd doorgaat. Volgens het rapport betreft ontbossing hoofdzakelijk tropisch bos dat wordt omgezet tot landbouwgrond in Zuid-Amerika, Afrika én Indonesië.
Het gaat om kap van hoofdzakelijk primair bos met een hoge soortenrijkdom (biodiversiteit). In totaal ging de afgelopen tien jaar, volgens de FAO, qua oppervlakte een stuk bos ter grootte van Costa Rica verloren. (Annelies Verhelst/dWT)